75 jaar geleden hielpen de Amerikanen ons bevrijden, én zadelden ons op met de sigaret

75 jaar geleden eindigde de Tweede Wereldoorlog in Europa. Geallieerde soldaten vierden de overwinning met een sigaret in de mond. De bevolking in volle bevrijdingsroes volgde. Amerikaanse tabaksfirma’s maakten er dankbaar van gebruik. Terwijl uitgerekend vijand Hitler een uitgesproken tegenstander van het roken was. 

Het roken van tabak gaat in Europa terug tot de tijd van de grote ontdekkingsreizigers in de 15e en 16e eeuw. Aanvankelijk werd tabak vooral gepruimd. Daarna volgden de pijp en de sigaar. Eind negentiende eeuw commercialiseerden de Amerikaanse bedrijven American Tobacco Company en Philip Morris voor het eerst de sigaret, het rolletje tabak gewikkeld in een dun papiertje.

De oorlog van 1914-‘18 werd de eerste katalysator van het succes van de sigaret. 95% van de Amerikaanse soldaten die zich in de strijd mengen, rookten. Tot dan pruimde de Europeaan zijn tabak, rookte de pijp of produceerde zorgvuldig sigaren. Maar  meteen na de oorlog kende de sigaret een eerste doorbraak. De Amerikaanse generaal John Pershing stelde zelfs dat tabak even belangrijk was als kogels om de oorlog te winnen. 

Van pruimtabak tot sigaret

De sigaret werd pas goed een massaproduct na de Tweede Wereldoorlog, en opnieuw had de oorlog er alles mee te maken. De roes van de bevrijding en de symboliek van de rokende en overwinnende geallieerde soldaten deden de massa overstag gaan. “De Eerste Wereldoorlog maakte de sigaret populair”, aldus historica Els Veraverbeke in “De wereld vandaag”. “Maar het was na 1945 dat de Amerikaanse en ook Britse tabaksfabrikanten de sigaret volop konden commercialiseren.”

En dat terwijl de verslagen vijand niet moest weten van het roken. Adolf Hitler was een notoir tegenstander van sigaretten. De Duitse führer rookte niet, de Italiaanse fascistische leider Mussolini evenmin. De nazi’s vonden dat roken niet strookte met het beeld van de “übermensch”. In hun propaganda werden joden of zigeuners soms doelbewust al rokend afgebeeld. 

"Elke sigaret is een schot in je hart"

“De eerste onderzoeken naar de negatieve effecten van roken zijn gedaan door de nazi’s”, weet Els Veraverbeke, conservator bij Het Huis van Alijn in Gent. “In de jaren dertig legden Duitse onderzoekers een duidelijke link tussen roken en gezondheid. Waarna de conclusie snel gemaakt was dat roken niet bij een gezond Arisch lichaam hoort.”

De Duitsers gebruikten tijdens de oorlog al slogans in prenten of posters: “Elke sigaret is een schot in je hart” of “Niet-rokers leven statistisch langer”. Els Veraverbeke: “Pas in de jaren ’50 werden in een officieel aanvaard wetenschappelijk onderzoek de nadelige gevolgen van roken als bewezen geacht.  Niemand had er toen echter oren naar. In de nasleep van de oorlog werd de sigaret bliksemsnel populair met in België een hoogtepunt in de jaren ’60. Tabaksfirma’s misleidden het publiek met reclames en onderzoeken. Of met de filtersigaret waarvan beweerd werd dat ze geen kwaad kon. Het zou tot de jaren ’90 duren voor de strijd tegen tabak vruchten begon af te werpen en de mentaliteit wijzigde.”

Meest gelezen