Minder collecties, virtuele catwalks of andere koopjesperiode: hoe zal Belgische mode-industrie er na corona uitzien? 

Hoe zal de Belgische mode-industrie er na corona uitzien? De mode-industrie is een van de meest vervuilende industrieën ter wereld, dat is al langer bekend en de drang om groener te worden leefde al een tijd bij verschillende ontwerpers en modehuizen. De kans bestaat nu dat  het coronavirus voor een definitieve ommezwaai zal zorgen in het wereldje, omdat het systeem eenvoudigweg onhoudbaar aan het worden is.  Alleen zal de klant zijn koopgedrag dan moeten aanpassen. Niets wordt weer zoals vroeger na corona, zelfs de mode niet.

Snel, sneller, snelst

Modeontwerper Dries Van Noten riep enkele weken geleden al op in een open brief , samen met andere betrokkenen uit de sector, om mode duurzamer te maken: met minder collecties op jaarbasis, minder verspilling van stof en minder nutteloze accessoires. Ook grote modehuizen, zoals Gucci, zetten zich op die lijn.    

Walter Van Beirendonck, ontwerper en hoofd van de Antwerpse Modeacademie is een van de ondertekenaars van de brief. Hij stapte jaren geleden al uit de ratrace van de modewereld.  “Mode heeft een hels tempo”, stelt Van Beirendonck. “Vooral door de opkomst van de fast fashion - de kleding die op hoge snelheid geproduceerd wordt voor snelle verkoop op grote schaal- en de aanpak van de luxehuizen die meer en meer collecties zijn beginnen uit te brengen”. Waar vroeger twee collecties per jaar de standaard was, brengen luxehuizen en de fast fashion tegenwoordig gemakkelijk vier tot zes collecties uit op jaarbasis. 

Ontwerper Walter Van Beirendonck

De jonge ontwerpster Meryll Rogge uit Deinze, die in het najaar haar eerste collectie lanceert, vindt het tempo ook onhoudbaar: “Vier of zes collecties per jaar is een moordend ritme. Je ziet bovendien ook dat het tot minder creativiteit leidt.”

Niet alleen de ontwerpers, maar de hele industrie zit in hetzelfde schuitje merkt Rogge nog op.  "Stoffen- en kledingfabrikanten moeten nu ook 6 collecties per jaar uitbrengen. Ze hebben continu deadlines boven hun hoofd hangen. Niet alleen de verkopers, maar ook de klanten verwachten om de zoveel weken nieuwe stuks in de winkels en willen nieuwe mode ontdekken."

"Ik denk dat het heel goed zou zijn als we  allemaal op een ander tempo zouden gaan leven en  dat ook de mode daarin zou volgen", zegt CEO van JBC Ann Claes.  " Op het tempo dat we allemaal een beetje in de coronatijd hebben leren kennen. Het zou goed zijn dat we even tot rust komen in plaats van gewoon elke maand nieuwe stuks uit te brengen en maar snel snel, want morgen is de mode van gisteren al helemaal passé. Ik denk dat het beter is als we daar inderdaad leren te vertragen”.

Bekijk hieronder de uitspraken van Walter Van Beirendonck, Edouard Vermeulen (Natan) en Ann Claes  (JBC) en lees verder:

Video player inladen...

Catwalk gaat virtueel

Begin deze zomer werden de modeweken noodgedwongen geannuleerd door corona. Althans de traditionele defilés, want er zijn wél virtuele modeweken doorgegaan in zowel Parijs als Milaan.  Daardoor zijn ontwerpers op zoek gegaan naar andere manieren om hun collecties voor te stellen. Ook de studenten van de Antwerspe Modeacademie kwamen onder leiding van hun directeur, Walter Van Beirendonck, met een digitaal alternatief op de proppen. 

Het wegvallen van de spectaculaire modeshows heeft verschillende  voordelen met zich meegebracht. Een fysieke modeshow van enige allure kost algauw handenvol geld en vraagt dat de verschillende "catwalk-teams" met heel hun hebben en houden de wereld rondvliegen. Door corona was dit niet mogelijk. De teams bleven thuis,  waardoor hun ecologische voetafdruk aanzienlijk verminderde. De ontwerpers zelf moesten ook veel minder diep in hun portemonnee tasten.

De catwalk in Parijs zijn de duurste seconden uit mijn leven. 100.000€ tot 120.000€ voor vijf minuten dat kunnen we zeker niet meer doen in deze omstandigheden. 

Edouard Vermeulen, modehuis Natan

Edouard Vermeulen van modehuis Natan omschrijft een modeshow in Parijs als de duurste seconden uit zijn leven: “100.000 euro voor vijf minuten op de catwalk, dat kunnen we zeker niet meer doen in deze omstandigheden”, zegt hij. “Er zijn nu vele andere manieren om je kleding te presenteren”. Vermeulen kleedt een heleboel leden van onze koninklijke familie, zoals koningin Mathilde en dochter Elisabeth, koningin Paola en ook de Nederlandse koningin Maxima.

Vraag is of je dan nog catwalks of andere reclame nodig hebt natuurlijk. "Je moet toch altijd en overal aanwezig zijn ”, aldus Vermeulen. De invloed  van de sociale media is hem zeker niet ontgaan. Daarom heeft hij een jong team ingeschakeld om zijn ontwerpen op onder meer Instagram in de kijker te zetten. Naar zijn klanten stuurt hij tegenwoordig een virtuele modeshow. Die kunnen de nieuwe collecties dan bewonderen op een tijdstip dat hen past. Het levert hem meteen ook een groter bereik op. 

Ontwerper Edouard Vermeulen links in beeld met prinses Claire die regelmatig Natan draagt
Belga

Ook beginnend ontwerpster Meryll Rogge zal haar allereerste collectie lente/zomer 2021 digitaal presenteren. "Op deze manier kunnen onze kopers de kleding bekijken vanuit hun eigen land." Toch is ze ervan overtuigd dat een modeshow zijn nut heeft, vooral in het luxesegment. "Dus in de toekomst zullen we op beide mikken." 

JBC organiseerde vóór de coronacrisis twee modeshows per jaar:  niet voor z'n klanten, maar voor z'n medewerkers. In februari werd de lente- en de zomercollectie voorgesteld en in augustus  de herfst- en wintermode. Ditmaal werd er met slides en overviews gewerkt. “Je merkt nu dat alternatieven even goed of zelfs beter zijn”, zegt Claes. “De collectie presenteren aan de hand van overviews is bijvoorbeeld veel makkelijker en praktischer, want  je kan korter op de bal spelen."

Bekijk de video en lees verder:

Video player inladen...

Ondanks de virtuele voordelen hebben Parijs, Milaan en New York intussen opnieuw klassieke defilés ingepland voor september. Al bestaat de kans dat die een combinatie worden van traditionele en digitale elementen. 

Draag eens een cactus

Hoewel de kledinglijn van Natan niet in ieders budget past, kan ze wél een inspiratiebron vormen voor anderen. De producten waarmee gewerkt wordt, zijn duurzaam en soms van innovatieve materialen. Zo pakt het merk dit seizoen uit met een opmerkelijke jurk uit Desserto-leder: een hoogwaardig duurzaam leder, gemaakt van cactusplanten en zeer moeilijk te onderscheiden van echt leder. De vegan jurk is vrij van toxische of chemische behandelingen, van plastics én is niet gekoppeld aan dierenleed.

Door aan te tonen dat er ook in het luxesegment alternatieven bestaan,  hoopt Edouard Vermeulen collega’s te motiveren en te inspireren om duurzamer te gaan produceren. Hij wil daarbij niet alleen de mode-industrie, maar ook de meubel- en auto-industrie aanmoedigen. 

De cactusjurk van Natan

Koopjes in augustus en februari

De koopjesperiode is ook een heikel punt binnen de Belgische mode-industrie. Door de coronacrisis verschuift de periode dit jaar van 1 juli naar 1 augustus, zodat kledingzaken langer de kans krijgen om hun stock te verkopen voor de volle prijs.   Het idee leeft nu  om de koopjesperiode permanent naar augustus te verhuizen. “De vakanties beginnen op 1 juli. Mensen vertrekken soms iets later op vakantie. Dus is het voor mij helemaal uit proportie dat je al op 1 juli je zomerkleding  in de solden gaat gooien, want pas dan komt het moment eraan dat je kan beginnen te verkopen”, verduidelijkt Ann Claes van JBC.  

Daarnaast is ook het koopgedrag van de mensen veranderd. Vroeger schaften consumenten hun seizoenskleding enkele maanden of weken op voorhand aan, maar nu wordt de kleding pas gekocht wanneer het nodig is. In die optiek zouden ook de winterkoopjes idealiter verhuizen van begin januari naar begin februari. 

Edouard Vermeulen staat  ook achter een latere koopjesperiode.  Al pleit hij voor een geleidelijke verandering.  “Het probleem is, de mensen zijn dat niet gewoon. De mensen vertrekken op vakantie, die komen terug en denken al aan de wintercollectie".  En dus wil hij de verschuiving liever stap voor stap doorvoeren. Zelf is hij ook van plan om minder kleding in de uitverkoop te doen. Vermeulen streeft ernaar om 30 procent van zijn collectie tijdloos te maken, zodat die niet afgeprijsd hoeft te worden en meerdere seizoenen verkocht kan worden. 

Bekijk de video en lees verder:

Video player inladen...

“Alle ontwerpers gaan akkoord om kleding per seizoen te verkopen, maar het probleem ligt elders”,  vindt Meryll Rogge. “Kledingwinkels vragen om de collecties zo vroeg mogelijk te leveren. Voor de wintercollectie bijvoorbeeld is dit al in juli. Ik denk dat geen enkele designer zijn winterkleding bij 35 graden graag ziet hangen in de winkel”.  

Zolang er geen mentaliteitsverandering is of een soldenperiode streng geregulariseerd wordt, zal het systeem niet veranderen 

 

Meryll Rogge

“Je kan natuurlijk later leveren, bijvoorbeeld eind september,  maar wat gebeurt er dan ? Amper 2 maanden later is het Black Friday en de koopjes zijn weer begonnen. Winkels berekenen bovendien hoe goed je merk verkoopt. Ze baseren hun budgetten voor het volgende seizoen daarop. Je hebt er dus alle baat bij om vlug te leveren dus leg je druk op de fabrikanten. Zolang er geen mentaliteitsverandering is of een soldenperiode streng geregulariseerd wordt, zal het systeem niet veranderen", denkt Rogge.

Collectie Meryl Rogge

Is produceren in Europa haalbaar?

Vele grote internationale modeketens zoals H&M, Zara en ook JBC  kiezen ervoor om te produceren in lageloonlanden.  JBC benadrukt lid te zijn van de"Fair Wear Foundation", een organisatie die zich inzet voor betere arbeidsomstandigheden. De Belgische modeketen produceert in China en Bangladesh, maar ook in Turkije, Litouwen en Italië. 

Ann Claes verklaart deze keuze. "Er wordt vaak over gesproken om opnieuw in Europa of  België te gaan produceren. Ik stel vandaag vast dat het heel moeilijk is om ateliers te vinden omdat ook het vak, echt het vakmanschap, in België een beetje aan het verdwijnen is. Ik merk ook dat er weinig mensen nog in die sector willen werken en achter die naaimachines willen gaan zitten en dat zich dat daarom ook verplaatst naar andere landen."

Edouard Vermeulen heeft wel een eigen naaiatelier in Brussel, maar laat ook kleding produceren in Italië.  Kiezen voor kleding die vakkundig op grote schaal in Europa of België wordt gemaakt is niet evident, getuigen zowel Claes als Vermeulen. 

Bekijk de video hieronder en lees verder:  

Video player inladen...

Consuminderen

In de hele ommezwaai van de mode-industrie is er ook een belangrijke taak weggelegd voor de consument zelf, die duurzamer en tijdlozer moet kopen.  "De mensen moeten meer bewust zijn van al wat er moet veranderen in onze wereld", vindt Edouard Vermeulen die  benadrukt dat mode ook tijdloos kan zijn. 

Een gegeven waar Ann Claes graag bij aansluit. "De consument wisselt zelf heel snel.  Daar ligt voor mij ook een uitdaging.  Dat hij opnieuw happy is om een kledingstuk meer dan één seizoen te dragen.  Daar kunnen wij een rol in spelen door bijvoorbeeld ideeën te geven van hoe kan ik nu die rok van vorig jaar nog combineren. Koop er een nieuw t-shirt of hemdje bij, dit zijn nieuwe modellen, maar je geeft aan je silhouet een hele nieuwe look terug." 

Op die manier is het niet alleen de mode-industrie die verantwoordelijk is voor een definitieve ommekeer, maar gaat het om een gedeelde verantwoordelijkheid, besluit Walter Van Beirendonck. "Het is noodzakelijk dat de consument zijn visie verandert en minder,  maar kwalitatief betere stuks koopt. Dat is meer dan ooit noodzakelijk."