De centrale toets zal ons onderwijs verarmen

De centrale toets die minister van onderwijs Ben Weyts (N-VA) invoert zal scholen tegen elkaar opzetten, zegt oud-schooldirecteur Guido Ooghe. Ze zullen niet bezig zijn met hun leerlingen, maar met het imago van hun school.

opinie
Guido Ooghe
oud-directeur secundair onderwijs

Met een weids gebaar heeft onze minister van onderwijs aangekondigd dat alle Vlaamse leerlingen vanaf 2023 vier maal in hun schoolloopbaan onderworpen zullen worden aan centrale toetsen. Van gebrek aan daadkracht kunnen we de bewindsman – bekend om zijn voluntarisme - zeker niet beschuldigen, maar of hij daarmee een goede beslissing genomen heeft, is nog maar de vraag.

Dat de mededeling er komt midden in de grote vakantie terwijl de helden van de coronacrisis proberen te bekomen van een hels schooljaar, zal wellicht toeval zijn. Maar dit zullen ze niet hebben zien aankomen. Onder welke modaliteiten deze ‘kleine revolutie’ uitgerold zal worden, is momenteel nog onduidelijk. Als oud-schooldirecteur zit ik in elk geval wel met een reeks vragen, bezwaren en bedenkingen. 

Als ik Wouter Duyck (onderwijsexpert UGent, verdedigde de centrale toets op Radio1, red) goed begrepen heb, gaat het hem niet om de leerlingen maar om de school. De centrale toetsen willen meten of de school erin slaagt om de leerlingen de eindtermen bij te brengen. Er zou dus geen - rechtstreeks - effect zijn op de eindbeslissing voor de individuele leerling op het einde van het schooljaar.

Maar mij maak je niet wijs dat de leerkrachten in dat systeem niet  ten zeerste geneigd zullen zijn tot ‘teaching to the test’. Wat onvermijdelijk effect zal hebben op het lerarengedrag. Lees: een sterke focus op goed scoren als school voor de test, met als onontkoombaar gevolg een verschraling van de onderwijspraktijk.

‘Meten is weten’ is de slogan van de voorstanders van centrale examens. Die past uiteraard in het neoliberale denkkader van het verhogen van de output. Het gaat hier immers om het meten van het onderwijsproduct. Maar een school produceert geen beton of legoblokken. Het echte onderwijsresultaat laat zich niet tellen. Het probleem is dat ons onderwijs heel wat niet becijferbare, maar zeker in deze tijd onmisbare affectieve en attitudinale doelstellingen nastreeft, die niet zomaar in een toets te vangen zijn.

Hoe meet je zin voor samenwerking? Hoe toets je sociale en emotionele vaardigheden. Welke meetlat kan je naast burgerzin leggen? Hoe kan je executieve functies zoals zelfsturing afvinken? Hoe scoor je empathie, creativiteit, oordeelsvermogen, morele rijpheid? Hoe bepaal je hoe weerbaar een leerling is tegenover fake nieuws, manipulatie of populisme?

Enkel de klassenraad kan erin slagen om via volgehouden observatie, veel overleg en onderwijservaring benaderend te ‘ont-cijferen’ welke leerwinst een leerling gemaakt heeft op die zo belangrijke, maar nauwelijks meetbare vaardigheden. Die nochtans essentieel zijn voor een vruchtbaar en harmonisch samenleven. 

(lees verder onder de foto)

AFP or licensors

Wat ik overigens niet begrijp, is hoe een productmeting via centrale toetsing te rijmen valt met leerwinst. Het begrip ‘leerwinst’ slaat naar mijn oordeel op de leerwinst van de leerling. Het is nogal wiedes dat er leerwinst moet zijn tussen de vier meetmomenten in een schoolloopbaan.

Waar dienen anders die eindtermen voor? En bovendien zoals hiervoor aangestipt, meet productmeting slechts een fractie van waar een goede school voor staat. Hoe kan je dan spreken van kwaliteitsmeting als je het hele onderwijsproces buiten beschouwing laat?

Akkoord, ik heb als directeur wel eens examens gezien die op toetstechnisch niveau beslist voor verbetering vatbaar waren. Dat was trouwens de reden waarom ik die voor de examenperiode wilde kunnen inzien. Er zou best wat meer aandacht mogen gaan naar een betere opleiding en ondersteuning van de leerkrachten in het veld op het vlak van toetsopmaak.

Anderzijds heb ik als lid van een reflectiegroep bij ijkingstoetsen ook kunnen vaststellen dat toetsspecialisten uit het hoger onderwijs soms te ver van de echte klaspraktijk stonden, waardoor de vraagstelling voor de doelgroepleerlingen soms evengoed in het Koptisch gesteld had kunnen zijn. 

Niet iedereen over de Tourmalet, maar allemaal over hun eigen Kemmelberg.

Het moge duidelijk zijn dat ik een koele minnaar ben van centrale toetsing. In de ons omringende landen leidt centrale toetsing tot een verarming van het onderwijs en tot een ranking van scholen.

Je gelooft toch geen seconde dat een school die goed gescoord heeft op die centrale toets dat resultaat niet breed uitgesmeerd op haar website zet. Ouders moeten dan alleen maar de websites van de scholen bekijken. Een school die resultaten van de centrale toetsen niet op haar site zet, heeft dus slecht gescoord. Althans voor wat meetbaar en in een cijfer uit te drukken was.

De coronacrisis heeft duidelijk het failliet aangetoond van het neoliberale denken. Het zijn de niet-productieve sectoren, zoals de Zorg en het Onderwijs die cruciaal gebleken zijn. De leerlingen hebben hun leerkrachten gemist. Het rechtstreekse fysieke contact, hun coaching, hun aanmoediging. Onderwijs is mensenwerk.

En hoe ouderwets die ‘versleten’ termen ook moge klinken: met respect  opvoeden, begeleiden, uitdagen en stimuleren. Proberen het maximum uit iedere leerling te halen. Niet zoals in een bekende cartoon, een olifant, een schildpad en een giraf om ter eerst een boom laten beklimmen, maar in functie van de startpositie zoveel mogelijk leerlingen boven zichzelf laten uitstijgen. In het jargon: leerwinst behalen.

Niet iedereen over de Tourmalet, maar allemaal over hun eigen Kemmelberg. 

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.

Meest gelezen