Saneringswerken van Fort Sint-Filips
Alexander Dumarey

Bloedige plekken: de totaal krankzinnige poging van Antwerpen in 1585 om uit de greep van de Spanjaarden te komen

Plekken in Vlaanderen waar voorbijgangers niet beseffen dat ze geschiedenis onder hun voeten hebben: in de reeks “Bloedige plekken” ontdekken VRT-journalist Jos Vandervelden en fotograaf Alexander Dumarey de plaatsen waar ooit bloed vloeide, waar mensen een gewelddadige dood stierven. Maar waar de sporen van de geschiedenis zo goed als weggevaagd zijn. Vandaag: de moordende brug over de Schelde waar 800 Spanjaarden de lucht in gingen.

De bocht van de Schelde, midden in de haven van Antwerpen, stroomafwaarts van de stad. Op de rechteroever ligt Fort Sint-Filips in de schaduw van de petroleumraffinaderijen van Total. Het fort was verworden tot een chemisch stort en ondergaat op dit ogenblik een grootscheepse saneringsoperatie. Op de linkeroever, ter hoogte van het ingesloten havendorpje Kallo liggen de grachten en omwallingen van Fort Sint-Marie. Hier hebben natuur en geschiedenis wel respect gekregen. Maar het blijft onvoorstelbaar dat er op deze plek, bijna 450 jaar geleden een fenomenale maar moordende brug lag die beide forten verbond.

Terreinen van de petroleumraffinaderijen van Total
Alexander Dumarey

Opstand en reconquista

Antwerpen was in de zestiende eeuw de welvarendste havenstad van noordelijk Europa. De haven bracht Antwerpenaren in contact met ideeën uit de hele wereld. De stad groeide uit tot het centrum van de opstandige Nederlanden. In 1576 kwam in Antwerpen zelfs een calvinistisch bewind aan de macht. De stad radicaliseerde en riep de republiek uit. De katholieke Spaanse koning Filips II besloot de opstanden in zijn Habsburgs rijk de kop in te drukken. De Italiaanse veldheer Alexander Farnese, landvoogd en later hertog van Parma, kreeg het bevel van deze "reconquista".

In 1584 begon Farnese de omsingeling van Antwerpen. Sluipend had hij verschillende Vlaamse en Brabantse steden veroverd. Spaanse en Italiaanse officieren zwaaiden de plak over troepen met vooral Vlaamse soldaten uit het versplinterde zuiden van de Nederlanden. Farnese wilde Antwerpen isoleren en uithongeren door de Schelde af te snijden. Maar daarvoor moest hij de kanonnen van de oninneembare forten van Liefkenshoek en Lillo uitschakelen. Omdat hij daar niet in slaagde, bouwde hij twee nieuwe forten in een Scheldebocht dichter bij de stad: Sint-Marie op de linkeroever, Sint-Filips op de rechteroever. 

De schipbrug aangelegd door Farnese over de Schelde - Romeyn de Hooghe, 1670
Rijksmuseum Amsterdam

De rivier was in deze bocht minder diep en smaller, de beste plek voor een indrukwekkend strategisch plan. Tussen beide uiteinden van de Scheldebocht bouwden de Spanjaarden een pontonbrug van 731 meter. Duizenden bomen werden in het Waasland geveld en in de Schelde geheid. Waar de Schelde op haar diepst was werden 32 schepen aan elkaar bevestigd. Deze platbodems waren in allerijl in Dendermonde gebouwd. Over het geheel werden planken bevestigd die als bodem voor kanonnen en als loopdek dienst deden. In zes maanden werd de brug gebouwd. Zo sloot "El puente de Farnese" de Schelde op 25 februari 1585 hermetisch af. Voedselbevoorrading van Antwerpen werd voortaan moeilijk en de aanvoer van troepen uit de Nederlanden over het water onmogelijk.

Brandschepen met buskruit

De Antwerpenaren waagden zich aan enkele onbevreesde uitbraakpogingen. De "Fin de la guerre" was een enorm drijvend vlot van aan elkaar gehechte balken met talrijke schutters en kanonniers. Het vaartuig moest de uitbraak forceren maar was onbestuurbaar en liep vast in het slib. Draconischer  was de onderneming van Frederico Gianibelli, een ingenieur en uitvinder die al een tijd in Antwerpen verbleef. Hij stouwde twee grote schepen, De Hoop en De Fortuin vol met buskruit. De brandschepen liet hij afdrijven naar Farnese's brug met in het zog nog kleinere platbodems, ook al met kilo's buskruit gevuld.

Ontploffing van de schipbrug over de Schelde - Romeyn de Hooghe, 1727

De Fortuin explodeerde op de linkeroever. De Hoop bereikte wel de brug en sloeg een bres. Een deel van de brug werd vernield maar de Antwerpenaren misten een vloot met manschappen om de strijd te beslechten. De ontploffingen hadden het leven gekost aan, naargelang de bron, 800 tot 1000 Spaanse soldaten. Maar de Schelde bleef afgesloten en de Antwerpse voedselvoorraden geraakten helemaal uitgeput. Op 17 augustus tekende Filips van Marnix van Sint-Aldegonde de overgave van Antwerpen namens het stadsbestuur.

De val van Antwerpen zorgde voor een uittocht van een groot deel van de bevolking naar het Noorden. Het conflict tussen het Spaans-katholieke zuiden van de Nederlanden en het gereformeerde Noorden zou nog decennia doorgaan. De brug van Farnese was overbodig en werd afgebroken. De forten bleven bestaan en werden deel van de Staats-Spaanse linies tussen noord en zuid.

Bekijk hier een fragment uit Labyrint uit 1985 over de Farnesebrug

Video player inladen...

Links recreatie, rechts afval

Fort Sint-Filips en Sint-Marie liggen nog op exact dezelfde plaats maar de huidige bakstenen constructies dateren van later. De aarden en houten maaksels van Farnese liggen waarschijnlijk als fundamenten onder de nieuwe forten die in de negentiende eeuw werden gebouwd. Beide forten werden opgenomen in de Brialmontomwallingen, een verdedigingsgordel van forten rond Antwerpen. Nog lange tijd hadden de forten militaire functies, maar ze zijn nog amper het toneel geweest van regelrecht oorlogsgeweld.

Saneringswerken van Fort Sint-Filips
Alexander Dumarey

Fort Sint-Marie was tot voor kort nog een marinebasis, maar haar toekomst is vooral recreatief. Het fort ligt op de route van wandelaars en fietsers en krijgt een jachthaven. 

Heel anders is het Fort Sint-Filips vergaan. Van de jaren '50 tot de jaren '70 werd de site als stortplaats voor de petrochemische nijverheid gebruikt. Uit documenten van het stadsbestuur zou blijken dat er 48 miljoen liter industrieel afval is gestort. De bakstenen krochten en gewelven werden ooit door een krant beschreven als "de ingang van de hel".

Saneringswerken van Fort Sint-Filips
Alexander Dumarey

De Antwerpse haven werkt momenteel aan de sanering van het fort. Het vervuilde deel van de site wordt ingekapseld onder een betonnen sarcofaag. De chemische verontreiniging had zulke proporties aangenomen dat afgraven niet meer mogelijk was. Met ondoordringbare betoniet-cement wordt het fort niet alleen van boven, maar ook vanonder geïsoleerd. Toch zullen de sporen van Fort Sint-Filips niet verdwijnen. Kunstmatig worden de vormen van het fort bovengronds gereconstrueerd met grond. Het resultaat zal mogelijk weer lijken op de veredelde schans die Farnese en zijn leger in de zestiende eeuw optrok.

Volg onze fotograaf op Instagram

Meest gelezen