Thwaites gletsjertong kalft af, ijsplaat wordt brozer bron: wikimediacommons/NASA

Megagletsjers van Antarctica smelten steeds sneller

Twee megagletsjers aan de westkust van Antarctica krimpen steeds sneller. Dat komt omdat de ijsplaten vóór de gletsjers almaar dunner en brozer worden. Die ijsplaten vormen een natuurlijke rem voor het afkalven van de gletsjers. Als die rem minder goed werkt, komt er steeds meer gletsjer-ijs in de oceaan en stijgt de zeespiegel. Nieuw internationaal onderzoek onder leiding van de Belgische glacioloog Stef Lhermitte (TUDelft) brengt het verval in kaart.

De gletsjers Pine Island en Thwaites aan de westkust van Antarctica behoren tot de grootste van het continent. Samen hebben ze een oppervlakte van meer dan dan 120.000 vierkante kilometer, of 4 keer de oppervlakte van België. 

De Amundsen Zee waar de gletsjers Pine Island en Thwaite op uitkomen, bron: NASA

Onder druk van klimaatopwarming

De laatste decennia komen ze door de opwarming van de aarde onder steeds grotere druk te staan.  Wetenschappers schatten hun aandeel in de stijging van de zeespiegel momenteel op 5 procent, of 5 millimeter op veertig jaar tijd. Maar wanneer ze blijven afkalven kan de hele westkust van Antarctica ontwricht geraken. Dat zou kunnen leiden tot een veel forsere stijging van de zeespiegel, tot enkele meters zelfs.

Het stuk ijs dat de Pine Island gletsjer de afgelopen jaren verloren heeft is geel omlijnd. Bron: ESA

De gletsjers worden omzoomd door pakijs dat als een buffer of een rem werkt. "Je kan het vergelijken met een trage auto op de snelweg die het verkeer ophoudt," legt onderzoeksleider Stef Lhermitte uit. Maar die buffer verzwakt. Er komen meer scheuren in de ijsplaat voor de gletsjer. De scheuren en spleten vormen zich verder van de rand van het ijs zodat steeds groter stukken afbrokkelen.  Dit maakt de gletsjer minder stabiel. 

2 graden boven het vriespunt

Dat proces is de laatste twintig jaar heel duidelijk geworden met behulp van satelliettechnologie. “We weten dat deze gletsjers belangrijk zijn voor de toekomst,” zegt Stef Lhermitte, "maar deze beelden tonen ijsplaten in een zeer slechte staat.” Eén van de mechanismen is dat relatief warm water onder de ijsplaten stroomt en van onderaf aan de platen knaagt. Ze worden dan dunner en krijgen meer scheuren. 

Scheuren aan de rand van de Pine Island gletsjer, bron: NASA

Dat er relatief warm water onder de ijsplaat stroomt, is ontdekt door Britse en Amerikaanse wetenschappers. Ze hebben in de Thwaites gletsjer een gat geboord van 600 meter diepte.  Onderaan bleek de temperatuur van het water 2 graden boven het vriespunt te liggen. Voor zo'n diepte op zo'n plek is dat uitzonderlijk warm.

"Met de voeten in het water"

Daarbij komt nog dat de bodem waar de gletsjers op rusten onder het zeeniveau ligt. "De gletsjers staan met hun voeten in het water en dat maakt ze ook al minder stabiel", zegt Lhermitte. De gletsjers staan dus onder druk aan de kustlijn, maar ook onderaan, aan de basis.

satellietbeelden van de steeds groeiende verkruimeling van de ijsplaten rond de Pine Island en Thwaite gletsjer, bron: NASA

Ook de snelheid waarmee de afbrokkeling gebeurt, is opvallend. In 1972 begon de Pine Island gletsjer zich langzaam terug te trekken. Maar vanaf 2000 versnelde dat proces. De gletsjer verloor om de zes jaar ijsbergen. Daarna ging het nog harder, met afkalvingen om de twee jaar. 

Suikerklontjes

Ook de kwaliteit van het ijs is veranderd. Op videobeelden is te zien hoe ijsbergen meteen verbrokkelen alsof het suikerklontjes zijn:  “In zes jaar tijd is de gletsjer met bijna een derde gekrompen, dat is een gebied zo groot als Los Angeles. We zien de eerste tekenen van het verdwijnen van de ijsplaat van Pine Island. De schade zal moeilijk te herstellen zijn”, besluit Lhermitte.  

Op de video hieronder is te zien hoeveel ijs de Thwaites gletsjer de afgelopen 5 jaar verloren heeft, en hoe het afkalven verloopt. (Klik op de driehoek om de video te starten)

Video player inladen...

De studie onder leiding van Stef Lhermitte met onder andere glacioloog Frank Pattyn (ULB) is verschenen in Proceedings of the National Academy of Sciences. 

Meest gelezen