Radio 2

Stad Ieper gaat 12.000 ton slib uit vestinggrachten graven: "Ecologisch evenwicht in het water is verstoord”

In Ieper wordt binnenkort slib uitgegraven in de vestinggrachten, links en rechts van de Menenpoort. Het plan om baggerwerken uit te voeren, liep steeds vertraging op door de aanwezigheid van oorlogsprojectielen op de bodem. De werken zijn noodzakelijk, zegt schepen van Leefmilieu, Valentijn Despeghel (Vooruit). “We willen het waterleven meer kansen geven. Daarnaast is er extra capaciteit nodig om water te bufferen.”

In totaal moet er zo’n 12.000 ton slib uitgegraven worden in de Ieperse vestinggrachten, links en rechts van de Menenpoort. Daar is al 3 jaar sprake van, maar dat plan liep vertraging op omdat er nog heel wat fietsen en oorlogsprojectielen op de bodem liggen. Dat maakt het klusje natuurlijk moeilijker en duurder om te klaren. “De aannemer wilde het dossier opnieuw bekijken en nagaan of hij de werken kon uitvoeren volgens de oorspronkelijke prijs", zegt schepen van Leefmilieu, Valentijn Despeghel (Vooruit). 

De aanwezigheid van oude oorlogsobjecten maakt de werken niet alleen moeilijker, maar ook gevaarlijker. Intussen is er een veiligheidsplan opgemaakt waardoor het project van start kan gaan, of toch bijna. “Vanaf 15 maart begint het broedseizoen, en dat duurt tot 15 juni. Tijdens die periode mag je niet baggeren, dus het is de bedoeling om erna te beginnen”, aldus de schepen.

Klimaatuitdagingen

"Ook de waterstand vormt nog een hindernis voor de werken", zegt Depeghel. “We gaan moeten kijken hoe hoog het water staat, want we moeten met drijvende boten op het water werken. Is de waterstand goed, dan kunnen we in juli of augustus beginnen. Anders moeten we wachten tot het water hoog genoeg is. En dan spreken we over september of oktober.”

Met het project wil de stad het waterleven in de grachten meer kansen geven. “Daarnaast is er extra capaciteit nodig om water te bufferen. Door de klimaatverandering komen er hevigere regenbuien op ons af, waardoor de kans bestaat dat Ieper overstroomt. Hopelijk komt het nooit zover, maar net daarom moeten we nu actie ondernemen”, besluit Despeghel.

Meest gelezen