Universiteit Gent vraagt in open brief om meer transparantie en heldere coronacijfers

Er komt opnieuw kritiek op de coronacijfers. De Universiteit Gent en het UZ hebben een open brief geschreven waarin ze stellen dat de cijfers niet duidelijk en niet concreet genoeg zijn. Nochtans is dat absoluut noodzakelijk om de bevolking mee te krijgen in het verhaal. Onder de ondertekenaars bevindt zich de (medische) top van de universiteit én rector Rik Van de Walle.

In de open brief stellen de ondertekenaars dat het tijd is om de cijfers preciezer en duidelijker uit te leggen. Onder hen niet enkel mensen als Piet Hoebeke (decaan van de faculteit Geneeskunde) of Frank Vermassen (hoofdarts van het UZ Gent) maar ook rector Rik Van de Walle. 

Bekijk het verslag uit "Het Journaal" hier en lees voort onder de video:

Video player inladen...

Volgens Hoebeke is het van groot belang dat die cijfers zo helder mogelijk zijn. "We willen dat de informatiedoorstroming naar de bevolking zo volledig en duidelijk mogelijk is. Anders wordt het voor hen moeilijk om alle maatregelen op te volgen. Dan krijgt je ofwel paniek, ofwel je m'en foutisme."

De ondertekenaars vinden het bijvoorbeeld niet ideaal dat er zo hard gefocust wordt op de besmettingscijfers. Ze willen dat er altijd duidelijk bij verteld wordt hoe groot de geteste groep is. "800 nieuwe gevallen op een totaal van 800 testen", zegt Hoebeke, "is natuurlijk nog wat anders dan 800 gevallen op 8.000 testen. Laat ons de info bevattelijk maken, zodat mensen weten wat ze waarom doen."

"Niet de juiste manier"

De ondertekenaars vinden ook dat de cijfers niet noodzakelijk transparant zijn. Zo is het niet duidelijk tot welke groepen besmette personen behoren en of die ook onderliggende factoren - diabetes bijvoorbeeld - vertonen. En dat kan dus allemaal beter. 

Rector van de UGent Rik Van de Walle vraagt in "De wereld vandaag" op Radio 1 duidelijke communicatie van de overheid. "Je kan pas een draagvlak creëren als mensen weten waarom ze inspanningen leveren. Dat wil zeggen dat ze moeten weten wat de langetermijndoelstellingen zijn en welke stappen we moeten zetten om die doelstellingen te bereiken."

Beluister het gesprek met rector Rik Van de Walle in "De wereld vandaag" (en lees voort onder de audio):

Steven Van Gucht van Sciensano, dat elke ochtend de cijfers publiceert, is het niet eens met de stellingen in de open brief. Niet enkel zegt hij dat alle cijfers wel degelijk voorhanden zijn, hij vindt de open brief ook niet de juiste manier van communiceren en denkt dat zoiets de steun bij de bevolking vermindert.

"Wetenschappers die openlijk in de media onder elkaar discussiëren - dat is niet de juiste manier om het vertrouwen van de bevolking te behouden. Misschien moeten we onder elkaar een consensus vinden en dan pas naar buiten treden."

De volledige tekst van de open brief: "Durf te denken over COVID-19"

Elke dag worden we overspoeld met cijfers over de COVID-19-epidemie. Als op een achtbaan stijgen, dalen, stabiliseren en stijgen ze opnieuw. Soms gaan verschillende indicatoren tegengestelde richtingen uit, net zoals de conclusies die eraan worden verbonden. Wie ze te horen of te lezen krijgt wordt geacht te weten wat ze betekenen, in staat te zijn ze te interpreteren en bereid te zijn ernaar te handelen. Voor wie door het bos de bomen niet meer ziet en daardoor ook de motivatie om vol te houden verliest: u bent niet alleen.

Ook binnen de Universiteit Gent en het UZ Gent menen we dat de SARS-CoV-2-cijfers beter moeten geduid worden. Er moet helder worden aangegeven wat wel en wat niet uit de cijfers kan worden afgeleid. Experten - wetenschappers en andere - én beleidsverantwoordelijken moeten aangeven wat ze weten en wat ze niet weten. Leren omgaan met het nieuwe coronavirus vereist leren omgaan met onzekerheid. Dat laatste vereist dan weer de bereidheid om niet alleen het weten maar ook het niet-weten te erkennen. Niet-weten is niet laakbaar. Weten veinzen is dat wel.

We vragen dus volledige en eerlijke duiding op basis van (evoluerend) wetenschappelijk inzicht. We roepen de overheid op om maximaal toegang te verschaffen tot relevante data, uiteraard met strikte naleving van privacy- en andere regelgeving. Alleen op die manier kan een duurzaam draagvlak voor het coronabeleid tot stand komen. Alleen op die manier kan van de bevolking de nodige motivatie en bereidheid om het beleid na te leven, verlangd worden.

Is meten weten?

“Het aantal besmettingen neemt weer fors toe” of “We testen meer dus vinden we meer besmettingen.” Beide uitspraken zijn grotendeels correct maar moeten ook genuanceerd worden. Zonder context brengen ze weinig kennis bij.

Het aantal bevestigde SARS-CoV-2 gevallen 'van nu' zonder meer vergelijken met het aantal 'van toen' is betekenisloos en kan leiden tot foute conclusies. De context vandaag is immers niet dezelfde als de context die we bijvoorbeeld kenden in maart. Toen werden enkel patiënten getest wanneer ze opgenomen werden in het ziekenhuis en dus ernstig ziek waren. Na het hoogtepunt van de eerste golf werden gaandeweg ook mensen met milde symptomen en asymptomatische mensen die in contact waren gekomen met bevestigde COVID-19-patiënten, getest. Vandaag worden vooral asymptomatische mensen getest: na terugkeer uit een buitenlandse rode of oranje zone, na risicocontact, bij lokale uitbraken, enz. Deze teststrategie laat ons beter toe om, mits wetenschappelijk verantwoorde interpretatie van de resultaten, sneller maatregelen te nemen waar en wanneer dat nodig is. We roepen op om de mate waarin getest wordt verder op te drijven. Breed en voldoende testen is immers van cruciaal belang om tot een effectief en efficiënt coronabeleid te kunnen komen.

De positiviteitsratio (het aantal positieve SARS-CoV-2-testen ten opzichte van het totaal aantal uitgevoerde testen)  is een relevantere parameter dan het aantal bevestigde besmettingen. Maar ook dit cijfer dient genuanceerd te worden, vermits het evenzeer afhankelijk is van de gevolgde teststrategie: de positiviteitsratio hangt af van wie wel of niet getest wordt; hij is slechts een weergave van de infectiegraad binnen de geteste populatie. Op dat vlak is er momenteel geen transparantie.

Het reproductiegetal is een maat voor de toename of afname van het aantal besmettingen. Het is een belangrijke indicator maar ook hiervoor geldt dat hij afhankelijk is van de gevolgde teststrategie of van de hospitalisatiestrategie wanneer het reproductiegetal wordt berekend op basis van het aantal hospitalisaties. Reproductiegetallen die op verschillende tijdstippen werden berekend met elkaar vergelijken, kan misleidend zijn. Net zoals een vergelijking van reproductiegetallen die in verschillende landen werden berekend - zelfs wanneer dit op hetzelfde tijdstip werd gedaan - misleidend kunnen zijn. Andermaal een illustratie van het feit dat contextualiseren absoluut nodig is om de ware betekenis van de cijfers te kunnen inschatten.

Dat op dit ogenblik vooral jongeren besmet worden, verklaart mede waarom vooralsnog geen dramatische stijging in het aantal ziekenhuisopnames en overlijdens als gevolg van COVID-19 wordt waargenomen. Beide indicatoren zijn erg belangrijk, belangrijker dan het aantal bevestigde SARS-CoV-2-besmettingen tout court. Ze geven een beeld van het aantal besmettingen in risicogroepen en van de potentiële belasting van (en druk op) onze zorgsector (ziekenhuizen, woonzorgcentra, mantelzorg, enz.). We pleiten ervoor om in de media en op andere fora de nodige aandacht te besteden aan deze indicatoren. We pleiten er tevens voor om de (verwachte) evolutie van deze indicatoren sterk te laten meespelen wanneer coronabeleid wordt vastgelegd, opgevolgd of bijgestuurd.

Wat kan beter?

Het is een illusie te denken dat we SARS-CoV-2 op korte termijn kunnen uitroeien. We zullen er nog een hele tijd moeten mee leven en we zullen daarbij de schade die SARS-CoV-2 kan aanrichten onder controle moeten houden.

Coronamaatregelen zullen nog een hele tijd nodig zijn maar mogen ons sociaal en economisch leven niet vernietigen. De basismaatregelen moeten van toepassing blijven en strikt nageleefd worden: respecteren van de hygiëneregels; activiteiten liefst buiten laten doorgaan; bijzondere aandacht besteden aan kwetsbare mensen; afstand houden (1.5 m); het aantal nauwe contacten beperken; specifieke regels die van toepassingen zijn op bijeenkomsten of activiteiten respecteren.

Strikte naleving van deze basismaatregelen biedt perspectief om op een veilige en menswaardige manier samen te leven, met elkaar en met het virus.

Zonder degelijke duiding COVID-19-cijfers de wereld insturen, laat staan niet-correcte interpretaties ervan verspreiden, kan aanleiding geven tot onnodige paniek of misplaatste lankmoedigheid. Zowel onnodige paniek als misplaatste lankmoedigheid bemoeilijken de totstandkoming van duurzaam coronabeleid en moeten dus vermeden worden.

We menen dat mensen tot veel bereid en in staat zijn, op voorwaarde dat ze weten op basis waarvan inspanningen gevraagd worden en waartoe die zullen leiden. Vandaar ons pleidooi voor volledige en eerlijke duiding op basis van (evoluerend) wetenschappelijk inzicht, voor maximale toegang tot relevante data en voor het formuleren van concrete korte-en lange termijndoelstellingen.

Het behoort tot onze kerntaken om daar vanuit onze universiteit en universitair ziekenhuis actief toe bij te dragen. We hebben dat met dit stuk willen doen en zijn er zeker van dat zéér velen daartoe bereid zijn.

Ondertekend door: 
- Rik Van de Walle, rector UGent

- Piet Hoebeke, decaan faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen, UGent

- Eric Mortier, gedelegeerd bestuurder UZ Gent

- Frank Vermassen, hoofdarts UZ Gent

- Lieven Annemans, gezondheids- en welzijnseconoom faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen, UGent

- Steven Callens, diensthoofd Algemene inwendige ziekten & infectieziekten, UZ Gent

- Marie-Angélique De Scheerder, staflid Algemene inwendige ziekten & infectieziekten, UZ Gent

- Linos Vandekerckhove, staflid Algemene inwendige ziekten & infectieziekten, UZ Gent

- Caroline Van Geyt, stafmedewerker Strategische beleidscel, UZ Gent

Meest gelezen