Videospeler inladen...

"De grootste crisis sinds WO II": hoe kunnen we er weer bovenop komen? En wie gaat dat allemaal betalen?

“We beleven de grootste economische crisis sinds de Tweede Wereldoorlog”: je hoort en leest het te pas en te onpas. En ‘t is niet eens zo overdreven als je de cijfers erbij neemt. Toch gloort er ook hoop, zo leerden we uit gesprekken met verschillende vooraanstaande economen. Want deze crisis heeft ook iets unieks, waardoor ook het herstel wel eens uitzonderlijk zou kunnen zijn. 

Is dit de grootste economische crisis sinds WOII? VRT NWS-journalist Steven Rombaut legt het eenvoudig uit in minder dan 3 minuten:

(Lees verder onder de video)

Videospeler inladen...

1. Is dit echt de grootste economische crisis sinds de Tweede Wereldoorlog?

De harde cijfers doen economen overtuigd “ja” knikken. De val van ons bruto binnenlands product (bbp) – dat is de totale waarde van goederen en diensten die een land produceert – was bij de eerste lockdown in maart ronduit dramatisch. Dramatischer dan de economische crisissen die we in de voorbije decennia zagen passeren.

“In de naoorlogse jaren hebben we nooit dergelijke cijfers gezien”, zegt Peter Vanden Houte, hoofdeconoom bij ING België. “Als je sprak van een recessie, had je het over een daling van het bbp van een halve tot anderhalve procent. Tijdens de financiële crisis van 2008-2009, die men nu de “Grote Recessie” noemt, ging dat in heel wat landen tot -5 procent. Nu zie je dat dat op veel plaatsen het dubbele was.”

Economieprofessor Paul De Grauwe van de London School of Economics and Political Science legde de grafiek (zie hierboven) van de wereldwijde industriële productie tijdens de coronacrisis op die van de Grote Recessie en die van de Grote Depressie (de economische crisis van de jaren 30). “We kunnen wel stellen dat de neergang begin dit jaar veel sneller en dieper was dan in 2008. Je zag een instorting van de productie van 20 procent.” Ook het ondernemersvertrouwen bereikte dit jaar historische diepten.

Toch loopt die vergelijking van de cijfers ook een beetje mank, omdat dit gewoon een totaal andere crisis is dan die vorige exemplaren. “In 2008-2009 was de economie zelf ziek”, legt economieprof Gert Peersman (UGent) uit. “En dan vooral het hart van de economie: de bankensector. Dat maakt een groot verschil, want je kunt historisch zien dat crisissen die gepaard gaan met een financiële crisis veel langer aanslepen en tot meer permanente schade leiden. Dat zien we – althans op dit moment – nog niet.”

Nee, dit jaar werden we getroffen door een “exogene crisis”. In mensentaal: een schok die niet ín en door onze economie zelf ontstond, maar die van buitenaf kwam, in de vorm van een bijzonder besmettelijk en dodelijk virus. En daarin sluimert ook hoop: als de oorzaak van die schok weg is, kunnen we in theorie weer over naar de orde van de dag.

Overheden en centrale banken hebben een heel belangrijke, stabiliserende rol gespeeld voor de economie

Hans Bevers, hoofdeconoom bij Degroof Petercam

Bovendien was er, zo merkt de hoofdeconoom bij zakenbank Degroof Petercam Hans Bevers op, de snelle reactie van overheden en centrale banken. "Zij hebben een heel belangrijke rol gespeeld en te spelen als stabilisator, om het economische systeem te stutten. Dat heeft nu al zijn vruchten afgeworpen.”

2. Wat betekent dat voor het herstel? Hoe snel mogen we dat verwachten?

Wie de vorige grafieken goed heeft bekeken, heeft het al gemerkt: de put was diep, maar, zo zegt ook De Grauwe, “het herstel na de eerste lockdown was ook veel sneller. Daardoor zal de neergang voor dit jaar nog wel groot zijn, maar toch minder dan de initiële, bijzonder diepe schok.” 

“Het herstel was eigenlijk al op gang gekomen na de zomer, omdat toen het aantal infecties sterk was gedaald”, legt hij uit. “Die heropleving was toch tamelijk sterk. Die is nu weer aan het slabakken door die tweede golf. Dat zie je in alle Europese landen. Maar op het moment dat het vaccin begint te werken en mensen min of meer een normaal leven kunnen hebben, komt er weer een heropleving.” 

Als we een derde golf kunnen vermijden en het vaccin aanslaat, zouden we in de lente een forse heropleving kunnen verwachten

Hij anticipeert zelfs op een mogelijke “consumptieboom”. “Mensen hebben nu weinig uitgegeven. De massa spaargeld is enorm aangegroeid, want wie gaat er nu pakweg een auto kopen? Daar wachten mensen mee tot het leven weer normaal wordt.” Die aangroei van de spaarcenten – beschouw het als een soort buffer die gezinnen nu even proberen aan te houden –  is ook voor Bevers, Vanden Houte en Peersman een argument om de hoop te koesteren op een snelle heropleving van de economie.

En zo zou je dus in principe kunnen aankijken tegen een soort asymmetrische W in de bbp-grafiek van ons land: de diepe put van de eerste lockdown, een fors herstel in de zomer, een kleiner dipje bij de tweede lockdown, waarna de economie in de loop van het voorjaar van 2021 opnieuw stevig begint op te leven (zie grafiek hieronder). 

Belangrijke randvoorwaarden daar: dat het vaccin de komende maanden breed genoeg kan worden toegediend en het effectief is en dat we een derde golf en lockdown kunnen vermijden. De huidige coronacijfers, die niet meer overtuigend dalen, hangen dus als een donkere wolk boven het economische herstel.

Of de brexit nog een extra verstorende impact kan hebben? "Dat kan op korte termijn wel wat wegen op het herstel", denkt Peersman. "Maar die grootteorde valt niet te vergelijken met het belang van de andere elementen die het herstel zullen bepalen."

3. Intussen zijn er toch wel wat gezinnen en ondernemers die financieel op hun tandvlees zitten: waar zit die schade dan precies?

Toch wel een terechte bemerking: terwijl wij hier met z’n allen naar de cijfertjes zitten te staren, zitten daaronder wel échte mensen met soms ook serieuze financiële kopzorgen. Waar die coronacrisis het lelijkst heeft huisgehouden: dat hebben we voor u in een apart artikel gegoten. Dit moet u in elk geval weten:

De sectoren waar de echte schade zit, zijn natuurlijk niet zo verrassend de cultuur- en evenementensector, de horeca en reissector en de “niet-essentiële” winkels. In de evenementensector noteren bedrijven al sinds maart elke week inkomstenverliezen tussen de 75 en de 90 procent. In de horeca was dat ondanks een kleine verbetering in de zomer elke maand -65 procent en meer. De winkels die voorbije maand dicht moesten na een al dramatisch voorjaar, spraken in november opnieuw van een inkomstenverlies van zeker de helft.

Een studie van de KU Leuven van eind mei wees bovendien uit dat net in die zwaar getroffen sectoren bovengemiddeld veel mensen werken met een kwetsbaar sociaal-economisch profiel: meer jongeren, alleenstaanden, huurders, mensen met deeltijdse en/of tijdelijke contracten en zelfstandigen. 

Dat merkt ook Peersman op: “De ongelijkheid neemt toe, omdat de lagere inkomens nog meer verliezen. Het zijn de hogere inkomens die nu kunnen sparen: dat zijn de mensen die nu thuis zitten en digitaal kunnen werken, maar ondertussen niks kunnen uitgeven aan reizen en restaurants.”

De mensen die erg zwaar getroffen zijn, vormen wel niet de grootste groep in ons land. De enquêtes van de Nationale Bank en de Economic Risk Management Group leren dat ongeveer 1 op de 5 gezinnen meer dan 10 procent van zijn inkomen kwijt is. Minder dan 1 op de 10 gezinnen moet het met een inkomensverlies van 30 procent of meer zien te beredderen. 7 op de 10 Belgen hebben helemaal geen impact gevoeld.

4. Toch kunnen heel wat bedrijven momenteel enkel overleven dankzij overheidssteun: hoelang kan dat nog blijven duren?

Vorige week kwam onderzoeksbureau Graydon nog met een waarschuwing in ons economische magazine “De markt”: we mogen nog een economische boemerang verwachten. Momenteel zijn er een derde minder faillissementen dan in een “normaal” jaar, maar dat is natuurlijk te danken aan die overheidsmaatregelen. 

Als de overheidssteun opdroogt, zouden we daarom de maanden en jaren nadien 50.000 faillissementen kunnen verwachten, zo luidt het doemscenario. De Nationale Bank en het Planbureau gaan er momenteel ook nog van uit dat dit jaar en volgend jaar alles samen 80.000 tot 100.000 jobs zouden kunnen verdwijnen in ons land.

Herbekijk hier het gesprek daarover in "De markt" op Eén:

Videospeler inladen...

Zitten we met die overheidssteun dan niet onder een soort stolp? Want wat als we die zouden weghalen? De Grauwe: "Nog juister is dat we in een huis zitten dat dreigt in te storten. Dat moet je stutten: je moet ervoor zorgen dat dat recht blijft en dat de mensen die erin zitten, geen schade ondervinden. Als de overheid dat doet, gaat de heropleving die bedrijven vanzelf weer doen draaien.”

De veelgehoorde kritiek luidt dan dat we nu bedrijven rechthouden die zelfs zonder coronacrisis op wankelen stonden, de zogenaamde “zombies”? De Grauwe ontkent dat niet, maar hij noemt het praktisch onhaalbaar om nu die selectie te maken. “Dat gaat enorm veel tijd vergen. Intussen bestaat het risico dat veel gezonde bedrijven overkop gaan. En dat risico is veel groter dan dat je een aantal zombies overeind houdt.”

Peersman treedt hem bij, te meer omdat door de coronacrisis net ook een aantal sectoren getroffen zijn die voordien wel de wind in de zeilen hadden, zoals evenementen en horeca. “De beleveniseconomie was meer en meer aan het boomen. Die dingen zitten in onze cultuur. Wij gaan nu eenmaal op restaurant, naar een show van Studio 100 of naar Tomorrowland. Waarom zouden wij dat niet meer doen na de crisis? Ik denk dat de heropleving na corona daar sterk gaat zijn.”

Bekijk hier de reportage van "Terzake" over het moratorium op faillissementen:

Videospeler inladen...

Het risico dat veel gezonde bedrijven overkop gaan, is veel groter dan dat je een aantal zombies overeind houdt

Professor economie Paul De Grauwe (London School of Economics and Political Science)

Meer kopzorgen zijn er over de kleinhandel. Het klassieke winkelmodel stond al onder druk door het online shoppen en de coronacrisis heeft dat alleen nog maar versneld. “Je ziet al wat bedrijven in moeilijkheden daar: FNG, E5 Mode, Mega World”, oppert Vanden Houte. “Als de economie dan heropent, zal dat in die sector misschien toch gepaard gaan met een structureel lagere werkgelegenheid.”

Maar nu is het dus vooral zaak voor de overheid om zoveel mogelijk de bedrijven, de economie te ondersteunen. Daarmee te snel stoppen, zou een grote fout zijn, waarschuwt Peersman. “Zo kan je toch nog permanente schade creëren. Als je te snel terugschroeft, kan je opnieuw een recessie krijgen.” 

(Lees verder onder de foto)

Archiefbeeld ter illustratie.
Copyright © 2006, Gabriel Martinez , licensed via EyeEm Mobile GmbH

5. Zijn we zo dan geen put aan het graven die latere generaties zullen moeten vullen?

Toch opmerkelijk: de economen die wij spraken, maken zich daar niet zoveel zorgen over. “De mensen die beweren dat de staatsschuld nu problematisch is, moeten toch eerst eens goed kijken in wat voor regime we nu zitten”, vindt De Grauwe.

Nu wordt het even technisch, maar voor een goed zicht op de staatsschuld wordt gekeken naar de “schuldratio”: dat is de totale schuldenlast ten opzichte van het bbp. Door de coronacrisis zitten we tegen eind dit jaar aan een schuldratio van een kleine 120 procent. 

De mensen die de beweren dat de staatsschuld nu problematisch is, moeten toch eerst eens goed kijken in wat voor regime we nu zitten

Professor economie Paul De Grauwe (London School of Economics and Political Science)

Op die schulden – lees: het geld dat een land heeft geleend – moeten we rente betalen. Dat zou problematisch zijn als die rente hoger ligt dan de groei van de economie, van het bbp. Want dan blijft de schuld maar stijgen en moet je dus zwaar besparen om van die schuld af te geraken. Dat is een situatie waar we tientallen jaren in zaten.

Maar niet vandaag. Vandaag is de rentevoet historisch laag en het lijkt er niet op dat dat onmiddellijk zal veranderen. De Belgische staat kan over 30 jaar lenen aan een rentevoet van 0,3 procent, terwijl het bbp groeit aan 2 à 3 procent (waarvan 1 à 2 procent inflatie). “Die schuldratio daalt de komende jaren vanzelf, zonder dat je iets doet”, concludeert De Grauwe. 

(Lees verder onder de foto)

Archiefbeeld ter illustratie.
Copyright © 2019, James Byard, licensed via EyeEm Mobile GmbH

Wel problematisch zijn overheidsuitgaven die elk jaar terugkeren, vindt Peersman. Hij verwijst naar de loonsverhoging in de gezondheidszorg – waar hij wel enig begrip voor heeft – of de geplande verhoging van de minimumpensioenen – die hij minder snapt. “Voor zulke uitgaven zal je moeten besparen of belastingen moeten uitschrijven. Daar zal iemand de factuur voor moeten betalen. Voor die eenmalige maatregelen om de economie te ondersteunen normaal gezien niet.”

6. Zijn die lockdowns het, puur economisch bekeken, wel waard?

Het antwoord daarop is eenvoudig: zeker en vast. Zowel Hans Bevers als Gert Peersman wijzen erop hoe akelig nauwgezet de economische prestaties van een gebied de evolutie van de coronacijfers volgen: hoe slechter die laatste, hoe dramatischer de eerste. Bevers plaatst daarom de coronacurves bovenaan bij de middelen die helpen om het verloop van de economie op de korte termijn te kunnen inschatten.

Als je dat virus meer kunt terugdringen met een lockdown, heb je daar economisch baat bij. Ook daarom moeten we proberen een derde golf te vermijden

Professor economie Gert Peersman (UGent)

“Iedereen dacht dat het een keuze was tussen economie en gezondheid”, zegt Peersman. “Ik was aanvankelijk een van de enigen die zei dat een lockdown ons uiteindelijk minder zou kosten dan het virus zijn gang laten gaan. Maar toen had ik nooit gedacht dat het verband zo groot zou zijn.”

“Je kunt het zelfs op stedelijk niveau zien: hoe meer virus in omloop, hoe groter de economische schade. Of je nu vroeg of laat in lockdown gaat of weer versoepelt: maakt niet uit. Als je dat virus meer kunt terugdringen met een lockdown, heb je daar economisch baat bij. Ook daarom moeten we proberen een derde golf te vermijden. Als die er komt, hebben we weer een probleem.”

Bekijk hier het gesprek met minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) in "Terzake":

Videospeler inladen...

Meest gelezen