Rapport Comité P over zaak-Chovanec: "Hele reeks triggers, en toch raakte informatie niet bij juiste mensen"

Het rapport van het Comité P, het orgaan dat toezicht houdt op de politiediensten in ons land, over de zaak-Chovanec is klaar. In het rapport staat dat verschillende leden van de luchtvaartpolitie de videobeelden van de ruwe arrestatie van Jozef Chovanec wel degelijk zagen, maar dat de top van de politie nooit op de hoogte gesteld werd. Nochtans waren er een hele reeks "triggers" die de politiehiërarchie had moeten alarmeren, maar raakte de informatie toch niet bij de juiste personen. 

In de zaak-Chovanec heeft het Comité P, het orgaan dat toezicht houdt op de politiediensten in ons land, zijn rapport klaar. Comité P startte zijn onderzoek eind augustus, enkele dagen nadat er beelden van het forse politie-optreden in een cel op de luchthaven van Charleroi gelekt waren. Het rapport komt bovenop het gerechtelijk onderzoek naar de feiten (dat nog loopt) en een intern politie-onderzoek. 

Waar gaat de zaak-Chovanec nu weer over?

Even recapituleren. Op 27 februari 2018 overlijdt de Slovaakse man Jozef Chovanec in een ziekenhuis in Charleroi. Vier dagen ervoor, in de nacht van 23 op 24 februari 2018, was hij in de politiecel op de luchthaven van Charleroi bruut aangepakt door de politie. Een agent zit onder meer 16 minuten lang bovenop de man, een andere agente brengt intussen de Hitlergroet. Meer weten? Lees dan deze tijdslijn over de zaak

In het rapport heeft het Comité P vooral gefocust op de doorstroom van informatie. Comité P concludeert dat de politietop inderdaad nooit op de hoogte was van wat zich precies heeft afgespeeld in die politiecel in Charleroi. Ze kende de volledige feiten pas deze zomer, op het moment dat de beelden gelekt werden in de pers. Nochtans waren er verschillende leden van de luchtvaartpolitie die die beelden wél gezien hebben, ruim voor ze in de pers verschenen. Maar niemand vond het nodig om die hogerop te melden. 

De politietop had geen weet van de beelden (en eigenlijk had dat wel gemoeten)

Volgens Comité P waren er ook "voldoende triggers" die ertoe hadden moeten leiden dat de informatie naar boven toe verspreid werd. Het gaat dan niet alleen om de informatie die de officier van de administratieve politie die die bewuste nacht in dienst was in handen had, maar ook bijvoorbeeld het feit dat de weduwe en de broer van het slachtoffer een klacht hadden ingediend, de vragen van de persdienst van de politie om meer informatie én de herhaaldelijke vragen van de Slovaakse ambassadeur aan toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA). 

Daarnaast zijn er nog de videobeelden op zich. Die werden enkele dagen na het overlijden van Chovanec gekopieerd op een USB-stick en doorgespeeld aan Justitie, waarna ze op 8 maart aan het diensthoofd van de luchtvaarpolitie in Gosselies werden bezorgd. Maar tijdens een debriefing over de zaak op 21 maart in aanwezigheid van de meeste betrokken agenten en onder meer de directeur van de luchtvaartpolitie, de operationeel verantwoordelijke en de welzijnsverantwoordelijke zijn de beelden niet getoond. De reden die daarvoor werd opgegeven is dat men de betrokken agenten niet wilde zwart maken, stipt het Comité P aan. "Maar waarom werd hun verhaal dan niet geverifieerd aan de hand van de beelden?", klinkt het in het rapport.

Waarom werd hun verhaal dan niet geverifieerd aan de hand van de beelden?

Rapport Comité P

Bovendien zijn de beelden in die periode wel degelijk door verschillende werknemers van de luchtvaartpolitie in Gosselies gezien, zegt het Comité. Eén inspecteur toonde zelfs enkele minuten van de video aan medewerkers van de politieacademie.

Ook de rol van toenmalig minister Jambon, intussen Vlaams minister-president, komt aan bod in het rapport. Daarover zegt het Comité P dat de communicatie veeleer gebeurde met de directie van de luchtvaartpolitie, en er niet teruggekoppeld werd naar de directeur-generaal van de administratieve politie of met de commissaris-generaal. Die manier van communiceren zou een gevolg geweest zijn van de aanslagen in de periode rond 2016.

Het rapport komt volgende week maandag aan bod in de Begeleidingscommissie van het Comité P in de Kamer. Het Comité is geen disciplinair orgaan en wijst dus nergens in het rapport een verantwoordelijke aan. Het interne politieonderzoek naar de gebeurtenissen in Charleroi loopt nog. Minister van Binnenlandse Zaken Annelies Verlinden (CD&V) wacht die resultaten af om te bekijken of er bijkomende maatregelen nodig zijn, zei ze gisteren nog in de Kamer.

Meest gelezen