VS brengt deel van oliereserve op de markt: "Prijs aan pomp en populariteit president zijn communicerende vaten"

De Verenigde Staten gaan een deel van de olie uit hun strategische reserve -50 miljoen vaten om precies te zijn- op de markt brengen. Het Witte Huis heeft dat beslist in overleg met andere landen, met als doel de hoge prijs aan de pomp te laten dalen. "President Biden tracht een beetje de pijn te verlichten, zeker met de feestdagen op komst", zegt ingenieur Filip Van den Abeele, gespecialiseerd in de oliemarkt, die zijn twijfels heeft bij deze zet van de Amerikaanse president. 

"President Joe Biden kondigt aan dat 50 miljoen olievaten van de strategische reserve zullen worden vrijgegeven om de gas- en olieprijzen voor de Amerikanen te verminderen", zo kondigt het Witte Huis aan. 

De olie komt uit de Amerikaanse Strategic Petroleum Reserve (SPR), die goed is voor meer dan 600 miljoen vaten, verspreid over zoutgrotten in Texas en Louisiana. Ze worden normaal ingezet in noodsituaties, zoals orkanen.

Oliebedrijven kunnen ruwe olie uit de reserves ontvangen om ze later -plus rente- terug te geven aan de overheid. 32 miljoen vaten zullen op die manier worden geleend. Daarnaast kan olie uit de voorraden rechtstreeks worden verkocht aan oliebedrijven voor raffinage. Hier gaat het om een versnelde verkoop van 18 miljoen vaten, die eerder al was goedgekeurd door het Congres.

Prijs drukken bij begin van "driving season"

Waarom boort de VS de oliereserves aan? Om de prijs te drukken, want die ligt momenteel heel hoog. Een vat olie kost nu zo'n 80 dollar (71 euro), ruim drie keer zoveel als aan het begin van de pandemie.

"De prijzen aan de pomp en de populariteit van de president zijn communicerende vaten. In dit geval vaten olie", zegt Filip Van den Abeele, ingenieur gespecialiseerd in de oliemarkt. "President Biden tracht een beetje de pijn te verlichten, zeker met de feestdagen op komst, eerst Thanksgiving, dan de eindejaarsfeesten. In de VS wordt die periode niet zomaar "the driving season" genoemd. Iedereen springt daar in de pick-up en rijdt de autosnelweg op om familie te bezoeken. Iedereen gaat tanken en voelt dan aan den lijve de stijging van de levensduurte." 

Beluister hier het gesprek met ingenieur Filip Van den Abeele in "De wereld vandaag": 

Copyright 2020 The Associated Press. All rights reserved

Voor de consument lijkt de beslissing van president Biden dus meegenomen, maar Van den Abeele heeft er twijfels bij. "Amerika heeft namelijk weinig tot geen prijszettingsmacht op de oliemarkt. Om het in perspectief te plaatsen: we spreken hier over 50 miljoen vaten, terwijl de wereld iedere dag 90 miljoen vaten per dag nodig heeft, en Amerika ongeveer 18 miljoen vaten. Eigenlijk koopt president Biden hier dus maar drie dagen tijd." Volgens Van den Abeele had Biden "beter elke Amerikaan een bon gegeven om op kosten van de staat te gaan tanken, in plaats van zich te mengen in mature markten waarop hij eigenlijk geen invloed heeft". 

OPEC doet voorlopig niet mee

Gelijkaardige maatregelen zullen volgens het Witte Huis aangekondigd worden in landen als China, Japan, India, Zuid-Korea en het Verenigd Koninkrijk. India doet alvast mee met 5 miljoen vaten uit de nationale voorraden.

Maar de oliemarkt is eigenlijk in handen van de OPEC-landen, het samenwerkingsverband van olie-exporterende landen met vooral landen uit het Midden-Oosten. En die doen voorlopig niet mee.

Biden had hen al eerder gevraagd om meer te gaan produceren, maar daar voelen de OPEC-landen weinig voor. Ze blijven voorzichtig tijdens deze vierde coronagolf, na de ervaring aan het begin van de pandemie, toen de olieprijs kelderde omdat transport en luchtvaart nog weinig afnamen. Daarnaast zijn ze van oordeel dat de strategische reserves bedoeld zijn voor noodgevallen. Daar is nu geen sprake van, vinden ze. 

De impact op de prijzen buiten de VS lijkt dan ook gering. In reactie op de aankondiging van het vrijgeven van de reserve gingen de olieprijzen in eerste instantie behoorlijk omlaag, maar daarna trokken ze bij. 

Meest gelezen