Copyright 2020 The Associated Press. All rights reserved.

Het leger van Myanmar grijpt de macht: militaire dictatuur is de regel in het vroegere Birma

Met de staatsgreep van gisteren lijkt Myanmar (Birma) terug te keren naar de normale toestand: die van een militaire dictatuur. In feite is het leger sinds het "herstel van de democratie" vijf jaar geleden nooit echt ver van de macht geweest. Het erg grote leger is dan ook de machtigste instelling van het land en voelt zich gesteund door buurland China. 

analyse
Jos De Greef
Jos De Greef is journalist van VRTNWS Buitenland met focus op Midden en Verre Oosten en India.

Met 550.000 soldaten en paramilitairen onder de wapens beschikt Myanmar over het op een na grootste leger van Zuidoost-Azië. In de regio heeft alleen Vietnam nog meer kaki.

De "Tatmadaw" (strijdkrachten) is zonder twijfel de machtigste instelling in Myanmar. Van de 73 jaar sinds de onafhankelijkheid in 1948 leefde het land bijna 54 jaar onder militair bewind. Zelfs na het "herstel van de democratie" en de verkiezingszege van Nobelprijswinnares voor de Vrede Aung San Suu Kyi in 2015 behield dat leger via de zelf opgestelde grondwet een grote vinger in de pap. Zo is een vierde van de parlementszetels zonder verkiezingen voorbehouden voor de  militairen en daarnaast hebben die met de USDP nog verkozenen als de op een na grootste partij in Myanmar. Buitenlandse Zaken, Defensie en Grensbewaking zijn altijd voorbehouden voor militairen en die moeten op die terreinen geen verantwoording afleggen.

Het leger is dermate machtig dat het zelfs die andere invloedrijke pijler van de maatschappij - de boeddhistische clerus - aankan, zoals enkele jaren geleden bleek tijdens het onderdrukken van de "Saffraanrevolutie", een volksprotest onder leiding van boeddhistische monniken. Die werden zelfs brutaal aangepakt en mishandeld.

Het leger is ook het speerpunt van het Birmaanse nationalisme bij de dominante bevolkingsgroep van Myanmar

Behalve politieke repressie voert het leger bijna onafgebroken strijd tegen rebellengroepen van diverse minderheden in de bergachtige grensgebieden zoals de Shan en Karen in het oosten, Kachin in het noorden en - meer bekend - zowel de Rohingya als hun boeddhistische rivalen de Rakhine in het westen. Telkens gaat dat gepaard met grove schendingen van de mensenrechten en - in het geval van de Rohingya - over een van de grootste etnische "zuiveringen" van de voorbije eeuw. Meer dan 800.000 Rohingya zijn recent naar Bangladesh verdreven. Het leger is dan ook het speerpunt van het Birmaanse nationalisme van de dominante bevolkingsgroep in Myanmar.

"Tatmadaw" is ook economische macht

Wie zo lang aan de macht is, krijgt ook een grote greep op de economie. Is Myanmar dan een arm land, dan beschikt het toch over grote - vooral minerale - rijkdommen. Van oudsher voert het land veel edelstenen zoals saffieren, robijnen, parels en jade uit. Meer recent zijn tropisch hout, olie en gas en een groeiende textiel- en kledingindustrie erg belangrijk. Toerisme met tempelsteden zoals Bagan is ook ontloken. (Lees verder onder de foto).

Stafchef Min Aung Hlaing is nu ook officieel de machtigste figuur van Myanmar.
Copyright 2018 The Associated Press. All rights reserved.

Sinds de economische liberalisering hebben veel topmilitairen en met hen verwante families een flinke graai kunnen doen in die fors groeiende economische sector. Wellicht is een van de redenen voor de staatsgreep dan ook om die positie te handhaven. 

Sinds 2015 was er een wankel evenwicht tussen de Nationale Liga voor de Democratie van Aung San Suu Kyi en de legertop. De nieuwe en zelfs nog grotere verkiezingszege van die NLD eind vorig jaar en de toenadering tussen Aung San Suu Kyi en de door het leger vervloekte minderheden zetten de topmilitairen aan het denken. Blijkbaar voelden ze dat de huidige grondwet hun machtspositie niet eeuwig kon beschermen en moest Aung San Suu Kyi dus opnieuw  aan de kant worden geschoven. 

Couppleger en stafchef generaal Min Aung Hlaing had wellicht ook persoonlijke redenen. Met zijn 64 jaar is hij een jaar verwijderd van zijn pensioen. Net zoals andere topmilitairen is hij beducht voor de toekomst, zeker nu hij en anderen in het vizier komen van het Internationaal Strafhof wegens volkerenmoord en etnische zuivering van Rohingya de voorbije jaren. Aung San Suu Kyi heeft het leger in die crisis weliswaar verdedigd voor dat strafhof in Den Haag, maar het vertrouwen was wederzijds niet groot.

De topmilitairen riskeren met hun staatsgreep nu wel nieuwe economische sancties, maar weten zich anderzijds gesteund door hun oude bondgenoot China die hen al decennia de hand boven het hoofd houdt. China heeft grote economische belangen in Myanmar, dat voor Peking een strategische uitweg over land vormt naar de Indische Oceaan. Mensenrechten zijn noch in Myanmar noch in China van tel en dat schept ook een band. Ook nu waarschuwt Peking de internationale gemeenschap om "de situatie in Myanmar niet nodeloos complex te maken". Of anders: "Bemoei er u niet mee". (Lees verder onder de foto).

Het leed van de gevluchte Rohingya is al jaren het gezicht van het leger van Myanmar.

Het leger van Myanmar past overigens in een lange traditie. Al meer dan duizend jaar is het leger van de koningen van de Bamar (of Birmanen) een van de grootste in Zuidoost-Azië. Het stichtte als het ware het Birmaanse koninkrijk door grote delen van het land te veroveren op andere bevolkingsgroepen zoals de Mon, Karen en Shan. Buitenlands kon Birma in de 16e en 17e eeuw twee keer Ayutthaya, de hoofdstad van Siam (nu Thailand), verwoesten. In de 17e eeuw sloegen de Birmanen zowaar een grootscheepse Chinese invasie terug en ook Portugese en Franse troepen werd resoluut de deur gewezen.

Dat was anders met de Britten die vanuit India Birma veroverden in 1885 en het koninkrijk en het leger afschaften. Wel richtte het Britse koloniale gezag begin de 20e eeuw een apart Birmaans leger op dat vooral bestond uit minderheden. 

"Ruggengraat van de natie"

De kern van het huidige leger gaat terug tot de jaren 40 toen Aung San - de vader van de nu afgezette regeringsleider Aung San Suu Kyi - in de schaduw van de Japanse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog een collaborerende strijdmacht oprichtte. Toen de oorlogskansen keerden en de Japanse "bevrijders" ook niet zo vriendelijk bleken, liep Aung San over naar de Britten, die hem zijn "zonden vergaven" en Birma de onafhankelijkheid schonken. Voor het zover was, werd Aung San vermoord. (Lees verder onder de foto).

Een militaire parade voor de grote standbeelden van koningen en veroveraars Anawrahta, Bayinnaung en Alaungpaya.

Het Birmaanse leger bestond toen uit twee delen: enerzijds de pro-Japanse militairen van Aung San en anderzijds diegenen die in Britse dienst hadden gevochten. De eerste groep bestond vooral uit etnische Birmanen, met 68 procent de belangrijkste bevolkingsgroep, de tweede afdeling vooral uit leden van minderheden zoals de Karen. Al snel kregen de Birmaanse officieren de overhand in het onafhankelijke land en werden de minderheden verdrongen uit het leger.

Het nieuwe Birma bleek echter politiek weinig stabiel en in 1962 greep legerleider Ne Win de macht. Hij vestigde een dictatuur op basis van het leger en zijn socialistische partij die tot 1988 standhield. Daarna grepen jongere officieren de macht voor nog eens 27 jaar militaire dictatuur. Die eindigde met de verkiezingsoverwinning van Aung San Suu Kyi in 2015. Enkele jaren later leek de lokroep voor een nieuwe staatsgreep en een nieuw militair bewind voor velen dus te sterk.

Kaart: rode cirkels: conflicten met minderheden

Meest gelezen