Screening werkt: minder darmkanker door groot bevolkingsonderzoek

Sinds de start van het bevolkingsonderzoek in 2013 zijn er minder gevallen van dikkedarmkanker in Vlaanderen. Dat blijkt uit het jaarrapport van het Centrum voor Kankeropsporing. Bovendien wordt de kanker door de screening vaak in een vroeger stadium ontdekt, waardoor die beter te behandelen is. 

Het bestond eerder al voor borstkanker en baarmoederhalskanker, maar sinds 2013 worden Vlamingen ook systematisch uitgenodigd om zich te laten screenen op dikkedarmkanker. Alle Vlamingen tussen de 50 en 74 jaar oud worden elke twee jaar uitgenodigd om deel te nemen aan een groot bevolkingsonderzoek. In totaal krijgen meer dan 700.000 mensen een uitnodiging voor een screening in hun brievenbus. Ongeveer 63 procent doet wat aaangeraden wordt in het bevolkingsonderzoek.

En dat levert goede resultaten op, zo blijkt uit het jaarrapport van het Centrum voor Kankeropsporing. Vlak na de start van het onderzoek in 2013 nam het aantal gevallen van dikkedarmkanker in Vlaanderen kort toe. Logisch, want door de screening werden er simpelweg meer gevallen van kanker opgespoord. Maar opvallend: sindsdien gaat het aantal gevallen duidelijk in dalende lijn.

Minder darmkanker dan voor de start van de screening

Ondertussen zijn er vandaag zelfs minder dikkedarmkankers in Vlaanderen dan voor de start van de screening. Het aantal is gedaald van meer dan 35 tot slechts 30 gevallen per 100.000 inwoners, en per jaar. "Dat komt doordat we via de screening vroege stadia vinden, namelijk poliepen die kanker kunnen worden", legt dokter Patrick Martens uit, directeur van het Centrum voor Kankeropsporing. "Doordat we die poliepen dan meteen ook kunnen uitschakelen, en dus darmkanker kunnen voorkomen, zien we meteen een heel sterke daling van het aantal kankers."

"We zien inderdaad een groot positief effect van die vroege opsporing", vult Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) aan. "Vijf jaar geleden hadden we nog het meest aantal darmkankers per honderdduizend inwoners, bijvoorbeeld in vergelijking met Wallonië en Brussel. Vandaag doen we het een stuk beter en is het aantal dikkedarmkankers enorm gedaald."

We zien een groot positief effect van vroege opsporing

Wouter Beke, Vlaams minister van Welzijn (CD&V)

Net als bij borst- en baarmoederhalskanker, wordt dikkedarmkanker door de screenings vaak ook in een vroeger stadium ontdekt. "Zeventig procent van de kankers die we vinden via de screenings bevinden zich daardoor in een beter behandelbaar stadium. De impact van het bevolkingsonderzoek is dus duidelijk", zegt dokter Martens. "In het eerste stadium is de kanker zeer goed te behandelen en zijn er dus goede prognoses. 95 procent van de patiënten leeft nog na vijf jaar."

Bij wie zich niet laat screenen, zit een ontdekte kanker veel vaker in een later stadium. En dat kan grote gevolgen hebben. "In een later stadium is de overlevingskans lager. Individueel is er dus een groot verschil. Als je de kanker vroeg vindt kan je het beter behandelen en kan je ook meer mensen definitief genezen."  

Nog meer Vlamingen overtuigen

Screenen loont dus. En toch neemt in elk bevolkingsonderzoek een aanzienlijk deel van de doelgroep nooit deel.  "Ongeveer een kwart van de bevolking gaat niet in op de uitnodigingen", licht minister Beke toe. "Die groep zou ik vooral willen oproepen om daar wel op in te gaan. Het is ontzettend belangrijk dat we snel kunnen screenen om dan de nodige acties te kunnen ondernemen."

 "We moeten daarom verder inzetten op nieuwe kanalen om deze nooit-deelnemers te bereiken", vult dokter Martens aan. Volgens hem kunnen daarbij lessen getrokken worden uit de vaccinatiecampagne. "Die toont aan dat dialoog en het gesprek aangaan werkt. We moeten de nooit-deelnemers actiever gaan benaderen."

De vaccinatiecampagne toont aan dat het gesprek aangaan werkt

Patrick Martens, directeur van het Centrum voor Kankeropsporing

Om mensen te motiveren werd begin 2021 de BLABLABLA-campagne opgestart. Bijvoorbeeld op broodzakken, in winkels, op sociale media en via affiches worden mensen uit de doelgroep aangemoedigd om deel te nemen. Daarnaast wil minister Beke ook de lokale besturen gaan inschakelen om zoveel mogelijk mensen te bereiken.

Beperkte impact coronapandemie

De coronapandemie had wel een impact op de screenings. De drie bevolingsonderzoeken (naar darmkanker, maar ook borst- en baarmoederhalskanker) moesten in 2020, tijdens de eerste coronagolf, tijdelijk stilgelegd worden. Maar datzelfde jaar nog werd de achterstand die daardoor ontstaan was, bijna volledig ingehaald. 

"We zien toch dat de impact uiteindelijk uiterst beperkt is gebleven", zegt minister Beke (CD&V). "Dat is een goede zaak. Vroegdetectie zorgt ervoor dat kankers zich minder snel kunnen ontwikkelen en dus ook minder snel kunnen uitbreiden in het lichaam."

Meest gelezen