Videospeler inladen...

Worden alleenstaanden écht fiscaal gediscrimineerd? Of lijkt dat alleen maar zo? Enkele feiten op een rij

Het gevoel leeft dat alleenstaanden benadeeld worden door ons belastingsysteem. Dat kwam deze week nog eens tot uiting naar aanleiding van een lastenverlaging die de federale regering wil doorvoeren. Klopt dat gevoel? Of lijkt dat alleen maar zo? Enkele feiten op een rij.

BEKIJK - In "De markt" geeft onze financiële journalist Steven Rombaut een overzicht van het fiscale onderscheid tussen alleenstaanden en samenwonenden:

Videospeler inladen...

Het was de afschaffing van de bijzondere bijdrage voor de sociale zekerheid die de gemoederen van alleenstaanden deed oplopen. Uit de voorbeelden die het kabinet Financiën gaf, leek het alsof zij minder voordeel hadden bij de geleidelijke afschaffing van de bijdrage dan samenwonenden. Maar het tegendeel is waar. "De bijzondere bijdrage staat net als een tang op een varken op het vlak van neutraliteit van de samenlevingsvormen", zei professor fiscaal recht Mark Delanote hierover. "Daar moeten we vanaf."

Waar worden alleenstaanden dan wel benadeeld? "De enige uitgesproken discriminatie die nog bestaat is, het zogeheten huwelijksquotiënt", zegt Toon Vanheukelom die aan de KU Leuven onder meer onderzoek doet naar de impact van belastingen op de inkomensverdeling. 

Dankzij die maatregel kan een partner een deel van haar, zijn of hun beroepsinkomen – fiscaal gezien – toekennen aan de andere partner. Daardoor zal het totale belastingbedrag lager liggen dan als de fiscus beiden als alleenstaanden zou beschouwen. Concreet gebeurt dat wanneer één van de partners een beroepsinkomen heeft dat minder dan 30 procent bedraagt van het totale beroepsinkomen van beide partners. Het gaat vooral om gezinnen met één inkomen en gezinnen met twee inkomens, waarvan één van de partners een bescheiden inkomen heeft. Het is dus niet zo dat alle samenwonenden van het huwelijksquotiënt kunnen genieten. In het aanslagjaar 2019 (inkomsten 2018) ging het om 590.260 gezinnen. De maatregel kostte de begroting in 2018 568 miljoen euro.

Dat het gevoel van achterstelling heel sterk leeft, komt omdat alleenstaanden schaalvoordelen missen

Toon Vanheukelom, onderzoeker KU Leuven

Forfaitaire belastingen

Voor de rest zijn er enkele kleine forfaitaire belastingen die nadelig zijn voor alleenstaanden omdat gezinnen en alleenstaanden evenveel betalen. Denk aan de lokale huisvuilbelasting her en der, maar ook aan de provinciebelasting die de meeste provincies heffen. In Antwerpen bijvoorbeeld bedraagt die 40 euro, een nadeel van 20 euro voor alleenstaanden. Ook in Oost-Vlaanderen en Limburg betaalt een alleenwonende evenveel als een koppel. 

Ook de waterfactuur discrimineert een beetje: het zogeheten vastrecht is de vaste vergoeding op je waterfactuur die losstaat van het verbruik. Elk gezin betaalt daarvoor 100 euro per jaar (exclusief btw). Per bewoner is er een korting van 20 euro per jaar (tot maximaal vijf bewoners). Een koppel betaalt dus 60 euro, een alleenwonende 80 euro.

"Vaak zijn dat belastingen die hoger liggen dan de werkelijke kostprijs van de levering van die dienst", zegt Vanheukelom. "Mensen moeten die forfaitaire bedragen per gezin vaak betalen bovenop de kosten per eenheid. Dat maakt dat alleenstaanden daar meer voor betalen. Maar om de precieze achterstelling te bepalen, zou je moeten nagaan wat de bijkomende kosten zijn - bijvoorbeeld voor de watermaatschappij - om voor een aparte wooneenheid een dienst te leveren. Het zou interessant zijn om de grootteorde daarvan te kennen."

Geen schaalvoordelen

"Er is dus een beperkte achterstelling van alleenstaanden", zegt Vanheukelom. "Maar dat het gevoel heel sterk leeft bij mensen die alleen wonen, komt omdat ze schaalvoordelen missen." Alles wat ze kopen, een woning, de inboedel, maar ook een abonnement op internet, Netflix of een krant: ze kunnen het niet in tweeën delen, ze moeten alles volledig zelf betalen.

Ook de Vlaamse woonbonus wordt vaak aangehaald als een maatregel die alleenstaanden discrimineert. De woonbonus is een fiscaal voordeel voor wie leent om een eigen woning te kopen. Bij koppels heeft elke partner recht op die bonus, wat een nadeel impliceert voor alleenstaanden. De woonbonus werd twee jaar geleden geschrapt, maar blijft nog wel gelden voor wie haar, zijn of hun lening aan het afbetalen is. De dienstencheques 
lijken alleenwonenden op een gelijkaardige manier te benadelen. Wie samenwoont, krijgt twee keer een belastingvermindering toegekend van 20 procent op maximaal 1.530 euro aangekochte cheques per persoon. Wie alleen woont, één keer. Terwijl het huis laten poetsen misschien evenveel werk vraagt en de alleenstaande evenveel dienstencheques kan gebruiken. 

Toch nuanceert Vanheukelom: "De woonbonus en de dienstencheques zijn eerder voorbeelden van schaalnadelen dan van discriminatie. Draai het om en de omgekeerde discriminatie zou meteen duidelijk worden: een alleenstaande die de dubbele woonbonus krijgt of recht heeft op dubbel zoveel dienstencheques."

Kinderen of geen kinderen

Wat het gevoel van achterstelling ook in de hand werkt, is dat mensen zonder kinderen heel wat fiscale voordelen mislopen tegenover mensen - zowel alleenstaanden als koppels - mét kinderen (ten laste). Meer nog: zelfs na de dood loopt die discriminatie door. Sterft een alleenstaande zonder kinderen, dan gaat de nalatenschap naar bijvoorbeeld broers, zussen, neven of nichten of wie in het testament is opgenomen. 

"En die kunnen nooit erven op dezelfde manier zoals kinderen of juridische partners kunnen erven", stelt professor Michel Maus. "Zij zitten in de hoogste schijf qua erfbelasting, in Vlaanderen gaat dat tot 55 procent", klinkt het. Recent heeft Vlaanderen wel de "vriendenerfenis" ingevoerd waarbij je iemand als erfgenaam kan aanduiden die aan hetzelfde laagste tarief erft als een kind of partner, maar dat is beperkt tot 12.500 euro.

Meest gelezen