Van zijn stalen ros gebliksemd

Louis van Dievel, schrijver en journalist, schrijft elke week over de kleine en grote actualiteit. Vandaag kijkt hij op eigenzinnige manier naar het opnieuw openstellen van kerken voor gelovigen na de versoepeling van de coronamaatregelen.

opinie
Louis Van Dievel
Louis van Dievel is schrijver en journalist. Hij was journalist bij VRT NWS.

Het was vrijdag de dertiende, ik zal het nooit vergeten. Wij zaten bijeen in de pastorie om de zondagsmis voor te bereiden toen de pastoor telefoon kreeg. Van het bisdom. Wij zagen hoe alle kleur uit zijn gelaat wegtrok en hij zich aan de commode moest vasthouden. Het was de dag dat de bisschoppen besloten hadden om alle kerkdiensten op te schorten. Tot “het” over zou zijn.

‘Vrienden,’ zei de pastoor toen hij opnieuw een beetje bij zijn positieven was, ‘er wachten ons moeilijke tijden. Juist nu we God het meest nodig zullen hebben, blijft Zijn Huis gesloten.’

Kerkelijke lockdown

Zondagmorgen stonden er wel vijftig mensen aan de gesloten kerkdeur. Er heerste onbegrip voor de kerkelijke lockdown.

‘Dat ze de cafés sluiten, daar kan ik nog inkomen,’ zei iemand, ‘maar dat we niet meer naar de kerk mogen gaan, vind ik er zwaar over.’

Een plezanterik vroeg zich af waarom de pastoor geen lockdownparty in de parochiekerk had georganiseerd.

 ‘Maar niet met miswijn hé!’

Meneer pastoor lachte eens groen. Hij was voor de eerste keer in zijn leven in bed blijven liggen op zondagochtend, en was er ongeschoren en met ongekamde haren bij komen staan.

Een paar pilaarbijters wilden “ondergronds” gaan, gelijk heel lang geleden de christenen moesten doen onder het Romeinse gezag, en in het geheim missen laten opdragen bij de mensen thuis, achter de gesloten blaffeturen.

Dat vond meneer pastoor maar niks.

‘Geduld, beminde gelovigen,’ zei hij. Waarna hij ging aanschuiven bij de bakker.

In de genen

De weken gingen voorbij. De kerk bleef op slot. Ik had wel een sleutel omdat ik een beetje voor koster speel, maar ik beperkte mij algauw tot een controle van deuren en ramen en een snelle poetsbeurt. Toch bleven er iedere zondag gelovigen opdagen voor de hoogmis, hopend op een mirakel. Als dat in de genen van de mensen zit, is dat er niet uit te branden, ziet ge.

De pastoor schafte zich een racefiets aan en ging in een koerstrui van Kerknet.be de streek verkennen. En terwijl wij van het parochieteam iedere week met gespannen aandacht de nieuwe maatregelen van de Nationale Veiligheidsraad volgden en de gevolgen voor onze zondagsmis inschatten, ging meneer pastoor vogels spotten in De Liereman. Hij was precies de focus een beetje kwijt.

Geduld beloond

Maar verleden week werd ons geduld beloond, eindelijk beloond. De kerken mochten opnieuw open! Wij snelden naar de parochiekerk om de deuren en ramen tegen elkander open te zetten en gezonde, frisse lucht binnen te laten. Vervolgens hingen wij aan de bel bij de pastoor, wild enthousiast en vol plannen om er opnieuw tegenaan te gaan.

‘Laat de klokken luiden, dat iedereen het weet!’ riep er een.

‘Iedere dag een mis!’ stelde een andere voor, ‘om de schade in te halen.’

‘Een processie!’ opperde een derde, ‘om Ons Heer te danken.’

Meneer pastoor reageerde maar lauw, en ik druk mij nog voorzichtig uit. Terwijl hij in zijn beginnende hipsterbaard krabde, somde hij al de beperkende maatregelen op die voor de eredienst zouden gelden: tien vierkante meter per kerkganger, drie meter afstand houden van de priester, geen gezang, geen handen schudden, een mondmasker dragen, …

‘Zo is er toch niks aan,’ zei de pastoor.

Om eerlijk te zijn gebruikte hij een andere uitdrukking die ge normaal niet van een priester verwacht.

Coronalethargie

Enigszins ontmoedigd gingen wij een glas drinken in het heropende café ’t Centrum.

‘Coronadepressie,’ zei er een.

‘Coronalethargie,’ zei een andere.

‘Stockholmsyndroom,’ zei een derde die niet wist waarover hij het had.

‘Wassen met eau de javel,’ riep de cafébaas die aan zijn glazige blik te zien ook wat achterstand in te halen had.

Mistroostig keken wij uit het raam. Wat wij toen zagen, zult ge niet willen geloven, maar het is de ware waarheid. Meneer pastoor passeerde op zijn koersfiets en werd voor onze ogen door de bliksem getroffen, gelijk in zijn tijd Paulus door de Heer van zijn paard werd gebliksemd en Het Licht zag. Verdwaasd krabbelde de pastoor overeind, keek naar zijn gebroken kader en zijn gebogen voorwiel. Er verscheen een ongewoon licht in zijn daarstraks nog doffe ogen.

‘Luid de klokken! riep hij de mensen toe die na de knal de straat op kwamen gelopen, ‘vanaf nu is er alle dagen mis en ’s zondags gaat de processie uit. Hallelujah!’

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.

Meest gelezen