Een koolmees op een voedersilo.
Johan Nilsson

Vogels voederen in de winter helpt vooral de vrouwtjes

Vrouwelijke vogels hebben meer voordeel bij extra voeding in de winter dan mannetjes, het lijkt er zelfs op dat zij de enige zijn die er van profiteren. Dat blijkt uit een studie bij koolmezen in Zweden. Als de vrouwtjes bijkomend eten krijgen, moeten ze 's nachts hun lichaamstemperatuur minder verlagen en dat vergroot hun kansen om de koude nachten te overleven.

Vogels zijn bijzonder goed in staat om hun lichaamstemperatuur te regelen. Tijdens koude winternachten verlagen ze hun temperatuur met meerdere graden om energie te sparen en hun overlevingskansen te vergroten. Dat is echter een tweesnijdend zwaard want het nadeel daarvan is dat de vogels meer lethargisch worden en het risico lopen een makkelijke prooi te worden voor roofdieren. Het beste is dus dat ze hun lichaamstemperatuur niet al te erg moeten verlagen.

Nu hebben onderzoekers van de Zweedse Lunds universitet aangetoond dat bijkomende voeding in de winter gunstig is voor koolmezen, althans voor de vrouwtjes. De vrouwtjes die toegang hadden tot extra voeding in de winter, verminderden 's nachts hun lichaamtemperatuur niet zo sterk als vrouwtjes die geen bijkomende voeding hadden gevonden. Daardoor waren ze in staat om alerter te blijven en liepen ze minder kans om ten prooi te vallen aan nachtelijke jagers.

Een staartmees op een halve kokosnoot, gevuld met vet en zaadjes.

Dominante mannetjes

Bij de mannetjes van de koolmees vonden de onderzoekers geen verschil in de mate waarin ze hun lichaamstemperatuur verminderden, of ze nu bijkomende voeding hadden gekregen of niet. 

"We denken dat dit komt omdat de mannetjes dominant zijn, en ze erin slagen om voldoende voedsel te bemachtigen, onafgezien van hoeveel er beschikbaar is. De vrouwtjes daarentegen zijn ondergeschikt en hebben niet als eerste toegang tot voedsel. Als er maar een beetje voedsel is, hebben de mannetjes voorrang en zorgen ze ervoor dat ze genoeg eten om een hoge lichaamstemperatuur te kunnen handhaven", ze Johan Nilsson, een bioloog aan de universiteit en de corresponderende auteur van de studie.  

De studie werd uitgevoerd in de winter in Vombs Fure, een bos met naaldbomen in de buurt van Lund. In een deel van het bos hingen de onderzoekers voedersilo's, in een ander deel kregen de vogels geen bijkomende voeding. De onderzoekers maten en vergeleken vervolgens de lichaamstemperatuur 's nachts van de vogels. 

Johan Nilsson wijst erop dat de studie uitgevoerd werd in een bos, en dat het dus niet zeker is of het voeden van vogels in steden in het algemeen altijd goed is. 

"Wat we met zekerheid kunnen zeggen, is dat vrouwtjes in de natuur er voordeel bij hebben dat ze in de winter gevoed worden", zo zei hij. 

De studie van Nilsson en zijn collega's is gepubliceerd in Biology Letters. Dit artikel is gebaseerd op een perstekst van de Universiteit van Lund.  

Meest gelezen