Wanneer krijgen risicopatiënten hun vaccin? Of toch alleen selecteren op leeftijd? Nog veel twijfels en onenigheid 

Er is nogal wat onduidelijkheid en zelfs onenigheid over de lijst met risicopatiënten. De discussie gaat over het al dan niet voorrang geven bij het vaccineren aan wie jonger is dan 65, maar een ernstige onderliggende aandoening heeft. Tegen het einde van deze week zouden de huisartsen de software krijgen waarmee ze die risicopatiënten kunnen selecteren. Maar een aantal artsen en politici heeft zijn twijfels bij die werkwijze.

Het uitgangspunt in de vaccinatiestrategie is ervoor zorgen dat zo weinig mogelijk mensen zwaar ziek worden door corona en in het ziekenhuis belanden, laat staan eraan sterven. Daarom zijn ze ook begonnen met de zwaksten en meest zorgbehoevenden, namelijk de hoogbejaarden in onze woonzorgcentra. Ook het personeel in ziekenhuizen en woonzorgcentra wordt intussen al volop gevaccineerd. 

Wie is risicopatiënt?

De volgende groep zijn de 65-plussers, die niet in woonzorgcentra verblijven. Vanaf het moment dat zij aan de beurt komen, wellicht dus eind maart of begin april, zal daar ook nog eens volgens leeftijd worden onderverdeeld. Eerst krijgen de 85-plussers een uitnodiging en daarna telkens een iets jongere leeftijdsgroep. Van zodra ze onder de 80 jaar beginnen, zouden de risicopatiënten mee ingeschoven worden. Dat zijn, naast de ouderen, ook al mensen tussen 45 en 64 jaar met een onderliggende aandoening.  

Wat die onderliggende aandoeningen zijn, is dus vastgelegd in een lijst. Het zijn onder andere chronische luchtwegenaandoeningen, chronische hart- en vaatziekten, kanker met tumoren, verhoogde bloeddruk, obesitas, diabetes, chronische zenuwaandoeningen en dementie. Bovendien zouden ook vanaf 18 jaar patiënten met het syndroom van Down, chronische nierzieken, chronische leverzieken, hematologische kankerpatiënten zoals leukemie, hiv, transplantatiepatiënten, mensen met een verstoord immuunsysteem en zeldzame aandoeningen voorrang krijgen. Voor al die categorieën van aandoeningen zijn er in de medische wetenschap gedefinieerde lijsten met concrete ziektebeelden.

Wie maakt de selectie?

In eerste instantie zijn het de huisartsen. Die zouden tegen het eind van de week over de nodige software moeten beschikken om zo'n inventaris te maken uit hun patiëntenbestand, op basis van het globaal medisch dossier, dat zij beheren. Maar ook de ziekenfondsen spelen hierin een rol. Zij beschikken immers over bijkomende gegevens zoals het medicatiegebruik, hospitalisaties en dergelijke. En ten slotte is er het kankerregister, waarin alle patiënten met een kankerdiagnose opgenomen zijn. Al die gegevens worden naar een centraal register gestuurd, dat op basis daarvan de lijst samenstelt.

Waar begint de discussie?

In principe zijn de aandoeningen duidelijk gedefinieerd. Je bent zo'n patiënt of je bent het niet. En toch is er discussie, want er zijn natuurlijk gradaties in die aandoeningen. Iemand kan bijvoorbeeld een heel lichte vorm van diabetes hebben, waarbij een dieet volstaat. Andere diabetici hebben wel zware medicatie nodig, wat meteen ook hun kwetsbaarheid bij besmetting met het coronavirus sterk verhoogt. Slechts voor een heel beperkte soort aandoeningen zijn er in de lijst effectief ook stadia of gradaties opgenomen, zoals bijvoorbeeld nierfalen.  

Het is ook zo dat een huisarts de medische vrijheid heeft een patiënt toe te voegen aan de lijst, die volgens de geldende criteria niet als risicopatiënt zou opgenomen worden, maar wel een ziektebeeld vertoont dat een verhoogd risico op ziekenhuisopname of overlijden veroorzaakt. Huisartsen vrezen bijgevolg wel druk en overlast door patiënten die hen proberen te overtuigen om toch maar vroeger gevaccineerd te worden.

Wat zeggen de huisartsen?

Roel Van Giel, voorzitter van de Vlaamse vereniging van huisartsen, kan zich vinden in het systeem zoals het nu op tafel ligt. "Het voordeel van de criteria is dat ze sluitend zijn. Uiteraard zullen er nu patiënten op de lijst komen die er niet noodzakelijk hoefden op te staan omdat de aandoening minder ernstig is en omgekeerd ook. Maar we moeten de druk in de ziekenhuizen beperken, en daarom primeert het maatschappelijke belang boven het individuele. Bovendien moet je ook in rekening brengen dat de 1,4 miljoen Belgen die nu voorrang krijgen, toch maar voor een vertraging zorgen bij de vaccinaties van anderhalve tot twee maanden voor alle anderen."

Dirk Scheveneels, ondervoorzitter van de Belgische vereniging van artsensyndicaten, heeft wel zijn twijfels en vreest voor chaos. "Huisartsen moeten de dossiers van elke patiënt grondig nakijken en uitfilteren. En dat is een massa werk. Want een belangrijke factor is de zogeheten comorbiditeit, het tegelijk voorkomen van twee of meer aandoeningen, die de kwetsbaarheid sterk vergroot. Daarom blijft voor mij leeftijd het enig selectiecriterium. De cijfers bewijzen het trouwens. 80 procent van de overlijdens doet zich voor bij de 65-plussers." 

En de politici, wat gaan zij beslissen?

Want natuurlijk is het aan de politiek om te beslissen over de te volgen strategie. Aanvankelijk leek er nogal eensgezindheid om ook effectief voorrang te geven aan risicopatiënten, jonger dan 65. Maar daar groeit nu meer en meer verzet tegen, vooral aan Franstalige kant. Zo gooide Brussels minister Alain Maron van Ecolo, bevoegd voor Welzijn, al  een knuppel in het hoenderhok door onomwonden te pleiten voor leeftijd als absoluut enige criterium in de vaccinatiestrategie. Hij stuurde daarover een brief naar zijn collega gezondheidsministers in de andere regeringen. Maron vreest vooral juridische problemen als ook die onderliggende aandoeningen in aanmerking worden genomen bij de selectie. Hij wijst daarbij op discussies over de schending van privacy als gegevens uit een centraal medisch dossier van een patiënt door een dokter worden doorgestuurd naar andere instanties. Het artsensyndicaat BVAS is trouwens al naar de Raad van State gestapt om die voorrangsregeling voor risicopatiënten aan te vechten, zelfs voor de politieke beslissing genomen is.  

Maar Vlaams minister van welzijn Beke blijft bij zijn standpunt over de strategie. "Er zijn twee belangrijke parameters om het aantal ziekenhuisopnames zo snel mogelijk omlaag te krijgen. Dat zijn leeftijd en onderlinge aandoeningen", zegt Beke. "Daarop willen wij absoluut blijven inzetten en ik hoop dat zij, die het zelfs juridisch willen aanvechten,beseffen dat het geen goede zaak is." Maar terwijl CD&V en N-VA die lijn blijven verdedigen, maakt ook Open VLD,  coalitiepartner in de Vlaamse regering, intussen al voorbehoud tegen die prioritaire regeling.

Kortom, voorrang voor risicopatiënten of toch gewoon een volgorde volgens leeftijd, de discussie is nog niet beslecht. Ook politiek wordt het dus nog een moeilijke discussie. En de tijd dringt.

Beklijk hier minister Wouter Beke (CD&V) over risicopatiënten in het Vlaams Parlement:

Videospeler inladen...

Meest gelezen