Copyright 2021 The Associated Press. All rights reserved

VN-rapporteurs: "Russische overheid is verantwoordelijk voor de vergiftiging van opposant Aleksej Navalny"

Twee onafhankelijke onderzoekers van de Verenigde Naties inzake mensenrechten zijn erg kritisch voor de rol van de Russische overheid in de vergiftiging van oppositieleider Aleksej Navalny. Ze merken op dat die vergiftiging past in "een patroon van gerichte moordpogingen" die bedoeld zijn als "waarschuwing voor iedereen die kritiek uit op de Russische overheid". 

Het gaat om een onderzoek door twee topfiguren inzake mensenrechten van de Verenigde Naties: Agnès Callamard, de speciale VN-rapporteur voor buitengerechtelijke executies, en Irene Khan, speciaal VN-rapporteur voor de promotie en bescherming van het recht op vrije meningsuiting. 

Onze conclusie is dat Rusland verantwoordelijk is voor de poging tot vergiftiging van Aleksej Navalny

Agnès Callamard, speciaal rapporteur van de Verenigde Naties

Die twee toonden zich vandaag erg kritisch voor de rol van het Kremlin in de vergiftigingspoging op oppositieleider Aleksej Navalny. Beide rapporteurs spreken weliswaar niet officieel in naam van de Verenigde Naties, maar ze hebben toch veel gewicht. Ze eisen nu een internationaal en diepgaand onderzoek naar de vergiftiging en de onmiddellijke vrijlating van Navalny. Die zit nu in een gevangenis ten oosten van Moskou.

Volgens Callamard en Khan is de vergiftiging van Navalny "een duidelijke en sinistere waarschuwing voor iedereen die kritiek heeft op de (Russische) regering". Bovendien past de aanslag op Navalny volgens hen in een al ouder patroon van gerichte moordpogingen op critici van het Kremlin. 

Het gebruik van het Russische zenuwgif novitsjok en de expertise die daarvoor nodig is, tonen volgens de twee rapporteurs aan "enkel een staatsoverheid" dit soort aanval kan uitvoeren. Bovendien stond Navalny op het ogenblik van de vergiftiging onder een zodanig uitgebreid groot toezicht van de veiligheidsdiensten, dat het zo goed als onmogelijk is dat die aanslag had kunnen plaatsvinden zonder medeweten van de Russische autoriteiten.

De twee VN-rapporteurs zijn niet van de minsten. Agnès Callamard komt uit Frankrijk, maar is directeur van een instituut voor vrijheid van meningsuiting van de Universiteit van Columbia in New York. Eerder werkte ze voor de mensenrechtenorganisatie Amnesty International. 

Irene Khan komt uit Bangladesh en werkte 20 jaar lang voor de UNHCR, de Vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties. Tussen 2001 en 2010 was ze de topvrouw van Amnesty International. In die periode uitte ze veel kritiek op de terroristengevangenis in de Amerikaanse marinebasis Guantanamo op Cuba.

EU treft sancties tegen Russische toplui

Europa en de Verenigde Staten zijn er al langer van overtuigd dat het Kremlin achter de moordpoging op Navalny zit. Nu hebben twee hoge rapporteurs van de Verenigde Naties dat echter met zo veel woorden ook gezegd. Moskou kan dit nu nog moeilijk afwimpelen als "westerse retoriek". 

Navalny is vorig jaar ziek geworden in Rusland en daarna behandeld in een ziekenhuis in de Duitse hoofdstad Berlijn. Daar hebben de artsen vergiftiging met novitsjok vastgesteld, het beruchte Russische zenuwgif dat eerder ook al gebruikt werd tegen de gewezen spion Sergej Skripal in de Engelse stad Salisbury. Skripal overleefde die aanslag, maar een Britse politieagent niet.

Vandaag hebben de ministers van Buitenlandse Zaken van de Europese Unie overigens beslist nieuwe gerichte sancties te treffen tegen vier hooggeplaatste Russische functionarissen die verantwoordelijk worden geacht voor de aanslag op Navalny. Het zou gaan om de directeur van het Russische gevangeniswezen, het hoofd van een anti-corruptiedienst, een procureur-generaal en het hoofd van de Nationale Wacht in Rusland. Zij mogen voortaan niet langer naar de EU reizen en hun eventuele banktegoeden in Europa worden bevroren. 

Meest gelezen