Copyright 2021 The Associated Press. All rights reserved

Staatsgreep of reddingsplan: de democratie in Tunesië staat onder zware druk nu de president alle macht in handen heeft

Tunesië, de bakermat van de Arabische Lente, staat onder druk. De president ontsloeg afgelopen weekend de premier en de ministers van Defensie en Justitie. Hij schorste het parlement en voerde een avondklok in. Voor 30 dagen. Is dit een staatsgreep of het aanpakken van een land in crisis: de coronacrisis en de aanhoudende politieke en economische crisis? De prille democratie staat voor een immens belangrijke wissel: groeit de democratie of lonkt - opnieuw – de autocratie? 

Alarmerende berichten uit Tunis zondagavond. President Kais Saied trekt alle macht naar zich toe na wekenlange straatprotesten tegen de regering. Veel Tunesiërs vieren de machtsgreep van de president want zij zijn al wekenlang gefrustreerd over de economische crisis, de hoge (jeugd)werkloosheid, de slecht aangepakte coronapandemie met veel overlijdens tot gevolg, de politieke impasse en de aanhoudende berichten over corruptie.

Staatsgreep of niet

Was het manoeuvre van zondag een staatsgreep of niet? De president (op de foto hieronder) – een voormalig professor Grondwettelijk Recht – zegt van niet. De oppositiepartijen en heel wat (internationale) analisten en experten zeggen van wel.

De president beroept zich op Artikel 80 van de grondwet dat zegt dat de president uitzonderlijke macht krijgt voor een periode van 30 dagen als er een dreigend gevaar is voor de staat. Datzelfde artikel 80 zegt ook dat de president in zo’n geval de premier en de Kamervoorzitter moet consulteren en dat het parlement werkzaam moet blijven. Dat kan dus niet want de premier is ontslagen en het parlement geschorst.

Controle op de acties van de president moet gebeuren door het Grondwettelijk Hof. Helaas bestaat dat Hof nog niet. De oprichting was opgenomen in de grondwet in 2014. Maar het is er nog niet van gekomen vanwege, jawel, politieke onenigheid.

Leger en politie luisteren

Het parlement wilde maandag samenkomen – zoals de grondwet voorschrijft – maar dat werd door het leger verhinderd. Daarmee werd duidelijk dat het leger – zonder protest – de bevelen van de president opvolgt. Intussen was het duidelijk dat de minister van Defensie ook ontslagen was, net als die van Justitie. De verantwoordelijkheden van de minister van Binnenlandse Zaken – die bij de premier lagen – waren toegewezen aan het hoofd van de presidentiële Garde. Het leger lijkt de president dus te steunen. Net als de politie, zo bleek bij de inval in de kantoren van de Arabische nieuwszender Al Jazeera. Zonder reden op te geven werd het kantoor gesloten en het personeel naar huis gestuurd. Een actie die veel kritiek kreeg wegens schending van het recht op vrije meningsuiting en op persvrijheid.

Van revolutie naar evolutie

Tunesië is het enige succesverhaal, zo je wil, van de Arabische Lente. Na Tunesië begonnen de revoluties in Egypte, Libië en Syrië. In geen enkel van die landen heeft dat tot enige democratische ontwikkeling geleid. Het was daarentegen de voorbije 10 jaar – meestal - verfrissend om de evolutie in Tunesië te zien na de Jasmijnrevolutie van 2011. Tunesië kreeg een nieuwe grondwet, de meest vooruitstrevende in de regio.

Politiek gezien werd uiteindelijk een semi-presidentieel systeem uitgetekend. Waarbij de president de macht deelt met de premier – tot zondag was dat de onafhankelijke Hicham Mechichi- en de parlementsvoorzitter – dat is Rachid Ghannouchi, partijleider van de grootste partij Ennahda, een gematigd islamistische partij. Die machtsdeling blijft aanleiding voor veel discussie maar het land kwam nooit in een te grote neerwaartse spiraal terecht omdat er altijd gepraat werd, compromissen werden gesloten en nieuwe verkiezingen uitgeschreven. 

Hier kan u kijken naar de reportage uit Terzake over 10 jaar Arabische Revolutie (en lees verder onder de video).

Videospeler inladen...

Belangrijk middenveld

Belangrijk in Tunesië is de rol van de Algemene Vakbond. Die kreeg in 2015 een gedeelde Nobelprijs voor de Vrede voor haar bemiddelende rol na de Jasmijnrevolutie en haar belangrijke bijdrage aan het uitbouwen van de democratie in Tunesië. Die vakbond steunt nu de president. Al uitte ze wel haar bezorgdheid over de noodwetten die van kracht zijn en roept ze de president op om die na 30 dagen niet te verlengen. Ook nu kan de rol van de Algemene Vakbond cruciaal zijn. Die zal net als alle spelers in dit conflict proberen om zoveel mogelijk steun te vergaren. Vraag is hoeveel steun de gematigde islamistische Ennahda-partij krijgt, die in heel deze crisis het onderspit delft. Hun aanhangers protesteren tegen de beslissing van de president en zien dit als een actie tegen hun partij.

Egypte 2.0?

De gebeurtenissen in Tunesië doen enigszins denken aan de machtsovername in Egypte door voormalig legergeneraal Abdel Fatah al-Sissi in 2013. Met de steun van het leger zette al-Sissi toen de verkozen president en Moslimbroeder Mohamed Mursi af. De internationale gemeenschap bleef behoorlijk stil omdat veel landen de politieke Islam vrezen waar de Moslimbroeders voor staan. In Tunesië is Ennahda volgens zijn critici ook gelinkt aan de Moslimbroeders. Al heeft Ennahda in Tunesië sinds de revolutie een veel gematigder parcours afgelegd. De partij heeft toegevingen gedaan en compromissen gesloten om het land politiek niet te blokkeren.  

Internationale gemeenschap

De reactie van de internationale gemeenschap op de ontwikkelingen in Tunesië zal van groot belang zijn. Komt er druk op de president vanuit het buitenland of laat de wereld hem begaan? 

Turkije heeft zich sterk uitgesproken tegen de machtsovername van Saied, maar de meeste andere landen – de Verenigde Staten en de Europese Unie incluis – nemen een afwachtende houding aan. België verwoordt in een reactie het Europese standpunt. Na een gesprek met haar Tunesische collega, tweette de Belgische minister van Buitenlandse Zaken Sophie Wilmès (MR) dat de democratische verworvenheden beschermd moeten worden. 

Ook de Verenigde Staten nemen een afwachtende houding aan en spreken zich niet uit of het manoeuvre van de president grondwettelijk is of niet. Dat doet denken aan de machtsovername door al-Sissi in 2013, toen president Barack Obama ook niet reageerde. Vraag is of Biden – die zich opwerpt als beschermer van democratie en mensenrechten wereldwijd – wel iets zal doen. 

Het is nochtans niet zo dat de wereld niets kan doen. Door de grote economische crisis heeft Tunesië nood aan buitenlandse steun, zowel moreel als in de vorm van hulpverlening. Op die manier kàn de wereld invloed uitoefenen op Tunesië. Dat zou getuigen van visie. Want Tunesië staat op een belangrijke wissel. Krijgt de prille democratie de kans om verder te groeien of glijdt het land af naar een autocratisch bewind? Dat zou een heel groot verlies zijn voor de regio en ver daarbuiten.

Meest gelezen