Kunnen we het welvaartsverlies door corona nog wegwerken?

Net zoals een coronabesmetting bij velen zorgt voor langdurige schade aan de longen, heeft ook onze collectieve welvaart zware klappen gekregen. Om die coronaschade tegen 2030 weg te werken, moeten we het groeipotentieel van de tien jaar vóór de huidige crisis met de helft opkrikken, vindt werkgeversorganisatie VOKA. Zo niet, blijven we achter met een permanent welvaartsverlies dat op termijn onze hele welvaartsstaat onder druk dreigt te zetten.

opinie
Bart Van Craeynest
Hoofdeconoom werkgeversorganisatie VOKA, auteur van "Terug naar de feiten"

De acute fase van de coronacrisis zorgde in de eerste helft van het jaar voor een onwaarschijnlijke economische klap. De Belgische economie kromp toen met bijna 15 procent, ongezien buiten oorlogstijden. In de zomermaanden volgde een spectaculair, maar lang niet volledig herstel. En ondertussen zorgen de tweede golf en de maatregelen om die onder controle te krijgen voor een nieuwe terugval in economische activiteit. 

De eerste inschattingen daarvan wijzen op een nieuwe krimp van de economie met 4 à 4,5 procent. Dat valt veel beter mee dan tijdens de eerste lockdown, maar is opnieuw een zware klap. Ter vergelijking, de totale economische terugval in de crisis van 2008-2009 bedroeg 3,7 procent. Hoe zwaar deze crisis uiteindelijk zal wegen op onze welvaart, hangt evenwel vooral af van de kracht van het herstel in de komende jaren.

Ernstig gevaar op structurele schade

Volgens de vooruitzichten van de Europese Commissie zal onze economie in de komende jaren herstellen. Tegen 2023 zou de economische activiteit terug klimmen tot het niveau van 2019. Maar dat betekent niet dat daarmee de impact van de crisis weggewerkt is. Zonder corona zou de economie de voorbije jaren immers gewoon verder blijven groeien zijn. 

Als we in 2023 terug het niveau van 2019 bereiken, komt dat nog altijd neer op vier jaar zonder groei, waardoor we meer dan 5 procent onder het groeipad van voor de crisis blijven hangen. In euro’s van vandaag komt dat overeen met een verlies aan welvaart van 26 miljard euro. De cruciale vraag is evenwel wat er daarna gebeurt. Loopt dat welvaartsverlies nog verder op, of slagen we er in om de coronaschade weg te werken? Dat zal afhangen van wat er met ons economisch groeipotentieel gebeurt.

De vorige crisis vormt op dat vlak een belangrijke waarschuwing. In de periode voor 2008 lag de gemiddelde groei op 2,1 procent, maar na de crisis van 2008 schakelde onze economie terug naar een structureel lager groeipad van 1,4 procent per jaar. 

Als we na de coronacrisis een gelijkaardige impact zouden kennen, zou onze groei vertragen naar 0,7 procent per jaar. In dat geval krijgen we onze welvaart nooit meer terug op het pre-crisistraject en zadelt corona ons op met een structureel oplopend welvaartsverlies. Tegen 2030 zou dat welvaartsverlies oplopen tot 11 procent, of 50 miljard in euro’s van vandaag. Allicht zal het met onze economische groei niet zo’n vaart lopen als na 2008, maar toch zijn de eerste indicaties niet echt geruststellend. 

Volgens onze enquêtes bij ondernemingen blijken de investeringsplannen in 2020 met een kwart teruggeschroefd. En voor 2021 wordt geen beterschap verwacht. Ook de deelname aan opleidingen staat onder druk, terwijl de gevolgen van de crisis ook voor het onderwijs negatief lijken te zijn. Ten slotte dreigt deze crisis ook fundamenteel gezonde ondernemingen in moeilijkheden te brengen. 

Dit soort ontwikkelingen wijzen op het ernstige risico dat deze crisis structurele schade voor ons groeipotentieel zal veroorzaken, met een permanent lager welvaartsniveau, lagere koopkracht en een moeilijkere financiering van onze welvaartsstaat op langere termijn tot gevolg.

Tien jaar om de coronaschade weg te werken

Als we na deze crisis terugkeren naar het groeiniveau van voor de crisis (1,4 procent per jaar), dan geraken we nooit terug op het pre-crisistraject, maar neemt het welvaartsverlies ook niet verder toe. Willen we het welvaartsverlies door corona écht wegwerken, dan moeten we de komende jaren ons groeipotentieel naar een hoger niveau tillen. 

Om onze welvaart terug naar het pre-crisistraject te krijgen tegen 2030, zou een economische groei van 2,1 procent per jaar nodig zijn. Dus, zelfs als we er in slagen om onze groei de helft hoger te krikken dan in de voorbije tien jaar (wat niet vanzelfsprekend zal zijn), dan zal het nog tien jaar duren om de coronaschade weg te werken.

Om permanent welvaartsverlies te voorkomen, moet dus vandaag al volop ingezet worden op een beleid dat ons groeipotentieel structureel hoger tilt. Dat vereist inderdaad tijdelijke steunmaatregelen om zo veel mogelijk fundamenteel gezonde bedrijven door de huidige acute fase van de crisis te helpen. 

Maar ook volop inzetten op opleiding van mensen die al dan niet tijdelijk aan de zijlijn staan. Daarnaast moet ook nu al werk gemaakt worden van de relance na de acute crisisfase. Daarbij is een cruciale rol weggelegd voor de overheidsinvesteringen zodat we onze historische achterstand tegenover de rest van Europa dichtrijden. 

Essentieel is dan wel dat het gaat om investeringen die effectief ons groeipotentieel verhogen. Met mobiliteit, onderzoek & ontwikkeling, energie en digitalisering zijn er op dat vlak heel wat mogelijkheden. De voorbije maanden beloofden zowat alle regeringen in ons land al extra overheidsinvesteringen, maar voorlopig blijven de plannen daarvoor te versnipperd en te vaag en blijven de bedragen veel te laag. Daarnaast moeten we inzetten op een veel beter werkende arbeidsmarkt, een meer groeiondersteunende fiscaliteit en een meer competitieve marktomgeving. 

Net als crisissen begin jaren 80 of begin jaren 90 biedt deze coronacrisis de opportuniteit om een aantal van de structurele problemen in onze economie nu eens echt aan te pakken. De keuze is uiteindelijk vrij simpel. Als we dit nu doen, dan kunnen we de schade van de coronacrisis aan onze collectieve welvaart binnen een redelijke termijn wegwerken. 

Doen we dit niet, dan zadelt deze crisis ons op met een permanent welvaartsverlies dat de komende jaren alleen maar verder dreigt op te lopen en op termijn de houdbaarheid van onze hele welvaartsstaat in het gedrang brengt. De hele financiering van onze welvaartsstaat, en zeker van de toenemende pensioen- en gezondheidsuitgaven door de vergrijzing, steunt immers op economische groei.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.

Meest gelezen