"Het culinaire leven achter het front was beter dan in de loopgraven"

In Vlamertinge, bij Ieper, is op een nieuwe verkaveling een Brits B-camp opgegraven. In een B-camp verbleven soldaten even voor ze naar het front trokken of als ze terug mochten keren naar huis.

Dat B-camp in Vlamertinge lag op zo een 10 kilometer van het front. Bovengronds, waardoor er veel minder is bewaard dan in de loopgraven. Wat wel achterbleef zijn de afvalputten waarin voedselresten werden gedumpt. Dat geeft een beeld van het voedselpatroon van de soldaten in zo een B-camp.

Engelse saus

Op de foto is veel roestkleurig afval te zien. In de putten lagen veel blikjes. Het zwart is te verklaren doordat het afval regelmatig in brand werd gestoken.  Opvallend in het afval zijn ook de flessen met typische sausen die Britten gebruiken om hun kost op smaak te brengen. Er is de HP-sauce op basis van moutazijn en ook veel pikante OK-sauce. Verder ook heel wat lege flessen, wijn, rum en likeur.

Al die voedingswaren zijn veel minder te vinden in de frontlinie. Het culinaire leven was in zo een B-camp duidelijk beter dan in de loopgraven, zegt archeoloog Raph De Brandt: "Aan het front moesten ze het doen met eentonige militaire kost, maar in dat B-camp was er een grotere variatie. Ze hadden ook kantines die bevoorraad werden met ingrediënten die rijker en smaakvoller waren. Dat maakte alvast het leven culinair wat aangenamer dan in de loopgraven."