BELGA

Veel minder doden op intensieve zorg door gebruik bloedverdunners: grote doorbraak of bevestiging van wat we al wisten? 

Het gebruik van antistollingsmedicijnen kan de sterfte van COVID-patiënten op intensieve zorg sterk verminderen. Dat blijkt uit een onderzoek van het Jessa Ziekenhuis dat vandaag gepubliceerd werd. Het onderzoek bevestigt wat veel artsen al maanden weten: als patiënten het slecht doen, dan komt dat vaak door kleine bloedklontertjes. Sommige experts pleiten daarom voor het gebruik van bloedverdunnners bij iedereen die positief test. Anderen vinden dat geen goed idee.

De eerste weken van maart begint in ons land de eerste golf corona-besmettingen. Honderden patiënten worden opgenomen in het ziekenhuis, vaak met ernstige klachten. Een minderheid van die patiënten is er zo slecht aan toe, dat ze verzorgd worden op de afdeling intensieve zorg.

Bekijk het verslag uit "Het Journaal" hier en lees voort onder de video:

Video player inladen...

Ook in het Jessa Ziekenhuis in Hasselt belanden begin maart de eerste patiënten op de afdeling intensieve zorg. Op 27 maart liggen daar al een dertigtal patiënten. Ze hebben allemaal twee dingen gemeen: ze zijn er bijzonder slecht aan toe en bijna allemaal moeten ze beademd worden.

Artsen baseren zich voor het behandelen van die patiënten op internationale richtlijnen. Het is beter dan niets doen, maar heel efficiënt is de standaardbehandeling niet. Naar schatting 40 procent van de patiënten haalt het niet. Patiënten overlijden soms heel onverwacht, bijvoorbeeld omdat hun nieren het begeven.

"We werden geconfronteerd met patiënten die zeer plots stierven", zegt professor Björn Stessel, anesthesist en intensivist in het Jessa Ziekenhuis. "Vreemd genoeg kon niemand verklaren wat de precieze oorzaak was. Net als elders pasten ook wij gewoon de internationale richtlijnen toe die gebaseerd waren op de eerste ervaringen met COVID-19 in China en Italië.”

In het Jessa Ziekenhuis in Hasselt belandden in maart tientallen COVID-patiënten op intensieve zorg.

Bloedklonters in de longen

Zondag 29 maart. Ben Pellens, arts op de dienst intensieve zorg, brengt een katheter aan bij een zwaar zieke patiënt. Het is voor ervaren arts een routineklus, maar bij een echografie merkt Pellens iets vreemds. Hij ziet een grote bloedklonter in de liesader van de patiënt. Dat is niet iets wat je verwacht bij een patiënt met COVID-klachten.

"Ik heb er meteen een cardioloog bijgehaald", zegt Pellens. "Die heeft een uitgebreide echo van de borst van de patiënt gemaakt."

Tot hun verbazing zien de artsen op die echo grote bloedklonters in de longen. Dat is vreemd, want COVID-19 wordt op dat moment nog niet echt gelinkt aan bloedklonters. 

66% van de patiënten bleek ook bloedklonters te hebben

prof. Björn Stessel

Het kan natuurlijk gewoon toeval zijn. Dat één patiënt bloedklonters in de longen heeft, betekent niet dat COVID-19 bloedklonters veroorzaakt. Misschien had de patiënt al klonters vòòr ze ziek werd. Of misschien is er een andere verklaring. 

Daarom wordt bij alle patiënten op de dienst intensieve zorg een echo van de longen gemaakt. Bij het kijken van die echo's wordt meteen duidelijk dat er waarschijnlijk wél een rechtstreeks verband is. "66 procent van die patiënten bleek ook bloedklonters te hebben", zegt professor Stessel. "Dat was voor ons een belangrijke eye-opener."

Bloedkonters kunnen erg gevaarlijk zijn, maar je kan ze wel goed behandelen.

Bloedklonters kunnen erg gevaarlijk zijn, ze kunnen bijvoorbeeld een beroerte veroorzaken. Gelukkig zijn ze meestal goed te behandelen met de juiste medicatie.

Daarom starten de artsen van het Jessa Ziekenhuis een nieuw onderzoek. Bij 26 patiënten verhogen ze de dosis antistollingsmedicijn. Ze screenen ook grondig de stollingsgraad in het bloed van die patiënten. Zo kunnen ze zien of de behandeling werkt en of de dosis nog verder moet verhoogd worden.

"Het resultaat was verbluffend", zegt professor Stessel. "De sterfte was aanvankelijk enorm hoog. Na toediening van antistollingsmedicijn daalde de mortaliteit van 39,12 procent naar 3,85 procent. Dat is een enorme reductie. De behandeling bleek ook een positief effect te hebben op nierfalen en leverfunctie."

Een klein maar hoopgevend onderzoek

De artsen van het Jessa ziekenhuis publiceerden vandaag het resultaat van hun onderzoek in het tijdschrift Trombosis Research. Ze besluiten dat een "agressieve" behandeling met antistollingsmedicijnen zorgt voor een "significante reductie" van de sterfte bij COVID-patiënten op intensieve zorg.

Of antistollingsmedicijnen dan hét middel zijn om erg zieke COVID-patiënten te behandelen? "Dat weten we nog niet zeker", zegt Stessel. "Het gaat om één studie in één ziekenhuis, bij een vrij beperkte groep patiënten. Er was ook geen controlegroep. Daarom moet dit onderzoek zeker nog bevestigd worden in andere, grotere onderzoeken."

Het onderzoek van het Jessa Ziekenhuis moet nog bevestigd worden in andere, grotere onderzoeken.

Het onderzoek van het Jessa ziekenhuis heeft ook enkele andere beperkingen.  De artsen hadden al heel wat COVID-patiënten behandeld toen ze begonnen met het gebruik van antistollingsmedicijnen. Dat die latere patiënten het beter deden, kan dus ook deels het gevolg zijn van een soort leereffect. Misschien waren de artsen ook beter geworden op andere vlakken. Ze konden misschien beter inschatten welke andere medicijnen zinvol zijn. 

Ook leeftijd kan een rol gespeeld hebben. De patiënten die geen antistollingsmedicijnen kregen, waren gemiddeld ouder dan de patiënten die die middelen wél kregen. En leeftijd, dat is bekend, is een risicofactor. Hoe ouder de patiënt, hoe hoger het risico op overlijden.

Ook andere ziekenhuizen gebruiken bloedverdunners

Het gebruik van bloedverdunners bij COVID-patiënten is overigens geen "ontdekking" van het Jessa ziekenhuis alleen. Reeds vroeg in de eerste piek was het duidelijk dat het tegengaan van de overactieve stolling door bloedverdunners bij COVID-patiënten nuttig kon zijn. Verschillende Belgische ziekenhuizen gebruiken daarom al maanden antistollingsmedicijnen.

"In het UZ Leuven doen we dat al sinds het begin van de pandemie", zegt intensivist Geert Meyfroidt (UZ Leuven). "We geven bloedverdunners aan al onze patiënten op intensieve zorg. Dat is vermoedelijk één van de verklaringen waarom de mortaliteit bij ons bijzonder laag was, rond de 10 procent."

"We weten inderdaad al maanden dat er vaak stollingsproblemen zijn bij ernstig zieke COVID-patiënten", bevestigt cardioloog Thomas Vanassche (UZ Leuven). "Er waren al indicaties in Chinese studies uit de eerste maanden van de pandemie. Patiënten die geen bloedverdunners kregen, deden het vaak slechter dan patiënten die die bloedverdunners wél kregen."

Het onderzoek van het Jessa ziekenhuis is dus niet de grote nieuwe doorbraak waar iedereen op wacht. Het bevestigt iets dat in veel ziekenhuizen al maanden geweten is. Maar ook dat is een stap vooruit. 

De meeste Belgische ziekenhuizen gebruiken al maanden antistollingsmedicijnen bij het behandelen van COVID-patiënten.
Copyright 2020 The Associated Press. All rights reserved.

Klonters, klonters, overal klonters

De voorbije maanden waren er ook enkele andere onderzoeken naar het verband tussen bloedklonters en COVID-19. Zo verscheen eind juni een opmerkelijke studie in het toonaangevend medisch tijdschrift The Lancet.  Artsen onderzochten het lichaam van zeven overleden COVID-patiënten. Ze vonden bloedklonters in zowat alle organen, zelfs bij patiënten die nog niet lang ziek waren. 

Dat laatste is opmerkelijk. Bloedklonters blijken niet enkel voor te komen bij patiënten die al weken ziek zijn. Ze komen ook voor bij mensen die nog maar even ziek zijn en die mogelijk zelfs niet in het ziekenhuis zullen belanden. Veel bloedklonters blijven waarschijnlijk onder de radar.

"Eén van mijn collega's, een man van boven de vijftig, heeft zelf corona gekregen", zegt Stessel. "Die collega heeft niet in het ziekenhuis gelegen, maar hij heeft wel stolsels ontwikkeld. Je ziet dat het probleem dus ook voorkomt bij mensen die niet op intensieve zorg belanden."

Stessel zegt dat huisartsen daarom dagelijkse spuitjes met antistollingsmedicijn kunnen geven aan COVID-patiënten. "Ik zou dat zeker aanraden als iemand positief test. Het is wel een beetje afwegen, want die medicijnen verhogen natuurlijk het risico op bloedingen."

Het gebruik van antistollingsmedicijnen bij niet-gehospitaliseerde patiënten is nog niet onderzocht

Geert Meyfroidt, intensivist

Thomas Vanassche, cardioloog aan het UZ Leuven, is minder overtuigd. "We zien dat stolling vooral een probleem is bij erg zieke patiënten. We weten op dit moment veel minder over stollingsproblemen bij patiënten die minder ziek zijn en die dus niet in het ziekenhuis belanden. Bij hen zijn bloedverdunners waarschijnlijk niet altijd aangewezen. Dat moet eerst verder onderzocht worden."

"Het gebruik van antistollingsmedicijnen bij niet-gehospitaliseerde patiënten is inderdaad nog niet bestudeerd", zegt Geert Meyfroidt. "Ik vind het wel een interessante piste. Je zou het perfect kunnen onderzoeken, bijvoorbeeld in woonzorgcentra. Ik heb dat ook al een paar keer gesuggereerd aan klinisch onderzoekers in de eerste lijn, maar voor zover ik weet zijn er geen studies lopend."

Er is dus veel dat we nog niet met zekerheid weten, wetenschappers hebben nog veel werk voor de boeg. Het onderzoek van het Jessa Ziekenhuis is wel een extra stap in de goede richting.

"Het toont dat hoge dosissen antistollingsmedicijnen de sterfte aanzienlijk kunnen verminderen bij patiënten die op intensieve zorg belanden," zegt Stessel. "Voor hen kunnen deze medicijnen de kans op overlijden aanzienlijk verlagen. Dat op zich vind ik heel hoopgevend."

Meest gelezen