De opkomst en ondergang van de Belgische strategische stock

In 2006 liet toenmalig minister van Volksgezondheid Rudy Demotte (PS) een stock van maar liefst 38 miljoen mondmaskers aanleggen. Die stock zou een van de wapens worden waarmee ons land een pandemie te lijf kon gaan. 12 jaar later bleef er van die voorraad niets meer over: hoe is dat kunnen gebeuren? Een overzicht van de opkomst en ondergang van de Belgische strategische stock.

Begin jaren 2000 wordt de mensheid op korte tijd geconfronteerd met SARS, MERS en vogelgriep. De virussen verspreiden zich bijzonder snel, maken dodelijke slachtoffers en kunnen volgens de ergste scenario's uitgroeien tot een wereldwijde pandemie.

De toenmalige regering Verhofstadt II wil zich wapenen tegen nieuwe virusuitbraken en stelt in 2003 een pandemieplan op. Eén van de speerpunten: een centrale strategische stock met virusremmers, injectiespuiten, naalden, schorten en... mondmaskers. Die moeten op de eerste plaats verpleegkundigen en zorgverleners beschermen tegen besmettingen, maar ook patiënten en de gewone bevolking.

2006: een eerste aankoop

Het is minister van Volksgezondheid Rudi Demotte (PS) die in 2006 de stock echt vorm geeft. Demotte bestelt 32 miljoen chirurgische maskers en 6 miljoen FFP2- en FFP1-maskers en laat die centrale stock opslaan in de kazerne van Belgrade nabij Namen. 

In 2006 hebben we 38 miljoen maskers op voorraad

De regering houdt de stock scherp in het oog: het leger moet de FOD Volksgezondheid maandelijks op de hoogte houden van de temperaturen en de vochtigheidsgraad waarin de stock wordt bewaard. Patrouilles bewaken ook constant de drie hangars waar het materiaal is opgeslagen. In maart 2007 en augustus 2009 vinden nog extra inspecties plaats om na te gaan of de stock wel goed wordt beheerd.

De kazerne van Belgrade bij Namen, hier lagen 12 jaar lang tientallen miljoenen maskers opgeslagen

2009: een eerste uitrol

In 2009 bewijst de strategische stock voor het eerst zijn waarde. De wereld schrikt op door een nieuwe mogelijke pandemie: de Mexicaanse griep. Het virus verspreidt zich in het voorjaar van 2009 vanuit Mexico en de VS razendsnel over de wereldbol. Ook in ons land raken mensen besmet.  In mei registreert België officieel zijn eerste besmetting. Spoedig volgen er honderden anderen. In juni spreekt de WHO over een heuse pandemie. 

Onze overheid talmt niet: vanaf 15 juli tot 21 september 2009 verdeelt ze vanuit de Belgrade-kazerne ruim 10 miljoen chirurgische en FFP1- en FFP2-maskers over de verschillende provincies. Daar worden de maskers verder verspreid, onder meer onder de huisartsen: die krijgen elk minstens één doosje met 50 stuks chirurgische maskers, naast een aantal FFP1- maskers, virusremmers en injectiespuiten. Ook een onbekende hoeveelheid FFP2-maskers wordt verdeeld.

Huisartsen hebben overgebleven maskers uit de strategische stock zelfs dit jaar nog ingezet tegen het coronavirus

Gelukkig blijkt de Mexicaanse griep minder gevaarlijk dan gevreesd. In totaal zullen in ons land ruim 200.000 mensen besmet raken en vallen er een twintigtal doden.

Maar de stock heeft zijn nut bewezen. Na de uitbraak keert een deel van de verdeelde maskers terug naar de kazerne. Hoeveel precies wordt nooit duidelijk, maar het is wél duidelijk dat er heel wat maskers achterblijven bij huisartsen. Pano deed een korte belronde bij een vijftigtal van hen: de meesten bleken de doosjes met de chirurgische maskers uit 2009 te hebben gehouden. Een flink aantal heeft ze zelfs in maart en april nog ingezet tegen het coronavirus.

2009: een tweede aankoop

In het voorjaar van 2009, amper een maand voor de uitbraak van de Mexicaanse griep, krijgt de nieuwe minister van Volksgezondheid Laurette Onkelinx van het Belgisch Raadgevend Comité voor Bio-ethiek een advies over het pandemieplan. Daarin onderstrepen de experten nog eens het belang van mondsmaskers in de strijd tegen een pandemie: ze benadrukken dat mondmaskers ook voor het grote publiek een erg belangrijk wapen kunnen zijn tegen de verspreiding van besmettingen.

De experts van het Comité pleiten voor een uitbreiding van de stock. De 32 miljoen chirurgische maskers zijn volgens hen ontoereikend. Ze adviseren om de stock gevoelig uit te breiden zodat iedereen chirurgische maskers zou kunnen dragen.  Er moeten ook veel meer FFP2-maskers worden aangeschaft, zo geven de experts nog mee.

Onckelinx koopt eind 2009 nog 5 miljoen extra FFP2-maskers

Minister Onckelinx gaat maar gedeeltelijk in op de vraag: ze trekt een budget van 9 miljoen euro uit en koopt er nieuwe FFP2-maskers mee. Eind 2009 en in het voorjaar van 2010 komen er bijna 5 miljoen FFP2-maskers bij, van het merk 3M. Die moeten de eerste generatie maskers (van het merk Delta) aanvullen.  In Belgrade liggen op dat moment zo'n 33 miljoen maskers: 22 miljoen chirurgische en een kleine 11 miljoen FFP2 -en FFP1-maskers.

2012: een eerste vernietiging

Maar vanaf 2010 begint het beheer van de stock in de Belgrade-kazerne te slabakken. De militairen sturen geen rapporten meer over de omstandigheden waarin de stock wordt bewaard en de bewaking verslapt. Ook de inventaris raakt in de knoei:  niemand weet precies hoeveel maskers er zijn teruggekeerd sinds 2009,  sommige pakketten komen geopend terug,  kleine hoeveelheden maskers verdwijnen naar ziekenhuizen... Het is duidelijk dat de stock geen prioriteit meer is.

In mei 2012 worden 4,8 miljoen vervallen maskers vernietigd

De stock blijft verder verkommeren tot Volksgezondheid begin 2012 vaststelt dat een deel van de FFP2-maskers zijn houdbaarheidsdatum heeft overschreden.  Begin mei laat de overheid dan ook 4,8 miljoen vervallen FFP2-maskers vernietigen.

2013: een inspectie

Dat er vanaf 2010 eigenlijk amper nog iemand omkijkt naar de stock, wordt in augustus 2013 pijnlijk duidelijk. Dan brengen inspecteurs van de Federale Overheidsdienst Gezondheid een bezoek aan de kazerne van Belgrade.

Ze moeten de staat van de stock controleren omdat hij vermoedelijk zal moeten verhuizen. De kazerne staat te koop en de opgeslagen maskers en medische hulpmiddelen zullen elders moeten worden opgeslagen, aan duurdere voorwaarden dan in Belgrade.

Maar wanneer de inspecteurs de hangars betreden, treffen ze een echte warboel aan: de ruimten blijken al jarenlang niet meer te zijn geacclimatiseerd, er is vochtinsijpeling, er zijn sporen van knaagdieren, er ligt vogelpoep, de dozen zijn bedekt met een dikke laag stof, sommige (teruggekeerde) dozen zijn geopend, alles staat chaotisch door mekaar.

Meteen rijst de vraag hoe goed de stock eigenlijk nog is. Voor de FFP2-maskers is er weinig twijfel: de vervallen maskers moeten sowieso worden vernietigd en ze moeten ook onder strikte voorwaarden bewaard worden. Contact met de firma 3M moet duidelijk maken of de maskers nog te redden vallen.

Stof, vogelpoep, vochtinsijpeling: de stock is een ravage

Voor de overgebleven 22 miljoen chirurgische maskers liggen de kaarten heel anders. Die hebben geen vervaldatum. Er wordt overwogen of de maskers nog verkocht of apart gestockeerd kunnen worden.  Maar een onderzoek naar de staat van de maskers komt er niet. Er volgt ook geen uitspraak over hun finale bestemming.

Het wordt dus nooit duidelijk hoe goed of hoe slecht de chirurgische maskers nog zijn.  Uiteindelijk beslissen de inspecteurs de inhoud van de hangars te laten inventariseren. De 22 miljoen maskers worden apart opgeslagen.

Een van de FFP2-maskers uit de strategische stock

2014: een tweede uitrol

Eind 2014 krijgt ons land een nieuwe regering, met een nieuwe minister van Volksgezondheid, Maggie De Block. Die nieuwe regering heeft andere bekommernissen (onder meer de terroristische aanslagen en de angst voor chemische aanvallen) en er moet ook voortdurend bespaard worden.

Eind 2014 stuurt ons land ruim 800.000 FFP2-maskers uit de stock naar Afrika tegen het Ebola-virus

Maar toch komt het nut van de strategische stock nog even naar boven. Eind 2014 wordt Afrika geplaagd door een nieuwe uitbraak van het Ebola-virus. Ons land snelt ter hulp en levert op 8 december 2014 816.000 FFP2-maskers uit de resterende strategische stock aan de zorgverleners in Afrika. Het is de laatste keer dat de stock zijn meerwaarde kan tonen, want nadien gaat het helemaal de verkeerde kant uit.

2015: een tweede vernietiging

Zoals gezegd: de regering Michel heeft andere bekommernissen dan een oude strategische stock aan te vullen die "mogelijk" zou kunnen ingezet worden tegen een "mogelijke" wereldwijde verwoestende pandemie.

Volksgezondheid laat 5 miljoen FFP2-maskers vernietigen. Er worden er geen nieuwe meer aangekocht

Wanneer de gezondheidsdiensten vaststellen dat de FFP2-maskers in de Belgrade-kazerne allemaal zijn vervallen, laat Volksgezondheid ze in oktober 2015 vernietigen. Ze gaan samen met een overschot FFP1-maskers en ongeveer 8 miljoen injectienaalden en spuiten de verbrandingsovens in. Er worden geen nieuwe maskers meer aangekocht. Zo komt er ruimte vrij om de hangars in de kazerne voor andere doeleinden te gebruiken.

Opvallend: de 22 miljoen chirurgische maskers blijven voorlopig onaangeroerd. Ze staan apart opgeslagen in een overblijvende hangar. 

2018: de derde en finale vernietiging

En daar hadden ze nu nog kunnen staan. Ware het niet dat de kazerne verkocht zou worden en daardoor de stockage van de 22 miljoen maskers in het gedrang kwam.

In 2018 valt uiteindelijk het verdict: de militairen dringen aan op het leegmaken van de hangar.  De ambtenaren van de FOD Volksgezondheid blijven twijfelen tussen vernietigen of verhuizen: tot eind augustus 2018 denken ze nog altijd aan een alternatieve opslagplaats, de Vesta-opleidingscampus van B-fast in Ranst.

Tot op het laatste wordt getwijfeld over de finale vernietiging van de laatste 22 miljoen maskers

Maar dan komt er een advies van Sciensano. Maskers die twaalf jaar geleden werden aangekocht nog testen op hun bruikbaarheid houdt geen steek, wegens 'te oud', zo stellen ze. Bovendien blijkt al snel dat een alternatieve opslag jaarlijks 60.000 euro zou kosten en het vernietigen van de maskers eenmalig 47.667,95 euro. 

Daarmee is het lot van de strategische stock beslecht: in november 2018 worden de 22 miljoen overgebleven mondmaskers samengeperst tot pellets en afgevoerd naar industriële verbrandingsovens. Daarmee komt een roemloos einde aan een stock die België 12 jaar eerder mee op de kaart had gezet als het modelvoorbeeld in de aanpak van een (griep)pandemie.

De lege hangar in de kazerne van Belgrade, nadat de stock eind 2018 helemaal is vernietigd

Meest gelezen