Racisme bestrijden vereist staatsmanschap van onze politici

Maatschappelijk assistent Michelle Ginée merkt op dat onze politici er onvoldoende in slagen om signalen uit de samenleving over racisme te capteren en er iets mee te doen.

opinie
Michelle Ginée
Maatschappelijk assistent

"Breng me eens een lijst met adressen die je hebt bezocht, maar die je niet mocht huren", zei ik tegen mijn Palestijnse cliënt.  En twee dagen later kreeg ik een mooie tabel met een schrijnend aantal van 43 adressen. 43 verhuurders die mijn cliënt hadden geweigerd. De tijd drong want hij, zijn vrouw en kind moesten hun woning verlaten omdat die gerenoveerd zou worden. Met tranen in de ogen keek hij me aan. Ik wist niet wat antwoorden.  Een andere cliënt van Ghana werkte al 13 maanden met dagcontracten. Hij durfde niet eentje overslaan. Zijn collega's met Vlaamse roots hadden ondertussen allemaal al een vast contract gekregen. Behalve hij.

Ik kan ondertussen een boek schrijven over institutioneel racisme en hoe het mensen letterlijk minder kansen geeft omwille van hun naam. Bij het OCMW houden we geen rekening met je naam, enkel met je verblijfspapieren. Dat geeft iedereen evenveel rechten. Maar vanaf dat iemand met andere roots evenveel rechten heeft als een Vlaming, is dat voor sommigen al een reden om het te benoemen als positieve discriminatie. Ook dat is racisme. 

Politieke recuperatie

Racisme en discriminatie zijn allomtegenwoordig en het is heel erg dat de dood van een Afro-Amerikaan nodig bleek om het een en ander in gang te zetten. Die man is helaas nu twee weken overleden. Twee weken waar ik quasi elke politieke partij  (op eentje na dan, ik hoef ze jullie niet meer voor te stellen) de handen vol zag hebben met tweeten dat #blacklivesmatter of gretig getuigenissen van Vlamingen die met discriminatie te maken hebben gekregen, zag delen. Elke partij met de eigen nuance. De ene vindt racisme gewoon niet kunnen, de andere wil dan weer nuanceren, nog een andere partij veroordeelt racisme en tegelijk pleit een van de parlementsleden voor samenwerken met het Vlaams Belang. 

De afgelopen twee weken waren geen fraai schouwspel. Een kwaadwillige zou denken dat elke partij op zijn manier een graantje wil meepikken. Op een enkeling na (Alexander De Croo, Open VLD) was er naast het gebrul op sociale media geen enkel politicus die het heft in handen nam en begon te timmeren aan een plan om het institutioneel racisme en discriminatie uit onze samenleving te weren. Nochtans zijn politici van parlementairen tot ministers wel diegene die we exact daarvoor betalen. Om signalen uit de samenleving te capteren en er iets mee te doen.

Wie kwaadwillig is, zou denken dat elke partij op zijn manier een graantje wil meepikken

Stel je voor als dat wel was gebeurd. Als een aantal politici elkaar over de partijgrenzen heen hadden gevonden en zouden samenwerken rond een probleem dat zo zichtbaar aan de oppervlakte drijft. Als politici, net zoals Evita Willaert (parlementslid, Groen), met andere vrouwen samenwerken om ervoor te zorgen dat vrouwen die ziek worden vlak voor de bevalling geen bevallingsrust moeten inleveren. Of zoals John Crombez  (SP.A) en Valerie Van Peel (N-VA) met elkaar zijn gaan samenwerken om ervoor te zorgen dat kindermisbruik niet meer kan verjaren. 

Stel je voor dat jongeren achter de Black Lives Matter-beweging vanuit de politiek het signaal hadden gekregen dat ze gehoord worden en dat ze ermee bezig zijn. Of dat jongeren ook kunnen meewerken aan dat plan.

Geen gehoor

Dan hadden er geen tienduizend mensen op straat gestaan in Brussel, dik opeengepakt midden in een pandemie. Want dan was er geen actie nodig geweest om gehoord te worden door politici. Dan hadden ze de rellen in de kiem kunnen smoren. En belangrijker: dan had een gifspuiende partij als het Vlaams Belang niet opnieuw munitie gekregen om te doen wat ze nu al jaren doen: onze maatschappij laten verzanden in racisme en polarisering.

Scoren lijkt het enige te zijn waar politici nog mee bezig zijn 

Maar mijn droom is helaas geen werkelijkheid geworden. De werkelijkheid is dat er gisteren 10.000 mensen veel te dicht tegen elkaar stonden dan wat wenselijk is tijdens deze coronacrisis. En dat een groepje mensen handig misbruik hebben gemaakt van de situatie om te beginnen plunderen in de Brusselse binnenstad.

En zo snel als politici de afgelopen twee weken waren om racisme te veroordelen en er vervolgens niets mee te doen. Zo snel zijn ze nu om de protestactie tegen racisme te veroordelen, zich boos te maken op de Brusselse politiek en het Vlaams Belang een open doel te laten om te scoren. 

Want scoren dat lijkt het enige te zijn waar politici nog mee bezig zijn. Surfen op de waan van de dag. Gisteren was dat tegen racisme, vandaag tegen relschoppers en morgen zijn de virologen misschien weer kop van jut. Er is niemand bezig met een visie, met een plan, met de reden waarom men aan politiek doet. Het is een groot populistisch theater van likes en in de aandacht lopen. 

Ik las recent nog een tweet van een politicus die schreef dat actiegroepen zoals Black Lives Matter of Youth For Climate lui zijn omdat ze geen politiek plan voorleggen. Ik denk dat hij ergens een punt heeft, dat wij burgers onze toekomstplannen zelf moeten schrijven want uit politieke hoek hoeven we duidelijk niets meer te verwachten.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.

Meest gelezen