Wat er goed en fout liep in de "Pano" over contactonderzoek

We missen kansen met het contactonderzoek. Dat blijft toch de belangrijkste conclusie van de "Pano" van vorige woensdag. Onze contact tracing zou beter kunnen. Maar het Agentschap Zorg en Gezondheid had het moeilijk met de reportage. Het agentschap vond dat "Pano" informatie “verzweeg” en dat er “manifeste fouten” waren. In deze column geef ik een korte samenvatting van mijn beoordeling van de klacht van het agentschap.

ombudsman
Tim Pauwels

Contact tracing is niet wat het zou kunnen zijn

Als we de biostatistici en epidemiologen mogen geloven, schiet onze contact tracing nog altijd tekort. Volgens hen zijn de cijfers die onze contact tracing verzamelt, lang niet fijnmazig genoeg. We zouden veel beter kunnen weten waar besmettingen vandaan komen.  We zouden misschien veel beter kunnen beslissen waar en hoe we kunnen versoepelen. Na een jaar lockdown is dat geen banaal ding om horen.

Een pluim voor de reportage

Uit de reportage leren we ook dat  sommige mensen met expertise kennelijk nogal snel genegeerd werden bij de opstart van het hele ding. Het moest snel gaan. In een crisis moet je de critici opzij durven schuiven. Dat soort sfeer. Omdat de Panoreportage dat heel mooi blootlegt, verdient ze alleen al daarom een pluim.

De verslaggeving over de aanbesteding viel niet in goede aarde bij het agentschap

De kritiek van het agentschap ging vooral over de manier waarop Pano berichtte over de aanbesteding. Bij die aanbesteding was er maar één enkele offerte. Ook het Rekenhof zegt dat dat niet ideaal was om over de prijs te onderhandelen. Maar het agentschap vond de berichtgeving dus eenzijdig en fout. 

Pano mag zeggen dat er geen mededinging was

Zo vond het agentschap dat Pano niet mocht zeggen dat er geen mededinging was omdat er voor de onderhandse aanbesteding wel degelijk zes kandidaten waren aangeschreven. Ik ben het daar niet mee eens omdat er uiteindelijk wel degelijk maar één offerte was. Het siert het agentschap dat het de prijs desondanks nog miljoenen naar beneden heeft onderhandeld. Maar met maar één offerte heb je geen echte concurrentie en Pano mocht dat naar mijn aanvoelen zo zeggen. Ook andere punten van kritiek vond ik niet terecht. Maar ik wil in deze column focussen op één element waarvan ik vind dat het agentschap wel een punt had.

Eenzijdige, suggestieve zinnetjes

In de uitzending zaten deze suggestieve zinnetjes : “Dat kan wijzen op voorkennis en dat is onwettig”  en “Dat lijkt opnieuw te wijzen op voorkennis”. En ook: “Zijn er onwettige afspraken gemaakt?” Ik ben principieel al een koele minnaar van suggestieve zinnetjes. En in dit geval vind ik ze te eenzijdig. Waar gaat het over? 

Een “vreemde” datum op delen van de offerte.

Als de overheid een opdracht aanbesteedt, is het belangrijk dat elke kandidaat op hetzelfde moment dezelfde informatie krijgt. Als sommige documenten uit de offerte kennelijk al klaar waren voor de aanbesteding werd uitgeschreven, kan dat op het eerste gezicht verdacht lijken. En daarover zegt Pano dus “Dat kan wijzen op voorkennis en dat is illegaal.” Hoewel die zin in de voorwaardelijke wijze staat, suggereert Pano hier toch dat het agentschap illegale dingen heeft gedaan door één partner te bevoordelen. Dat is geen geringe beschuldiging. Voor alle duidelijkheid : ook het Rekenhof maakt melding van die “vreemde” datum maar zonder tot een conclusie te komen. Het Rekenhof neemt de woorden illegaal of voorkennis niet in de mond. Pano wel.

Een klacht bij de Raad van State wordt niet doorgezet

Pano baseert zich voor haar suggestieve zinnetjes op een klacht die ondernemer Eric Ignoul heeft ingediend bij de Raad van State en vervolgens weer heeft ingetrokken. De Raad van State heeft zich er dus nooit over uitgesproken. Ignoul is teleurgesteld omdat hij nooit werd aangeschreven voor de aanbesteding. Het zijn zijn advocaten die vinden dat de “vreemde datum” kan wijzen op illegale voorkennis. Maar een (ingetrokken) klacht bij de Raad van State is maar één partij.

Een eerdere offerte werd gewoon hergebruikt

Pano vertelt aan de kijker niet dat er twee aanbestedingen zijn geweest voor de contact tracing. De eerste kreeg negatief advies van de Inspectie Financiën en werd stilgelegd.  Consultant KPMG had al meegedaan aan de eerste aanbesteding. Voor de tweede aanbesteding stapt KPMG in een consortium met onder meer de ziekenfondsen en callcenter IPG. De offerte van de eerste aanbesteding, werd deels hergebruikt voor de tweede aanbesteding. En de datum op sommige documenten uit de offerte is stomweg blijven staan, zegt het agentschap. 

Je kunt moeilijk voorkennis hebben over wat je al wist

Volgens het agentschap waren de eerste en de tweede aanbesteding op vele punten vergelijkbaar.  En bepaalde documenten kwamen vrijwel ongewijzigd in de nieuwe offerte terug.  Dat is een vergissing van de indieners  maar geen bewijs van onwettige praktijken, zegt het agentschap. Heeft het agentschap gelijk? Dat weet ik niet. Maar als je suggesties doet over mogelijke onwettigheid, zou het fair zijn om de betrokkene te contacteren. Dat heet wederhoor in de journalistieke ethiek.  Als er een andere, minder dramatische verklaring voor de vreemde datum is, vind ik het logisch dat die ook gewoon wordt meegegeven aan de kijker. 

De hele eerste aanbesteding werd niet vermeld

De hele eerste aanbesteding wordt op de tijdlijn van Pano zelfs niet vermeld.  Eindredacteurs Pascal Seynhaeve en Sara Van Boxstael zeggen daarover in een reactie van Pano op de kritiek van het agentschap : 

“We hebben ervoor gekozen om ons in onze reportage te focussen op de aanbesteding die effectief geleid heeft tot de toewijzing van de overheidsopdracht. Niet op een ingetrokken aanbesteding. Dat is in onze ogen journalistiek verantwoord.”

Daar ben ik het niet mee eens. Toch niet als je suggesties doet over onwettigheid op basis van een “vreemde” datum, terwijl die vreemde datum ook minder dramatisch kan verklaard worden door die eerste aanbesteding. Het zou fair geweest zijn om de reactie van het agentschap daarover vooraf mee te nemen. Dat hoeft zelfs niet via een interview; het kan gewoon in commentaar. Maar dat is niet gebeurd en dat vind ik dus wat eenzijdig.

Was alles dan oké met die aanbesteding?

Een aanbesteding waar maar één offerte op binnenkomt kan je moeilijk een succes noemen. Er werden ook maar zes bedrijven aangeschreven. Waarom die zes? Dat is een relevante vraag. Relevanter dan een “vreemde datum” op sommige stukken, denk ik zelf, al zijn de reportagemakers natuurlijk vrij om hun keuzes te maken. Maar op een moment dat Vlaanderen massaal callcenters nodig heeft, wordt er dus maar één callcenter aangeschreven voor de aanbesteding: IPG. Een callcenter dan nog, dat verliezen draait. Waarom alleen dat ene? Pano gaat er eigenlijk niet op in. In elk geval, wanneer de ziekenfondsen en dat ene callcenter de handen in elkaar slaan, kunnen andere kandidaten niet meer tegen hen op. En dus komt maar één enkele offerte binnen.

De minister en het agentschap

Het agentschap zegt dat het geen kans op een reactie heeft gekregen. Pano heeft de bevoegde minister geïnterviewd. Dat is geen onlogische keuze.  Reportagemakers werken naar een eindinterview toe met de minister en gaan ervan uit dat de minister op alle vragen kan antwoorden. Dat is legitiem, maar deze keer liep het anders.  Eindredacteur Pascal Seynhaeve en Sara Van Boxstael, deze keer in een reactie aan mij : 

"‘Als redactie zijn wij ervan uitgegaan dat het antwoord van de bevoegde minister en Vlaamse eindverantwoordelijke voor de contact tracing als wederhoor geldt. Minister Wouter Beke had op voorhand de vragen doorgestuurd gekregen én wou absoluut dat interview geven. Tijdens het interview bleek evenwel dat de minister op verschillende concrete vragen niet kon/wilde ingaan. We hebben voor en na het interview met het agentschap verschillende keren contact gehad, om tal van extra vragen en bemerkingen te delen..."

Maar het agentschap zegt dat de “vreemde” datum van sommige documenten niet aan bod is gekomen in de contacten. Volgens het agentschap komt die vreemde datum dus doordat  de indieners stukken van de eerste offerte recycleerden.  Dat is misschien slordig maar niet onwettig. Hoe dan ook maakt de redactie van Pano me niet duidelijk waarom die andere, eenvoudige verklaring zo onwaarschijnlijk zou zijn dat ze met een gerust hart mag weggelaten worden. Ondernemer Eric Ignoul en het Agentschap hebben een conflict. Het lijkt me logisch dat je met de argumenten van beide kanten rekening houdt. 

Er valt wel degelijk kritiek te geven op de aanbesteding

Ik heb dus kritiek op een aantal concrete elementen in de reportage die ik nog verder met de reportagemakers zal bespreken. Maar dat wil niet zeggen dat de aanbesteding vrij is van kritiek. Ook de Inspectie Financiën en het Rekenhof lieten kritische geluiden horen. Dat meer dan honderd miljoen euro onderhands wordt aanbesteed is heel uitzonderlijk. Er mogen vragen gesteld worden over hoe de zes kandidaten werden geselecteerd. Mijn indruk is alleen dat Pano zich iets te laat in het journalistieke proces op de aanbesteding heeft gestort en dat dat gedeelte van de reportage wat beter had kunnen worden uitgewerkt.

De grote jongens onder elkaar

En toch leren we uit de reportage heel wat. Bijvoorbeeld: hoe dit land op crisismomenten werkt. De grote jongens klitten samen en lossen het samen op. De kleinere bedrijven moeten geen complimenten maken. De wetenschappers moeten niet te veel zeuren. Het moet vooruit.

Misschien mogen we de grote jongens dankbaar zijn. Het opstarten van de contact tracing is een huzarenstuk en zonder hen had het misschien allemaal nog langer geduurd. Maar we mogen als samenleving ook vragen of de grote jongens eigenlijk wel goed werk hebben geleverd.

Er waren in elk geval veel kinderziektes bij de contact tracing. We leren dat het achter de schermen veel gestormd heeft. En vooral: goeie contact tracing zou biostatistici gelukkig moeten maken en dat zijn ze niet. Beter virushaarden opsporen en fijnmaziger kunnen versoepelen zijn tegenwoordig geen triviale dingen. De aanbesteding was wel degelijk een administratief avontuur.  Het is volstrekt legitiem om daarover een reportage te maken. Die paar suggestieve zinnetjes waren daarvoor eigenlijk niet nodig.  

Meest gelezen