Moeten we naast contactopsporing meer inzetten op bronopsporing? "Het toont gericht waar besmetting vandaan komt"

Bronopsporing kan samen met contactopsporing helpen om gerichtere maatregelen te nemen om het coronavirus te bestrijden. Dat zegt professor Huisartsgeneeskunde Jan De Maeseneer (UGent) in "Terzake". Hij is nauw betrokken bij een project rond bronopsporing in Gent. Daaruit blijkt dat de meeste besmettingen ontstaan binnen gezinnen en vriendengroepen. "Met bronopsporing krijg je een duidelijk beeld waarop je moet inzetten", zegt hij.

Bij contactopsporing wordt gezocht naar met wie iemand die besmet is met het coronavirus nauw contact heeft gehad. Bij bronopsporing wordt gezocht naar van wie de besmette persoon zelf de besmetting heeft opgelopen. Het is volgens De Maeseneer interessant om beiden te combineren, want dan kun je veel meer besmette mensen vinden.

Het systeem bestaat op verschillende plaatsen in ons land zoals in Kortrijk, Mechelen en Antwerpen. De Maeseneer is betrokken bij een bronopsporingsproject in Gent. "We werken er met een gemengd systeem", legt hij uit. De bronopspoorders krijgen ondersteuning van de Vlaamse overheid, zowel financieel als met mankracht.

"Ik heb het rapport van deze ochtend waarin 91 situaties van de laatste week zijn geanalyseerd", zegt De Maeseneer in "Terzake". "De helft van de besmettingen zijn ontstaan binnen het gezin of vriendengroepen, een deel ook op het werk en op school, drie gaan over reizigers die terugkeren vanuit het buitenland en één gaat over een horecasituatie. Je krijgt dus een duidelijk beeld waarop je moet inzetten. De gezinnen blijken de belangrijkste om op in te zetten."

De helft van de besmettingen zijn ontstaan binnen het gezin of vriendengroepen

Professor Jan De Maeseneer (UGent)

Bronopsporing heeft dus als voordeel dat je heel gericht kunt zien waar de besmettingen vandaan komen en dat je dus als beleidsmaker heel gericht maatregelen kunt nemen. Er is de laatste dagen veel discussie of veel besmettingen ontstaan op café, want veel nieuwe maatregelen viseren net die sector. Met bronopsporing zou dat makkelijker te achterhalen zijn. Al zegt ook De Maeseneer, "mensen zeggen niet noodzakelijk of ze besmettingen binnen hun vriendengroep op café hebben opgedaan".

Het is bovendien volgens de professor heel belangrijk om het lokale terrein te kennen en dus om bronopsporing lokaal te houden. "Een huisarts van ons team heeft bijvoorbeeld ontdekt dat een aantal mensen die besmet waren in Gent allemaal op hetzelfde vliegtuig hadden gezeten. Dan moet je natuurlijk ook kijken naar de andere mensen die op dat vliegtuig zaten."

Bekijk hieronder de reportage en het gesprek met professor Jan De Maeseneer in "Terzake":

Video player inladen...

Rechtzetting:
In een eerste versie van de reportage die voor het gesprek met De Maeseneer werd uitgezonden, werd ten onrechte beweerd dat de Vlaamse contactopspoorders niet vragen naar de mogelijke bron van de besmetting. Deze vraag staat wel in het script van de Vlaamse contactopspoorders .  

Meest gelezen