"Belgische arbeidsmarkt is ontsnapt aan grote drama’s, kwetsbare groepen extra getroffen door coronacrisis"

De coronacrisis heeft de Belgische arbeidsmarkt minder zwaar getroffen dan in de meest pessimistische scenario’s werd gevreesd. Maar de crisis heeft er wel extra ingehakt bij mensen die het vooraf al niet gemakkelijk hadden op onze arbeidsmarkt: jongeren, laaggeschoolden en mensen van buitenlandse origine. Dat schrijft de Hoge Raad voor Werkgelegenheid in een lijvig rapport over de tewerkstelling voor, tijdens én na de coronacrisis.

“Er is goed nieuws en er is slecht nieuws.” Zo blikt oud-CD&V-minister Steven Vanackere terug op het afgelopen anderhalf jaar crisisjaar. Vanackere is thans vice-gouverneur van de Nationale Bank en ondervoorzitter van de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid (HRW). 

In die raad zit Vanackere samen met allerlei experten die onze arbeidsmarkt opvolgen en aan de politieke leiders advies geven om meer jobs te creëren. Aan het afgelopen anderhalf jaar hadden experten een vette kluif.

Het goede nieuws

De ongeziene crisis heeft onze arbeidsmarkt flink dooreengeschud. Maar, en dat is het goede nieuws, “we hebben deze fenomenale economische crisis op de arbeidsmarkt doorgemaakt op een manier die waarschijnlijk alle pessimistische scenario’s ontkracht”, blikt Vanackere terug, nu het ergste van de storm lijkt te zijn overgewaaid. “We zijn eigenlijk ontsnapt aan grote drama’s”, klinkt het opgelucht. 

“Als je kijkt naar de werkgelegenheid en de heel geringe stijging van de werkloosheid in 2020 moet je zeggen dat we ontsnapt zijn aan veel erger onheil. We hebben een veel grotere veerkracht gekend dan waar we in het begin van de crisis voor vreesden.”

Die veerkracht zat hem naast de werkgevers en werknemers in de eerste plaats bij de overheid: door het systeem van tijdelijke werkloosheid voor werknemers die door corona niet konden gaan werken en door het overbruggingsrecht voor zelfstandigen, werden in hachelijke tijden vele jobs gered. Ook het moratorium op faillissementen hield duizenden werknemers uit de werkloosheid.

Na de piek in de lente van 2020 is het aantal werklozen vanaf maart 2021 teruggekeerd naar zijn gemiddeld niveau van 2019. In mei van dit jaar lag het aantal niet-werkende werkzoekenden (NWWZ) zelfs 25.000 personen lager dan het gemiddelde van 2019.

Het slechte nieuws

Maar Vanackere had dus ook slecht nieuws te melden over de Belgische arbeidsmarkt. Dat zien we als we naar de cijfers van het aantal langdurig werklozen kijken. Ten opzichte van het gemiddelde van 2019 was het aantal niet-werkende werklozen die sinds zes tot twaalf maanden werkloos waren, in mei 2021 met 5.000 personen opgelopen; de NWWZ die minimaal een jaar werkloos waren, met 13.000.

“Veel heeft te maken met het feit dat mensen die voor de crisis werkloos waren minder kansen hebben gehad om terug aan te haken in de arbeidsmarkt. De lockdowns hebben veel zaken onmogelijk gemaakt”, legt Steven Vanackere uit. “Veel kwetsbare groepen hebben bijvoorbeeld moeite met digitale applicaties die werden gebruikt en hebben eigenlijk afgehaakt. Hen zullen we weer in gang moeten steken. Dat heeft tot gevolg dat de kwetsbare groepen extra risico lopen om in de langdurige werkloosheid te komen.”

Veel kwetsbare groepen hebben bijvoorbeeld moeite met digitale applicaties die werden gebruikt en hebben eigenlijk afgehaakt.
Steven Vanacker, ondervoorzitter Hoge Raad voor Werkgelegenheid

Het zijn vooral de jongeren, de laag- of middengeschoolden en de personen van niet-Europese oorsprong die door de coronacrisis zwaarder getroffen werden. Dit komt omdat ze oververtegenwoordigd zijn in de zwaarst getroffen branches, maar ook omdat ze vaker tijdelijke contracten hebben en daardoor niet konden terugvallen op de tijdelijke werkloosheid.  

En als ze in de tijdelijke werkloosheid zitten, kunnen ze de komende maanden klappen krijgen zodra de steunmaatregelen ten einde lopen en ze in de klassieke werkloosheidssysteem dreigen te belanden. Het zijn ook deze groepen met een lager inkomensniveau en met een kleiner spaarboekje die niet lang zonder inkomen kunnen zitten. 

De Hoge Raad adviseert dan ook om de komende tijd extra aandacht te hebben voor deze kansengroepen. Alleen op die  manier zullen de overheden slagen in hun opdracht om meer mensen aan de slag te krijgen.

Meest gelezen