Schilderij van Winston Churchill, dat actrice Angelina Jolie verkocht, voor bijna 10 miljoen euro geveild

Een schilderij van de hand van de voormalige Britse premier Sir Winston Churchill is op een veiling in Londen verkocht voor een recordbedrag van 8,3 miljoen pond (9,6 miljoen euro), veel meer dan verwacht. Dat meldt het veilinghuis Christie's. Actrice Angelina Jolie verkocht het werk. De Britse premier schilderde “The tower of Katoubia Mosque ” in 1943 in Marrakesh, dus toen de Tweede Wereldoorlog nog in volle gang was.

Dat een schilderij van een verdienstelijke amateurschilder geveild wordt voor een bedrag van bijna 10 miljoen euro kan verbazing wekken. Behalve als die amateurschilder Sir Winston Churchill is, de voormalige premier van het Verenigd Koninkrijk. En er bovendien een sterk verhaal aan vasthangt: Churchill schilderde het Marokkaanse landschap met de Katoubia moskee van Marrakech in 1943, dus toen de Tweede Wereldoorlog nog volop aan de gang was. 

Bovendien gaf hij het cadeau aan de toenmalige president van de Verenigde Staten, Franklin D. Roosevelt. En als klap op de vuurpijl: de eigenaar die het werk nu verkoopt is niemand minder dan de Amerikaanse actrice Angelina Jolie.

Eind januari 1943 hielden Churchill, Roosevelt en hun stafchefs krijgsraad in de Marokkaanse stad Casablanca. Churchill kon Roosevelt ervan overtuigen de nazi’s eerst vanuit het zuiden aan te vallen, nog voor de massale invasie van D-day in Normandië zou plaatsvinden. 

De zogenoemde “Mediterraanse strategie” zou beginnen met de invasie van Sicilië, om dan verder via Italië naar het noorden op te trekken. (Toen een invasie vanuit Sardinië werd voorgesteld, zei Churchill: “Ik weiger absoluut afgescheept te worden met een sardine .”)

Bekijk hier een video over het schilderij (en lees eronder voort):

Videospeler inladen...

Roosevelt op zijn beurt kon Churchill ervan overtuigen om met niets minder dan de totale onvoorwaardelijke overgave van nazi-Duitsland genoegen te nemen. Daardoor werden onderhandelingen met een eventuele opvolger van Hitler uitgesloten. Het waren belangrijke beslissingen die het verdere verloop van de Tweede Wereldoorlog ingrijpend zouden bepalen.

Na afloop van hun beraad hielden een tevreden Churchill en Roosevelt op 24 januari 1943 – het was een zondag – eerst een persconferentie, en daarna reden ze ter ontspanning naar Marrakesh, naar de prachtige villa van de Amerikaanse viceconsul Moses Taylor.

Churchill beschreef later in zijn memoires wat hij daar zag: “Het vrolijke leven van de stad met zijn waarzegsters, slangenbezweerders, massa’s eten en drinken, en alles bij elkaar de grootste en best georganiseerde bordelen van het Afrikaanse continent. Al deze instellingen hebben een lange en aloude reputatie.”

Hij liet zijn schildersezel installeren op het dak van de villa en legde een landschap vast met op de voorgrond de Katoubia moskee en op de achtergrond het Atlasgebergte. Het was het enige schilderij dat hij tijdens de oorlog voltooide. Hij gaf het prompt cadeau aan zijn grote vriend Roosevelt, als aandenken.

Een zoon van Roosevelt verkocht het werk in de jaren vijftig, en daarna verwisselde het nog een paar keer van eigenaar voor het in 2011 in de collectie van Hollywood-koppel Angelina Jolie en Brad Pitt terechtkwam. De huidige koper is voorlopig niet bekend.

Het schilderij heeft veel meer opgebracht dan verwacht. Christie's hield rekening met een bedrag tussen de 1,7 en 2,9 miljoen euro. Het werk wordt beschouwd als het belangrijkste dat Churchill maakte.

Lees verder onder de afbeelding:

Time Life Pictures

Passie

In totaal vervaardigde Churchill zo’n 540 werken. Hij begon met schilderen tijdens die andere oorlog in 1915, toen hij in zak en as zat omdat hij ontslag had moeten nemen als minister van de Marine. Hij zag hoe zijn schoonzus aan het schilderen was, en besloot het zelf ook te proberen.

Een boom klaagt er niet over als ik hem geen recht heb gedaan.

Sir Winston Churchill, over zijn voorkeur voor landschappen boven portretten

Het zou zijn hele verdere leven lang een passie blijven, en de ideale manier om wat hij zijn “black dog” noemde te bevechten: buien van diepe somberheid en depressie. In een bijgebouw van zijn landgoed Chartwell installeerde hij een studio, en op zijn vele reizen moest zijn personeel zijn penselen, verftubes en zijn schildersezel steevast meezeulen voor het geval hij zin kreeg in een schilderijtje.

Op de vraag waarom hij landschappen prefereerde boven portretten, zei hij: “Een boom klaagt er niet over als ik hem geen recht heb gedaan.”

"Modern"

Hij had trouwens een uitgesproken smaak wat schilderijen betreft en daar hoorde ook een grote minachting bij voor wat hij als “moderne” schilderkunst beschouwde. 

Ter gelegenheid van zijn tachtigste verjaardag kreeg hij van de verenigde kamers van het Parlement een portret aangeboden, geschilderd door Graham Sutherland. Toen hij het resultaat uiteindelijk te zien kreeg, was Churchill diep beledigd: “Is dit smaad? Dit accepteer ik niet. Op die manier wil ik niet de geschiedenis ingaan.” 

Bij de plechtige overhandiging van het werk noemde hij het ten overstaan van de verenigde Lords en volksvertegenwoordigers “een merkwaardig voorbeeld van “moderne” kunst." Dat was onmiskenbaar sarcastisch bedoeld: het ontlokte duidelijk een lachsalvo in Westminster Hall. Voor schilder Graham Sutherland kwam dat neer op een publieke belediging. De scène is onlangs waarheidsgetrouw nagespeeld in de Netflix-serie “The Crown”.

Lees verder onder de afbeelding:

Schets van het vernietigde portret van Sir Winston Churchill, geschilderd door Graham Sutherland.

De schilder Graham Sutherland zat in de zaal: hij is die behandeling nooit echt te boven gekomen. Zijn portret van Churchill verdween bovendien geruisloos. Later zou uitkomen dat Churchills echtgenote het in haar tuin had laten verbranden, eigenlijk een onvergeeflijke daad van kunstvandalisme. Van het prachtige schilderij blijft enkel een kleine schets over die nog in de National Portrait Gallery in Londen hangt.

Bekijk hieronder (vanaf minuut 5'20") de onthulling van het schilderij en Churchills reactie in Westminster Hall, op 30 november 1954:

Meest gelezen