AFP or licensors

Naar een lockdown zonder wegwerparbeid

De overheid heeft de werkgeversorganisaties gevolgd en laat de meeste bedrijven normaal draaien tijdens de tweede coronagolf. Werkgevers én overheid moeten ook een ander deel van de job doen: niet alleen zorgen voor de hoogopgeleiden die makkelijk op telewerk kunnen overschakelen, maar ook aandacht hebben voor de veiligheid en inkomenszekerheid van laaggeschoolden die niet zomaar kunnen telewerken. 

opinie
Tim Christiaens en Olivier Malay
Tim Christiaens is doctorandus wijsbegeerte, KU Leuven. Olivier Malay is doctor economie, UC Louvain. Beiden zijn lid van Rethinking Economics Belgium, een academische werkgroep die het klassieke economische denken wil doorbreken.

Sinds november zitten wij weer grotendeels in lockdown, maar het grootste deel van de bedrijven draait nog steeds. We weten nog niet hoe erg de aankomende economische crisis zal zijn, maar één ding is zeker: werkgeversorganisaties zijn er tot nu toe in geslaagd om een volledige economische lockdown te vermijden. 

In een interview van 13 oktober in l'Écho beweerde Pieter Timmermans van het VBO, dat een nieuwe lockdown "catastrofaal" zou zijn. Sectorale federaties herhalen bijna elke dag dezelfde boodschap. Volgens de werkgeversorganisaties zouden de Belgische bedrijven als laatste moeten sluiten en als eerste weer opengaan. Voor kleine bedrijven is dat een kwestie van leven of dood, maar voor multinationals is het vooral een kwestie van marktaandeel en internationale concurrentie. 

Veel werkgevers zijn dag en nacht bezig geweest met het volledig hertekenen van het arbeidsproces, het stimuleren van telewerk en zelfs het massaal inkopen van sneltests. Niet iedereen geniet echter van de luxe om thuis of onder veilige omstandigheden te werken. Telewerken is voor velen in de dienstensector de norm, maar voor bijvoorbeeld poetshulpen en verpleegkundigen of de meeste industriële banen is thuiswerk onmogelijk. 

In de industrie is de mate van bescherming vaak afhankelijk van het opleidingsniveau. Hoogopgeleide werknemers zijn meestal goed beschermd. Als zij uitvallen, stort de productieketen in. Laaggeschoolde of tijdelijke werknemers daarentegen worden gewoon vervangen als ze ziek zijn. Zeker nu de werkloosheid zo hoog is, is het voor werkgevers niet essentieel om te investeren in hun veiligheid. 

Er ontstaat een groep van wegwerparbeiders

Heb je je ooit afgevraagd wat er bijvoorbeeld gebeurt met de koerier die de afhaalmaaltijden levert, als hij ziek wordt? Hij wordt de volgende dag gewoon vervangen door een andere koerier. Zijn inkomen hangt af van de bestellingen die hij ontvangt via een smartphone-app. Als hij uitvalt, verdwijnt zijn inkomen simpelweg. Aan de onderkant van de arbeidsmarkt kunnen dit soort werknemers makkelijk vervangen worden, ook al draagt hun werk bij tot het overleven van de thuiswerkers. 

Er ontstaat daarmee een groep van 'wegwerparbeiders', mensen in wiens veiligheid niemand wil investeren en die in geval van ziekte dus gewoon gedumpt kunnen worden. Voor veel bedrijven is het simpelweg goedkoper om zieke werknemers te dumpen en de anderen te dwingen door te gaan tot ze ook ziek worden. Deze werkgevers verschuiven de risico’s van besmetting naar hun werknemers en de sociale zekerheid, die uiteindelijk opdraait voor de zieke werknemers.

Denk bijvoorbeeld aan de uitbraak in een vleesfabriek in Duitsland afgelopen juni. Om de arbeidskosten te verlagen, gebruikte de firma Tönnies onderaannemers om arme Oost-Europeanen naar het stadje Gütersloh te brengen. De arbeiders kregen absurd lage lonen en werden ondergebracht in overbevolkte, smerige appartementen, ideaal voor het verspreiden van infecties. Wie zich ziek meldde, moest extra huur betalen. Geen wonder dat de geïnfecteerde arbeiders naar de fabriek bleven gaan, waardoor het virus zich als een lopend vuurtje verspreidde.

Het virus heeft een hoog verspreidingspotentieel in laaggeschoolde sectoren

Het probleem met de huidige bedrijfsstrategieën is dat het virus een hoog verspreidingspotentieel heeft in laaggeschoolde sectoren. Op 20 april zei Pieter Timmermans bij de RTBF dat de arbeidsplaats waarschijnlijk de plaats is met de kleinste kans op besmetting. Dit geldt misschien voor veel beroepen, maar niet voor fabrieksarbeiders, pakketbezorgers of verpleegkundigen in woonzorgcentra. Daarom moet de progressieve beweging haar eigen strategie op bedrijfsniveau ontwikkelen. De wil om de economie draaiende te houden mag niet de eerste prioriteit zijn ten koste van de volksgezondheid en de belangen van werknemers. Wij stellen drie maatregelen voor.

De overheid moet het loon garanderen

Ten eerste moet de overheid het loon van werknemers 100% garanderen in geval van ziekte of quarantaine. Het garandeert een fatsoenlijk inkomen, vooral voor laaggeschoolden en werknemers met deeltijdse contracten. Mogelijk besmette mensen kunnen dan thuis blijven in plaats van hun collega's te besmetten uit angst voor inkomensverlies.

Ten tweede moeten de overheid en de vakbonden ervoor zorgen dat bedrijven de gezondheidsprotocollen naleven, vooral in sectoren met veel laaggeschoolden en ondoorzichtige onderaannemingen. Dit vereist een versterking van de sociale inspectie en van de rol van het CPBW (Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk) in het beheer van de crisis. 

Een uitzonderlijke belasting op de rijksten om het virus beter te bestrijden

Ten derde is er extra financiering nodig voor een bredere bestrijding van het virus. Zoals Paul de Grauwe voorstelt, is een uitzonderlijke belasting op de rijksten een goed idee om dit te bekostigen. Covid-19 heeft winnaars en verliezers gecreëerd. Een studie van de bank UBS en de firma PWC heeft bijvoorbeeld aangetoond dat dit voorjaar het vermogen van miljardairs in de farmaceutische, technologische en industriële sector tussen de 40 en 50% gestegen is.  Het zou alleen maar billijk zijn dat de winnaars van de crisis zich solidair opstellen en betalen voor de voorzieningen die ons uit deze crisis kunnen halen. 

Deze maatregelen zijn niet enkel goed voor de volksgezondheid, maar op langere termijn ook voor de economie. Volgens een recente studie van de universiteit van Oxford betalen landen die het virus kordaat bestrijden, een lagere economische prijs (Taiwan, Zuid-Korea, Litouwen). Talmende landen zoals België lijden op de lange termijn veel zwaardere verliezen. In het belang van iedereen kiezen we beter voor de korte pijn. 

Als we willen leren uit de laatste maanden, is het noodzakelijk om te streven naar een progressieve agenda, een 'progressieve shockdoctrine', als het ware. We mogen er niet op vertrouwen dat individuele werkgeversbelangen spontaan de belangen van de meerderheid zullen behartigen. We moeten vandaag de kans grijpen om onze democratie en economie socialer en veerkrachtiger te maken.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.

Meest gelezen