Werken aan reïntegratie: tijdens of na detentie?

Een recent voorstel om straffen op te splitsen in een deel vrijheidsberoving en een deel reïntegratiewerk krijgt een stevige aanvulling: je kan een gevangene wel degelijk al van dag één in hechtenis voorbereiden op zijn vrijlating. 

“Zich reïntegreren in de samenleving doet men niet binnen de gevangenis maar wel buiten, en dus na een verblijf in de gevangenis” zegt onze directeur-generaal Gevangeniswezen Rudy Van de Voorde. In zijn opiniestuk pleit hij voor een wijziging in de strafwet waarbij gedetineerden een deel vrijheidsstraf krijgen en daarna verplicht een deel begeleiding moeten volgen. Een nieuw systeem dat komaf moet maken met gedetineerden die hun straf liever volledig uitzitten, dan vervroegd vrij te komen onder voorwaarden. Een radicale hervorming noemt de directeur-generaal van het Gevangeniswezen het. 

Het gaat niet goed met de gevangenisstraf

Dat het al lang niet goed meer gaat met de gevangenisstraf, is geen verassend nieuws. Het is een gemeenschappelijke bezorgdheid bij beleidsmakers, praktijkwerkers, academici en burgers sinds decennia. Niet alleen de werking en de resultaten van de gevangenisstraf, maar ook de geloofwaardigheid en het nut ervan worden kritisch in vraag gesteld. Het is dan ook niet nieuw dat men met allerlei “oplossingen” of alternatieven op de proppen komt.

Verschillende ministers van Justitie werden reeds geconfronteerd met de fundamentele gebreken van het gevangeniswezen. Ongeveer elk beleidsdocument van Justitie zet daar actief op in. Actiepunten zoals normaliseren, moderniseren, humaniseren, differentiëren, noem maar op. Allemaal zaken die als doel hebben het huidige penitentiair luik te versterken, maar in de praktijk zien we slechts weinig tot geen resultaat. Ondanks alle energie en pogingen, blijft het slecht gaan met de gevangenisstraf. 

Voorstel directeur-generaal Gevangeniswezen

De hoge recidivecijfers tonen volgens Rudy Van de Voorde aan dat het huidige gevangenissysteem kennelijk weinig betrouwbare informatie oplevert over het toekomstig gedrag van de ex-gedetineerde. Op basis van die weinig betrouwbare informatie, die we verzamelen in de geforceerde omgeving van de gevangenis, beslissen we of iemand al dan niet vervroegd in vrijheid kan worden gesteld, en dat blijkt vaak te leiden tot ongegronde beslissingen.

Werken aan de reïntegratie in onze samenleving kan volgens Rudy Van de Voorde niet in de gevangenis, maar moet buiten gebeuren na het verblijf in de gevangenis. Daarom stelt de directeur-generaal van het Gevangeniswezen een radicale hervorming voor van de gevangenisstraf. Hij wil de vrijheidsstraf opsplitsen in twee delen; “een deel dat moet uitgezeten worden in de gevangenis, de traditionele gevangenisstraf of vrijheidsstraf dus, en een deel daarbuiten, in de vorm van vrijheidsbeperking met verplichte begeleiding door de justitiehuizen”. Aldus Rudy Van de Voorde. Op die manier zou reïntegratie en herstel van toegebrachte schade echt deel gaan uitmaken van de vrijheidsstraf.

Wat met het eerste deel?

Dat er een radicale hervorming nodig is, daar zijn we het absoluut mee eens. Maar we stellen ons vragen bij de inhoud van dit nieuwe plan. In het pleidooi van Rudy Van de Voorde wordt de gevangenisstraf vrijwel nutteloos genoemd in functie van reïntegratie, maar toch is het uitganspunt en het grootse deel van zijn model gebaseerd op deze "geforceerde instituten". 

De tijd dat iemand dat eerste deel van de straf uitzit en de manier waarop dat gebeurt, zijn ook van tel en laten ook hun sporen na. Een klassiek gevangenisregime declasseert de gedetineerde. Hij of zij komt na zo’n gevangenisverblijf geschonden in de samenleving terug. Dat zal elke justitieassistent die ook nu al ex-gedetineerden begeleidt kunnen beamen vanuit de praktijk.

Zoals ook beschreven in het betoog van Rudy Van de Voorde moeten we , bij het zoeken naar alternatieve vormen en straffen, altijd waakzaam zijn voor netwidening. De “oplossing” mag niet als resultaat hebben steeds meer burgers in het justitieapparaat te drijven, want dit zou de overbevolking in de gevangenissen niet doen afnemen. 

Tot op heden was dit toch steeds het resultaat van die nieuwe alternatieven. We kunnen ons afvragen of het nieuwe voorstel van Rudy Van de Voorde dit ook niet zou veroorzaken? De geschiedenis leert ons dat wanneer slechts een deel van de straf uitgezeten wordt in de gevangenis, vaak gewoon een zwaardere straf wordt opgelegd in het begin. Opnieuw netwidening. 

Detentiehuizen

Vzw De Huizen pleit voor een model waarbij we werken aan de reïntegratie vanaf "dag één in detentie". Een oplossingsplan moet ervoor zorgen dat de gedetineerde zijn vrijheidsstraf zinvol invult. Samen met de gedetineerde gaan we op zoek naar wat hij/ zij nodig heeft om op een goede manier terug te keren naar de maatschappij. Daarin ligt de focus op de toekomst van de gedetineerde, zijn omgeving, de slachtoffers en de samenleving.

Vzw De Huizen ziet de uitvoering van deze vrijheidsstraf gerealiseerd in detentiehuizen. Dit zijn kleinschalige detentievormen die gedifferentieerd zijn op niveau van begeleiding en beveiliging, en bovendien verankerd zijn in de lokale omgeving. Het detentiehuis, gebaseerd op de drie pijlers, creëert de mogelijkheid om vanaf dag één te werken aan de reïntegratie en dat in verbinding met de maatschappij waar de gedetineerde vroeg of laat naar terugkeert, in vrijheid of onder voorwaarden. 

Radicale hervorming

De fundamentele gebreken van het gevangeniswezen en de behoefte aan radicale hervorming wijzen in de richting van een nieuwe detentievorm waarbij optimaal wordt ingezet op reïntegratie en herstel van toegebrachte schade. De vrijheidsstraf van de 21ste eeuw. Tijdens die straf, die plaatsvindt in de maatschappij, kan aan de hand van een individueel oplossingsplan en een gedifferentieerd aanbod gewerkt worden aan de reïntegratie. En dat bij het begin van de detentie.

Gelukkig is die weg al ingeslagen. De eerste transitiehuizen bestaan en binnenkort komen er dankzij het huidige regeerakkoord ook detentiehuizen. Als men wil dat de hervorming van de directeur-generaal daadwerkelijk resultaten oplevert, moet men die weg ook blijven bewandelen. De tijd dat iemand dat eerste deel van de straf uitzit en de manier waarop dat gebeurt, is van fundamenteel belang.

Ondertekend door:

Manu Pintelon nationaal coördinator vzw De Huizen en RESCALED

Hans Claus secretaris vzw De Huizen en gevangenisdirecteur Oudenaarde

Marlies Gailliaert nationaal coördinator vzw De Huizen en RESCALED

Jorgen Heylenbosch nationaal coördinator vzw De Huizen en RESCALED

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.

Meest gelezen