Video player inladen...

Wat betekenen de Amerikaanse verkiezingen voor het klimaat? Dit zijn de plannen van Trump en Biden

De presidentsverkiezingen worden niet alleen een bepalend moment voor de Amerikanen, maar ook voor de wereldwijde strijd tegen de klimaatverandering. Trump en Biden staan niet zomaar voor twee vormen van klimaatbeleid. Het is een frontale clash van wereldbeelden. We doken in hun verkiezingsprogramma's.

2020 zou wel eens een scharniermoment kunnen worden in de wereldwijde strijd tegen de klimaatopwarming. Oké, dat heeft u al vaker gehoord, dat van die scharniermomenten. Maar dit is het jaar waarin de Europese Green Deal werd gelanceerd, en nog veel verrassender, waarin de Chinese president Xi Jinping de wereld verbaasde door aan te kondigen dat China klimaatneutraal wil worden tegen 2060. En deze week nog verklaarden Japan en Zuid-Korea, ook al twee grote economieën, hetzelfde doel na te streven tegen 2050.

Die beloften komen geen moment te vroeg. Vorige maand nog bleek uit onderzoek van de Universiteit van Bremen dat de planeet momenteel opwarmt aan een tempo dat de voorbije miljoenen jaren ongezien is.

Vorig jaar waarschuwde de VN dat het volgende decennium cruciaal wordt in de aanpak van de klimaatcrisis. Maar welke rol de VS zal spelen, met 15% van de CO2-uitstoot toch 's werelds tweede grootste vervuiler, zal bepaald worden op dinsdag 3 november. Dan kiezen de Amerikanen een nieuwe president uit twee kandidaten. Hun klimaatambities lijken water en vuur.

Voor we dieper duiken in hun beleidsplannen, even deze vraag: hoe staan Donald Trump, de zittende president, en zijn Democratische uitdager Joe Biden tegenover de opwarming van de aarde? Hun klimaatplannen verschillen niet alleen in die zin dat ze verschillende oplossingen voorstellen voor eenzelfde, gedeelde probleem. Nee, zelfs over de grond van dat probleem zijn ze het niet eens.

Eerst president Trump. Terwijl hij in 2009 nog aandrong op ambitieus klimaatbeleid, is zijn standpunt intussen 180° gedraaid. 

In 2015, nog voor zijn presidentschap, stelde Trump in een radio-interview onomwonden: “Ik geloof niet in de opwarming van de aarde. Ik geloof niet dat de mens erachter zit. Het kan warmer worden maar ooit zal het weer koeler worden”. Dat herhaalde hij vorige maand nog eens toen hij in Californië gebrieft werd over de bosbranden die er woedden. Sowieso heeft Trump een wat getroebleerde relatie met de klimaatwetenschap: zo legde hij in 2018 een alarmerend klimaatrapport naast zich neer en beschuldigde hij de wetenschappers ervan een politieke agenda te hebben. 

Het deed dus wenkbrauwen fronsen toen Trump tijdens het eerste debat met zijn uitdager Joe Biden terug leek te krabbelen: “Ik denk dat veel dingen bijdragen tot de opwarming van de aarde, maar menselijke activiteit in zekere zin ook”. Voor deze president is alleen al dat algemeen aanvaarde wetenschappelijke inzicht erkennen, een primeur.

Aan de andere kant van het spectrum vinden we de Democratische presidentskandidaat Joe Biden. “De klimaatverandering is een existentiële bedreiging voor de mensheid”, zei hij in het laatste presidentiële debat. “Het is onze morele plicht om dat aan te pakken.” Dat standpunt verdedigt hij al jaren.

Wat John met de pet ervan denkt? Een onderzoek van het gerenommeerde onderzoeksbureau PEW Research wees deze zomer uit dat 65% van de Amerikanen vindt dat de federale overheid te weinig doet om de klimaatcrisis aan te pakken.

Tot zover wat beide presidentskandidaten denken over de opwarming van de aarde. Maar hoe zien ze hun klimaatbeleid voor de volgende vier jaar nu?

Over naar hun campagnewebsites. Die tonen een fundamenteel verschil in visie op klimaat en energie. Terwijl Biden grotendeels af wil van fossiele brandstoffen en de broeikasgassen die ze veroorzaken, ziet Trump olie en gas als de sleutel naar economische groei. Biden stelt een opmerkelijk ambitieus energieplan voor dat van de VS een wereldwijde leider moet maken in de groene energie. Trump klopt zich op de borst dat hij tijdens zijn eerste ambtstermijn “beperkende” milieuregulering heeft afgeschaft en de energiesector “ontketend”.

Hoe ziet dat er nu concreet uit? Op zijn campagnewebsite heeft de zittende president Trump geen campagnebeloften opgelijst. Onder het tabblad “nagekomen beloften” vinden we een beknopte opsomming van zijn realisaties op vlak van energie en milieu: een nieuwe licentie om olie op te boren in de Golf van Mexico, bijvoorbeeld, de afschaffing van het Clean Power Plan van zijn voorganger Barack Obama en de aankondiging dat hij de VS zou terugtrekken uit het klimaatakkoord van Parijs.

Voor de sector van de fossiele brandstoffen was de ambtstermijn van Trump inderdaad een zegen. De New Yorkse Columbia Universiteit telde tot nu toe maar liefst 163 initiatieven om milieuregulering terug te draaien. Onder zijn beleid is de VS het grootste olieproducerende land ter wereld geworden.

Klimaatbeleid volgens Donald Trump

Terzijde: tijdens de (vice-)presidentiële debatten probeerden Trump en Pence toch enkele milieu- en klimaatpluimen op hun hoed te steken. Trump pakt graag uit met zijn Trillion Tree Plan, een grootschalig plan om tegen 2030 wereldwijd één biljoen bomen aan te planten.  

Verder stelde Trump dat hij “grote stimulansen” had voorzien voor elektrische wagens (klopt niet) en dat de lucht en het water in de VS schoner zijn dan ooit tevoren (dat klopt wel degelijk, al helpt schoon water het klimaat op zich niet vooruit). Pence stipte dan weer aan dat de VS hun koolstofuitstoot sterker hebben teruggedrongen dan de landen die het Parijs-akkoord blijven huldigen. Dat klopt, maar enkel als je enkel naar de absolute cijfers kijkt: naar verhouding heeft de VS lang niet de grootste inspanning geleverd.

Als Trump verkozen wordt, zal het klimaat allerminst een centrale plaats krijgen in zijn beleid. Een business-as-usual-scenario van verdere deregulering is veel waarschijnlijker.

En Biden? Zijn campagnewebsite weerspiegelt hoeveel belang hij hecht aan het klimaatthema, alleen al door de omvang ervan. Het hoofdstuk over zijn klimaatplan telt vijftien keer meer tekens dan dat van Trump over energie. 

Wat staat er nu in dat “Biden Plan”? Twee doelstellingen springen eruit: de Amerikaanse energiesector koolstofvrij maken tegen 2035, en tegen 2050 de hele VS naar een netto nuluitstoot brengen. Dat wil zeggen dat elke ton broeikasgas die dan nog uitgestoten wordt, moet opgevangen worden of gecompenseerd door bijvoorbeeld het aanplanten van bossen.

Dat moet gebeuren met een hele resem initiatieven die tien miljoen nieuwe jobs moeten opleveren. Daarbij usual suspects als meer land- en wateroppervlakte beschermen, de productie van windenergie voor de kust verdubbelen, opnieuw toetreden tot het klimaatakkoord van Parijs, de koolstofafdruk van de Amerikaanse gebouwen halveren en een half miljoen nieuwe laadpalen installeren. Er worden ook harde bedragen genoemd: op tien jaar tijd 400 miljard dollar investeren in schone energie en innovatie bijvoorbeeld, en 1,7 biljoen dollar federaal overheidsgeld voor “klimaat- en milieujustitie”. 

Naast die binnenlandse doelstellingen spreekt Biden de ambitie uit om het mondiale leiderschap op te nemen in de strijd tegen de klimaatverandering. Landen die hun klimaatdoelstellingen niet halen, zullen moeten betalen.

Nu, niet alle plannen van Biden zijn even concreet uitgewerkt. Hij heeft ook twee vervelende kiezels in de klimaatschoen. De eerste is zijn plannen met fracking, de techniek waarmee moeilijk bereikbare gas- en oliebronnen ontgonnen kunnen worden. Die neemt intussen een flink aandeel van de Amerikaanse olie- en gasproductie voor zijn rekening, maar staat ter discussie omwille van de hoge impact op het milieu. Wil Biden blijven fracken? Hij heeft tijdens zijn campagne al warm en koud geblazen. Tijdens het laatste debat zei hij echter categoriek dat hij niet zou stoppen met fracken.

En dan is er nog 2030, dat belangrijke richtjaar. Alle landen die zich engageren voor het klimaatakkoord van Parijs, moeten duidelijk aangeven hoe sterk ze hun koolstofuitstoot tegen dan willen hebben teruggebracht. Zonder zo’n tussentijds doel op weg naar 2050, wordt het veel moeilijker om de haalbaarheid van een klimaatplan te evalueren. Biden heeft tot nog toe geen tussentijds doel genoemd.

“Een tweede ambtstermijn voor Trump betekent einde verhaal voor het klimaat”, zo stelde de invloedrijke klimatoloog Michael E. Mann het scherp in maart. Hij is de man achter de befaamde hockeystick-curve,  die aantoont dat de wereldwijde temperatuur in 1950 plots sterk begon te stijgen na duizend jaar van afkoeling.

Ook het IPCC, het Intergouvernmenteel Klimaatpanel van de VN, stelde in 2018 dat de wereld nog tot 2030 heeft om zijn uitstoot van broeikasgassen te halveren, en zo de opwarming van de aarde enigszins in de hand te houden. Zonder medewerking van de VS, ‘s werelds tweede grootste uitstoter, wordt dat doel nagenoeg onhaalbaar. 

Het wetenschappelijke tijdschrift Nature acht de nood zo hoog dat het voor het eerst in zijn 175-jarige bestaan een presidentskandidaat aanprijst: Joe Biden. “Het beleid van de regering-Trump versnelt de klimaatverandering”, waarschuwt het.

Anders staat het ervoor als Joe Biden ertoe zou komen zijn klimaatplan uit te rollen. “Als Biden de Amerikaanse verkiezingen wint, zou dat betekenen dat ‘s werelds grootste drie uitstoters, China, de VS en de EU, allemaal een netto nuluitstoot halen tegen het midden van de eeuw”, zegt Bill Hare van het wetenschappelijke consortium Climate Action Tracker. “Dat zou de limiet van 1,5°C opwarming van het Akkoord van Parijs sterk binnen bereik brengen.”

Zal Biden dan het klimaat redden? Dat is allesbehalve zeker. Want zelfs een mogelijke Democratische verkiezingsoverwinning garandeert niet dat hij zijn ambitieuze beloften ook integraal zal uitvoeren. Bovendien moet hij die plannen ook nog door het Amerikaanse Congres zien te loodsen. 

De laatste Amerikaanse presidenten hebben kunnen ondervinden hoe moeilijk dat geworden is in de diep gepolariseerde Verenigde Staten.

Meest gelezen