Alexander Dumarey

Bloedige plekken: in de eenzame velden van Neerwinden vond de afgrijselijkste slachting van de 17e eeuw plaats

Plekken in Vlaanderen waar voorbijgangers niet beseffen dat ze geschiedenis onder hun voeten hebben. In de reeks “Bloedige plekken” ontdekken VRT-journalist Jos Vandervelden en fotograaf Alexander Dumarey de plaatsen waar ooit bloed vloeide, waar mensen een gewelddadige dood stierven. Maar waar de sporen van de geschiedenis zo goed als weggevaagd zijn. Vandaag: tienduizenden zinloze oorlogsdoden bij een dorp dat ongevraagd in het strijdperk lag.

Neerwinden ligt in het Vlaams-Brabantse deel van Haspengouw, tussen Tienen en Landen. Tussen de vele kleine dorpskernen strekt zich een glooiend land uit met weidse akkers en landbouwwegen. Het is een kaal stukje Vlaanderen waar niets nog de wrede geschiedenis verraadt. Grote legers trokken meermaals door deze streek. Het was de doorgang naar het noorden, tussen het amper bewoonde Limburg aan de ene kant en de grote steden aan de andere kant. Neerwinden en omgeving hadden voor maarschalken en generaals alles om hun militaire instincten bot te vieren. Het terrein was golvend en open, en doorsneden door de riviertakken van de Kleine Gete, ideaal voor tactische krijgskunst.

De kleine Gete
Alexander Dumarey

Liga contra de Fransen

Op 29 juli 1693 stonden twee legers klaar voor een indrukwekkende krachtmeting. In het noorden had een troepenmacht van ruim 50.000 man een defensieve stelling gebouwd tussen de dorpen Neerhespen, Laar, Neerlanden, Dormaal en Eliksem, en met een sleutelpositie voor Neerwinden. Willem III van Oranje-Nassau leidde de Liga van Augsburg, een monsterverbond met soldaten uit de Nederlandse Republiek, Engeland, Spanje, Zweden, Beieren, Hannover en Saksen. De linie was opgebouwd uit schansen met kanonnen. Ze lag ten zuiden van de Kleine Gete, die als dekking moest dienen. Inderhaast waren bruggen aangelegd. De rivieroevers waren toen nog niet drooggelegd en hadden moerassige en moeilijk doorwaadbare plaatsen.

De legermacht die zich ter hoogte van Landen in het zuiden had verzameld, was nog groter. Maarschalk de Luxembourg voerde ongeveer 75 000 Fransen aan. Zijn rechtstreekse opdrachtgever was koning Lodewijk XIV. De niet te stoppen expansiedrift van de Zonnekoning had de andere West-Europese landen verenigd. In juli 1693 waren de graafschappen Henegouwen en Namen al bezweken voor het Franse leger. Nu streefde Lodewijk XIV naar de aanhechting van de Nederlandse Republiek.

Maarschalk de Luxembourg vestigde zich in Landen. Zijn leger had gereputeerde cavalerie en infanterie in dienst. Ze hadden hun sporen verdiend in het steeds meer gemilitariseerde Frankrijk. In de vlakte ten westen van het stadje stelde Luxembourg een aanvalslinie op van ruim acht kilometer.

"De foederatis ad Nervindam"

De slag van 29 juli 1693 was kort en meedogenloos. Hij zou de geschiedenis ingaan als een van de grootste slachtingen van de eeuw. Historische bronnen spreken over 20 tot 30.000 doden. Het Franse leger dreef de geallieerden al snel terug tot tegen de Kleine Gete. Nog voor Willem III de aftocht blies over de bruggen van de Gete stierven duizenden onder het artillerievuur en in lijf-aan-lijfgevechten. Latere historische bronnen vertellen dat de Fransen hun lijken nog hebben kunnen begraven. Maar de menselijke resten van het gevluchte geallieerde leger zorgden voor een gruwelijke stank die over het land trok.

Alexander Dumarey

Neerwinden en enkele andere kleine dorpen lagen midden in het front. Het aantal burgerslachtoffers was groot, al waren velen tijdig gevlucht. Huizen en oogsten waren vernield en de volgende jaren zou de streek bijna volledig ontvolken, terwijl Lodewijk XIV zijn overwinningsmunt liet slaan. "Ludovicus Magnus Rex Chistianissimus" won van "De foederatis ad Nervindam", de geallieerden bij Neerwinden.

Zinloos bloed

Als bloedvergieten al ooit zin zou hebben, bleek het bloed van de Slag bij Neerwinden totaal nutteloos en krankzinnig. Het enorme leger van Lodewijk XIV was een reus op lemen voeten. Zijn militaire middelen waren ontoereikend voor zijn waanzinnige ambitie en tegelijk sukkelde Frankrijk in een economische crisis.

In 1697 werd de Vrede van Rijswijk gesloten. Ze maakte een einde aan negen jaar oorlog in het westen van Europa. Frankrijk moest het grootste deel van zijn veroveringen teruggeven. De Republiek der Nederlanden kreeg het recht om zich opnieuw te legeren in de Zuidelijke Nederlanden, en dus ook de streek van Landen.

De ellende was nog niet voorbij voor het land rond Neerwinden. Precies honderd jaar later werd opnieuw bewezen dat het een buitengewone plek was om militaire geschillen uit te vechten. Vrijwel op dezelfde plek kwam het Frans revolutieleger tegenover een militaire alliantie van Oostenrijkse Habsburgers en Zuidelijke Nederlanders te staan. Deze keer verloren de Fransen in Neerwinden, maar ze kwamen later terug om de Zuidelijke Nederlanden grotendeels aan te hechten. 

Dode geschiedenis

Zou het kunnen dat God vond dat dit oord genoeg geleden had? Vandaag regeert vooral de stilte over de eindeloze akkers. Er is heel veel verbeelding nodig om tussen de plooien van dit golvende land legers van duizenden manschappen voor te stellen. De ruwheid en het militair avontuurlijke karakter van het landschap is weggevaagd door de monotone akkerbouw.

Alexander Dumarey

Ook in de dorpen zijn de slachtoffers, de honger, de plunderingen, de verwoeste oogsten en het barbaarse krijgsgeweld bijna dode geschiedenis. Misschien is het omdat dit niet de oorlog was van deze mensen, maar van een grote wereld die zonder het te vragen deze velden had uitgekozen om oorlog te spelen.

Als de veldslagen dan toch een laatste moment van bezinning mogen hebben, gebeurt dat nog het best in de schaduw van de Heilige Kruiskapel in Neerwinden. De oude kapel - evenwel meermaals heropgebouwd - ligt verlaten in de vlakte en heeft legers zien voorbijtrekken, op weg naar de hel.

De Heilige Kruiskapel
Alexander Dumarey

Volg onze fotograaf op Instagram

Meest gelezen