Tyne Cot Cemetery, in het West-Vlaamse dorp Passendale.

Britten die oorlogsgraven uit WOI en WOII in Europa onderhouden, dreigen helft inkomen te verliezen door brexit

Het Britse personeel dat in Europa oorlogsgraven van het Gemenebest onderhoudt, dreigt door de brexit tot de helft van hun inkomen te verliezen. Ze werden door de Commonwealth War Graves Commission voor de keuze gesteld: terugkeren naar het Verenigd Koninkrijk of er loon bij inboeten.

Het is misschien niet het eerste wat in u opkomt, maar de aankomende brexit heeft mogelijk ook verstrekkende gevolgen voor het Britse personeel dat in Europa de oorlogsgraven van het Gemenebest onderhoudt. De tuinmannen en steenhouwers die ervoor zorgen dat de begraafplaatsen met slachtoffers uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog er piekfijn in orde bij liggen, dreigen namelijk tot de helft van hun inkomen te verliezen.

Midden november kregen ze van de Commonwealth War Graves Commission die verantwoordelijk is voor de begraafplaatsen een bericht waarin ze voor de keuze werden gesteld. Ofwel kiezen ze voor een job binnen het Verenigd Koninkrijk en krijgen ze een vergoeding om naar hun land terug te keren, ofwel dreigen ze een aanzienlijk deel van hun loon te verliezen.

Door de brexit zullen ze namelijk vanaf 2021 niet langer onder het Britse belastingsysteem vallen, maar onder dat van het land waarin ze werken. Wat hen een pak minder zal opleveren. Bovendien zullen ze een Britse toelage voor overzees werk verliezen en zijn er ook gevolgen voor hun pensioen.

Al het werk dat we erin hebben gestoken en ze behandelen ons gewoon als stront

Anonieme Britse werknemer op een Gemenebest-begraafplaats
Een werknemer onderhoudt een grafsteen op Tyne Cot Cemetery, in het West-Vlaamse dorp Passendale.
BELGA/VERGULT

Het gaat hier maar over een beperkt aantal mensen, want de voorbije decennia is het aantal Britten dat de oorlogsgraven in Europa onderhoudt, gevoelig gedaald. Volgens de Britse krant The Times zouden er in ons land en Frankrijk samen maar 32 Britten meer aan de slag zijn.

Beperkt of niet, het bericht van de commissie kwam voor hen wel als een complete verrassing en ze vinden dat ze oneerbiedig behandeld worden. Sommigen van hen werken al meer dan 30 jaar op een overzeese begraafplaats. Nu plots tot de helft minder verdienen, zou betekenen dat ze hun levensstandaard danig moeten aanpassen en ze zich het huis waarin ze wonen misschien niet meer kunnen veroorloven.

"Ik hou van mijn werk, maar ik kan met dat salaris niet doorgaan. Al het werk dat we erin hebben gestoken en ze behandelen ons gewoon als stront", getuigde een Brit die op een overzeese begraafplaats werkt anoniem aan The Times.

De Commonwealth War Graves Commission heeft begrip voor de reacties en belooft nog voor het einde van de overgangsperiode (eind dit jaar) met een voorstel te komen, dat "eerlijk en volledig inschikkelijk" zal zijn.

De wreedheid van een oorlog tot kunst verheven

De Commonwealth War Graves Commission werd in 1917 opgericht en is verantwoordelijk voor de herdenking van 1,7 miljoen soldaten van het Gemenebest die tijdens de twee wereldoorlogen sneuvelden. De oorlogsgraven liggen verspreid over 23.000 plaatsen in 153 landen.

De soldatenkerkhoven zijn door de commissie tot een ware kunstvorm verheven, met sobere witte grafstenen en keurig verzorgde gras- en bloemenperkjes. Vaak in groot contrast met bijvoorbeeld de Duitse oorlogsgraven, waar een donkere sfeer kan hangen. De Britse begraafplaats met het grootste aantal graven op het Europese vasteland, ligt in ons land: Tyne Cot Cemetery, in het West-Vlaamse dorp Passendale.

Meest gelezen