We moeten het biechtgeheim heruitvinden

De veroordeling van een priester die de zelfmoordplannen van zijn vriend had verzwegen is begin deze week in beroep bevestigd. Een gevangenisaalmoezenier en een theoloog vinden dat jammer. Mensen moeten altijd ergens terecht kunnen met hun diepste gedachten.

opinie
Pieter De Witte en Yves De Maeseneer
Pieter De Witte is gevangenisaalmoezenier en medewerker van het Centrum voor Religie, Ethiek en Detentie, KU Leuven. Yves De Maeseneer is hoogleraar theologische ethiek, KU Leuven

"In de toekomst zal men zich niet meer zo maar achter het beroepsgeheim kunnen verschuilen". Dat zei de advocaat van de weduwe wier man zich van het leven beroofde in 2015. De man had een bevriend priester op de hoogte gebracht van zijn voornemen en deze priester is nu in beroep veroordeeld wegens schuldig verzuim. Hij had immers noch de vrouw, noch de hulpdiensten verwittigd van wat er ging gebeuren. Het feit dat de priester zich beriep op zijn beroepsgeheim (in dit geval: het biechtgeheim) kon de veroordeling niet afwenden. 

De advocaat van de weduwe wees dan ook op het maatschappelijk belang van de uitspraak: "Het beroepsgeheim is vandaag op losse schroeven komen te staan." En dat klinkt alsof het een goede zaak zou zijn. Alsof het beroepsgeheim gaat over een privilege dat bepaalde beroepsgroepen zich zouden toe-eigenen, een voorrecht om bepaalde geheimen voor zichzelf te houden en om niet de verantwoordelijkheid te moeten dragen die bepaalde kennis met zich meebrengt, de verantwoordelijkheid om te helpen bijvoorbeeld. Aan dat privilege zou nu stilaan een einde komen. 

Het zijn verontrustende uitspraken omdat ze een verkeerd beeld ophangen van het beroepsgeheim. Dat draait immers niet om de geprivilegieerde positie van de geheimplichtige arts, advocaat, hulpverlener of priester, maar om de vaak kwetsbare positie van degene die geheimen aan hen heeft toevertrouwd.

Het zijn haar of zijn rechten die beschermd worden door het beroepsgeheim. Dit recht kan eventueel afgewogen worden tegen andere waarden (veiligheid, beschermwaardigheid van het leven en zo meer), maar het moet in ieder geval ernstiger genomen worden dan de woorden van de advocaat suggereren.

Het biechtgeheim, de meest absolute vorm van beroepsgeheim, herinnert ons aan wat er eigenlijk op het spel staat. Theologen ontwikkelden de voorstelling dat mensen in zichzelf een ‘intern forum’ (forum internum) bezitten, een soort innerlijke ruimte waar zij als het ware met zichzelf in gesprek kunnen gaan en hun vroegere en toekomstige daden kunnen overwegen.

Op deze intieme plaats zijn mensen alleen met zichzelf en kunnen zij zelfs zaken overdenken die het daglicht niet verdragen. Het paradoxale is nu dat ervaringen van spirituele en psychologische begeleiding (maar ook ervaringen van vriendschap) ons leren dat mensen precies op die plaats baat hebben bij een vorm van bijstand door een andere persoon. 

Het biechtgeheim is de meest absolute vorm van beroepsgeheim

Het werk als aalmoezenier in de gevangenis bevestigt dit. Mensen in de gevangenis hebben vaak veel tijd om na te denken. Allerlei gedachten komen dan naar boven, soms ook beangstigende en bedreigende gedachten, zoals het idee dat een bepaald persoon maar beter uit de weg geruimd kan worden.

Wanneer gedetineerden over dergelijke gedachten vertellen tegen een vertegenwoordiger van Justitie (bijvoorbeeld bepaalde psychologen) zal dat onvermijdelijk in hun dossier terechtkomen en zal dat mogelijk ernstige gevolgen hebben voor hun reclassering. Gevolg hiervan is dat gedetineerden vooral leren zwijgen over bepaalde aspecten van hun ‘intern forum’. De kracht van geestelijke begeleiding in de gevangenis is dat daar precies wel een absoluut veilige omgeving wordt gecreëerd om met de hulp van iemand anders met zichzelf in gesprek te gaan.

Of God al dan niet een rol speel in dit forum doet hier eigenlijk niet ter zake. De filosofe Hannah Arendt heeft op basis van haar studie van het nazisme goed begrepen dat veel onnoemelijk kwaad voortvloeit uit het feit dat mensen niet in staat zijn of niet bereid zijn ‘in gesprek te treden met zichzelf’ en hun handelen op een heldere manier te overdenken.

Dit is geen inzicht dat beperkt is tot de religieuze sfeer. Wel is het zo dat religieuze tradities zoals het katholicisme structuren hebben gecreëerd (biecht, geestelijke begeleiding, dagelijks individueel gewetensonderzoek) die dit intern forum ondersteunen. Voorwaarde is dan wel dat eventuele hulp van een andere persoon, zoals de biechtvader, gekenmerkt wordt door strikte vertrouwelijkheid.

Dit inzicht leeft voort in een seculiere context als de gevangenis. Een recent thesisonderzoek rond het beroepsgeheim van geestelijk verzorgers in de gevangenis wees uit dat gevangenisdirecteurs niet verwachten dat aalmoezeniers en consulenten hen al te snel komen vertellen wanneer gedetineerden ‘gevaarlijke gedachten’ zouden hebben. Ze zijn zich vooral bewust van het belang van de vertrouwensrelatie tussen gedetineerde en geestelijk verzorger, de plaats waar mensen in alle veiligheid zelfs gevaarlijke gedachten mogen overwegen. Het gaat erom mensen niet alleen te laten op de plaats waar ze alleen zijn met zichzelf.

Het is jammer dat het hele debat rond de zaak van deze priester vaak in het vaarwater is gekomen van de discussie wat de relatie is tussen ‘de wetten van de godsdienst’ en ‘de wetten van het land’. Wat op het spel staat, is veel belangrijker dan een achterhoedegevecht tussen een uitstervend religieus privilege dat fundamenteel onbegrijpelijk en onaanvaardbaar is voor niet-religieuze mensen (biechtgeheim) en een waarde die iedereen kan begrijpen (hulp moeten bieden).

De waarde die het biechtgeheim ooit wilde beschermen (en ook de wetgever met het beroepsgeheim), raakt de kern van wat elk van ons tot mens maakt. In tijden waarin sociale media en het geloof in transparantie onze meest intieme geheimen willen onthullen, heeft onze cultuur nood aan plekken waar we alleen kunnen zijn met onszelf én ons tegelijk veilig weten bij een ander die we absoluut kunnen vertrouwen. Nu de priesters haast van het toneel verdwenen zijn, zou iemand het biechtgeheim moeten heruitvinden. 

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.

Meest gelezen