Brits onderzoek toont aan: wie gaat slapen tussen 22 en 23 uur, maakt minste kans op hart-en vaatziekten

Mensen die tussen 22 en 23 uur onder de wol kruipen, lopen het minste risico op cardiovasculaire problemen. Dat blijkt uit een Brits onderzoek waarbij wetenschappers gegevens van ruim 90.000 mensen behandelden. "Wie het risico op hart- en vaatziektes zo laag mogelijk wil houden, weet dus wat te doen", zegt Johan Verbraecken van het UZ Antwerpen.

Tussen 2006 en 2010 verzamelden de Britse onderzoekers data van 88.000 mensen om info te verkrijgen over onder meer hun levensstijl, algemene gezondheid en slaappatroon.

Een aantal jaar later volgde een follow-up studie waaruit bleek dat 3.6 procent van de onderzochten met hart- en vaatziekten te maken had gekregen. Die problemen werden het vaakst vastgesteld bij mensen die voor 22 uur en na middernacht gingen slapen. Wie tussen 22 uur en 23 uur onder de wol kruipt, loopt volgens het onderzoek het minste risico op cardiovasculaire problemen.

Volgens Johan Verbraecken, medisch coördinator van het slaapcentrum van het UZ Antwerpen, maakt de nieuwe studie duidelijk dat er in het onderzoek naar cardiovasculaire ziektes niet alleen naar de slaapduur gekeken mag worden. Dat vertelde hij deze middag in “Nieuwe feiten" op Radio 1. “Het tijdstip van slapengaan blijkt minstens zo belangrijk te zijn."

Het tijdstip waarop we gaan slapen is minstens zo belangrijk als de slaapduur
Johan Verbraecken, UZ Antwerpen

Uit het onderzoek blijkt immers dat mensen die na middernacht gaan slapen een 25 procent groter risico lopen op cardiovasculaire ziektes dan zij die om 22 uur onder de wol kruipen. Wie tussen 23 uur en middernacht indommelt, heeft een 12 procent groter risico. Maar niet enkel te laat gaan slapen blijkt slecht te zijn. Mensen die voor 22 uur indommelen, hebben een 24 procent groter risico.

Belangrijke rol voor tijdstip

"Als we gaan kijken naar wat het tijdstip kan betekenen voor onze gezondheid, moeten we ons natuurlijk bioritme analyseren. Mensen die continu afwijken van hun normale slaapbehoefte nemen risico’s. Daar mogen ze echt niet te veel mee knoeien."

Maar eenvoudig is dat niet en dat beseft Verbraecken ook: "Hoewel de meeste mensen wel tussen 22 uur en 23 uur indommelen, zijn er ook zo veel verplichtingen en zaken die 's avonds nog moeten gebeuren, waardoor men die slaap toch uitstelt. Dat blijkt zich op termijn te wreken.”

Er zijn zo veel verplichtingen en zaken waardoor men slaap uitstelt en dat blijkt zich op termijn te wreken
Johan Verbraecken, UZ Antwerpen

Daaronder valt ook sociaal gedrag dat het risico op cardiovasculaire ziektes doet toenemen. “Mensen die laat gaan slapen, lusten vaak graag een glaasje en een snackje in de avonduren, wat een ongezonde gewoonte is en waaraan ook cardiovasculaire gevaren aan verbonden zijn. De twee samen vormen een zeer groot risico”, zegt Verbraecken. 

Verschil tussen mannen en vrouwen

En dan blijkt er ook nog een verschil te zijn tussen vrouwen en mannen. Vrouwen die de ideale bedtijd niet respecteren, verhogen hun risico op hart- en vaatziekten. Bij mannen is dat minder. Zij hebben enkel en alleen door het feit dat ze man zijn al een hoger risico op cardiovasculaire aandoeningen. 

Als de menopauze aanbreekt, zijn vrouwen kwetsbaarder voor hart- en vaatziektes

Johan Verbraecken, UZ Antwerpen

“Vrouwen beschikken over het vrouwelijke hormoon dat hen beschermt tegen hart- en vaatziektes. Maar als zij ouder worden en de menopauze aanbreekt, treedt er verandering op in de aanmaak van dat hormoon. De beschermingsfactor neemt af, wat hen kwetsbaarder maakt voor allerlei factoren die de gezondheid van het hart- en vaatstelsel in gevaar brengen."

Verbraecken benadrukt dat zowel vrouwen als mannen die de kans op hart- en vaatziekten zo laag mogelijk willen houden, nu weten wat hen te doen staat. “Een enorm eenvoudige maar zeer correcte conclusie van een zeer betrouwbaar onderzoek”, besluit Verbraecken.

Luister hieronder naar het interview met Johan Verbraeken in "Nieuwe Feiten" op Radio 1:

Meest gelezen