Moeten er meer bedden komen en hoe vinden we personeel? Vijf vragen over toekomst zorgsector in coronatijden

De coronapandemie heeft de zorgsector zonder twijfel onder druk gezet. De voorbije twee jaar verschenen tal van berichten met hulpkreten enerzijds en bewondering anderzijds. De bezetting van ziekenhuisbedden was dan ook de voornaamste graadmeter voor de crisis. Maar dat roept vragen op: kunnen we de zorg dan niet uitbreiden? Zijn er geen andere oplossingen? We zetten vijf vragen op een rij.

België beschikte in 2020 over 63.847 ziekenhuisbedden, volgens data van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), omgerekend ongeveer 555 per 100.000 inwoners. We zitten daarmee boven het gemiddelde in de OESO-landen. In Nederland waren het er maar 321 (in 2019), in Duitsland dan weer 800 (in 2019).

Daarvan zijn er 2.000 bedden voor intensieve zorg (IZ), ofwel ongeveer 17 per 100.000 inwoners, ook meer dan Nederland en minder dan Duitsland. Maar in realiteit wordt ongeveer 10 procent daarvan tijdens de vierde golf niet gebruikt door personeelstekort. We hebben dus 1.800 beschikbare IZ-bedden. "Meer bedden voorzien is dan ook onhaalbaar en geen oplossing", volgens dokter Frank Vermassen, hoofdarts van het UZ Gent en Marc Noppen, CEO van het UZ Brussel.

Een zelfde geluid bij Dominique Benoit, diensthoofd intensieve zorg in het UZ Gent: "Als we meer bedden plaatsen, zouden we het probleem gewoon verschuiven naar een later moment, wanneer die bedden ook vol dreigen te liggen en we moeten ingrijpen."

"We kunnen wél nadenken over de definitie van die bedden en beter kiezen wie welk soort bed inneemt op basis van de zorgbehoefte en overlevingskansen", vindt hij. Sommige mensen die weinig overlevingskansen hebben, kunnen we op een andere afdeling behandelen, zodat de intensieve zorg op de meest kritische patiënten met betere overlevingskansen kan focussen. Hij suggereert ook om eindelevenszorg te durven verplaatsen naar palliatieve zorgafdelingen.

In woonzorgcentra beschikken we ook over veel bedden. In 2018 (OESO) waren er 68 bedden voor langdurige zorg per 1.000 personen van 65 jaar of ouder. Ook daar zitten we ruim boven het OESO-gemiddelde. Maar we hebben te weinig personeel om die te bemannen.

Ons land telde op 31 december 2018 148.782 actieve verpleegkundigen. Elke verpleegkundige heeft volgens onderzoek van het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) en de KU Leuven gemiddeld 9,4 patiënten om voor te zorgen. De wereldwijde norm is maximum 8 patiënten. Boven dat aantal is de zorg niet meer veilig. De situatie is er wel op verbeterd: we gingen van 11 naar 9,4 in tien jaar tijd.

Het KCE berekende in de studie uit begin 2020 dat er 5.500 voltijdse verpleegkundigen extra nodig zijn, alleen al in de diensten chirurgie, inwendige geneeskunde, geriatrie, revalidatie en pediatrie. Ook in woonzorgcentra kampen ze met een tekort aan zorgkundigen (personeel met een kortere opleiding die de ouderenzorg grotendeels op zich nemen).

Op dit moment is de uitstroom in de zorg bovendien groter dan de instroom. Dat is grotendeels te wijten aan pensionering: steeds meer mensen die in de zorg werken, zijn ouder dan 50, een "babyboomeffect". Er zijn ook mensen die de zorg verlaten door de werkdruk, al is dat aantal moeilijk meetbaar. 

In deze reportage over een recordaantal studenten in de zorg vertelt Vlaams Zorgambassadeur Lon Holtzer dat die instroom nog niet volstaat.

Videospeler inladen...

De overheden probeerden een inhaalmanoeuvre te doen door te investeren in extra personeel, toch al goed voor 4.250 voltijdse banen in ziekenhuizen en 2.264 voltijdse banen in de ouderenzorg. Een stevige sprong voorwaarts. Helaas raken veel openstaande vacatures nog altijd niet ingevuld.

Daarbovenop zijn er ook de tijdelijke afwezigheden: vóór de coronacrisis leidde de werkdruk al tot langdurige uitval en lag de afwezigheid door ziekte rond de 5 procent. "Nu is dat naar schatting ongeveer 15 procent met quarantaines meegerekend", zegt Margot Cloet, gedelegeerd bestuurder van zorgkoepel Zorgnet-Icuro. Maar dat cijfer verschilt erg naargelang de periode, het ziekenhuis en de dienst.

Caroline Giraud, Algemeen directeur van het woonzorgcentrum Onze-Lieve-Vrouw van Antwerpen, vertelt in De wereld vandaag over personeelsuitval:

Zorgberoepen staan bekend als onaantrekkelijk. Aan loon en voorwaarden werd gewerkt, zoals je in de volgende vraag kan lezen. Maar de voornaamste motivatie om te kiezen voor een zorgberoep is volgens Vlaams zorgambassadeur Lon Holtzer een passie voor de zorg. Zorgmedewerkers verdienen dan ook sociale en maatschappelijke opwaardering, benadrukken Holtzer en dokter Benoit, wat meer mensen zou overtuigen om voor een zorgberoep te kiezen. 

Maar die mensen moeten natuurlijk eerst opgeleid worden, wat snel uitbreiden in een crisis als deze moeilijk maakt. Toevallig werd de opleiding verpleegkunde met een jaar verlengd in 2016-2017, ongeveer vier jaar voor de coronacrisis. Een tijdelijk dipje erbij op een slecht moment dus. 

De Vlaamse overheid maakte 30 miljoen vrij voor om opleidingen voor (zij-)instroom toegankelijker te maken. Zo kunnen zorgbedrijven die potentieel zien in iemand die nog geen diploma heeft, die persoon al aannemen op voorwaarde dat ze een opleiding voorzien, met stage ter plekke. Verder wil de overheid met het budget werken aan sensibiliering en het beroep aantrekkelijker maken.

Inge Vervotte van zorgnetwerk Emmaüs vzw in De ochtend over het personeelstekort en het Actieplan (Zij-)Instroom:

Maar wat doen we om het personeelstekort onmiddellijk aan te pakken? Flexibiliseren, flexibiliseren, flexibiliseren, krijgen we te horen. Op dit moment zijn de regels in ons land bijzonder streng over "wie wat mag doen". Dat maakt schuiven met personeel moeilijk. Als andere profielen sommige taken mogen overnemen, kunnen verpleegkundigen zich meer concentreren op hun kerntaken. Verpleegkundigen geven aan dat ze ook veel taken uitvoeren waarvoor je geen diploma verpleegkunde nodig hebt: vier op vijf rapporteren dat ze maaltijden opdienen.

Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) zet in woonzorgcentra alvast tijdelijk de deur open om personeelsmiddelen flexibeler in te zetten. Tot nu toe mochten woonzorgcentra bovenop het standaard gefinancierde personeel enkel 15 procent extra zorgpersoneel aannemen. Nu mogen ze in de plaats daarvan ook  logistiek personeel aanwerven voor bijvoorbeeld huishoudelijke taken.

Wouter Beke over de personeelsflexibilisering in de woonzorgcentra:

In het eerste jaar van de pandemie kregen zorgverleners uit ziekenhuizen en Vlaamse sectoren (zoals ouderenzorg) bij wijze van "beloning" een eenmalige consumptiecheque van 300 euro

Later kwam er een aanmoedigingspremie van 985 euro in de ziekenhuizen en 900 euro in de woonzorgcentra. Dat leidde echter tot teleurstelling, want die premie was belast zoals een normaal loon, waardoor minder dan de helft netto overbleef.

Maar er is ook een structurele hervorming opgenomen in nieuwe investeringen (zie het kadertje onderaan dit artikel). Een groot deel daarvan dient voor loonsverhoging, in totaal goed voor 6 procent in de federale zorgsector en 4,5 procent in de Vlaamse zorgsector. Er wordt nu ook meer rekening gehouden met verantwoordelijkheden en fysiek zwaar werk.

Sindsdien is het startloon in veel functies hoger om de job aantrekkelijker te maken. Een beginnende verpleegkundige verdient in het ziekenhuis bruto 280 euro per maand meer. Wie aan het einde van zijn of haar loopbaan zit, gaat er door dit plan niet echt op vooruit.

Ook Vlaamse zorgkundigen kregen een kleine loonoplsag. Bekijk het verslag uit "Terzake":

Videospeler inladen...

De werkomstandigheden zijn ook opgenomen in de zorgakkoorden, onder andere door drie aaneensluitende weken vakantie te garanderen in plaats van twee. 

De mentale en emotionele druk van het beroep blijft natuurlijk groot. "Heel je familiaal en relationeel leven wordt overhoop gegooid. Je wordt geconfronteerd met leven en dood. Dat hakt erin", zegt dokter Benoit.  De werkstress en belasting nemen volgens onderzoek sterk toe in woonzorgcentra.

Daarbij komt er nog concurrentie tussen ziekenhuizen en woonzorgcentra in de zoektocht naar personeel. "Alle werkgevers vissen noodgedwongen in een vijver waar nauwelijks nog vissen op zoek zijn naar een job. En ziekenhuizen kunnen vaak betere voorwaarden bieden dan de ouderenzorg", vertelt Margot Cloet.

Om de intensieve covidzorg te garanderen, schakelen ziekenhuizen al personeel van andere diensten in op de intensieve covidzorg. Zo willen onder andere UZ Gent en UZ Brussel een reserveploeg klaarstomen met mensen die reeds geschoold zijn in de zorg. Zij krijgen een bijkomende spoedcursus voor intensieve covidzorg.

Om de intensieve niet-covidzorg te garanderen, kunnen we de coronazorg beter centraliseren in ziekenhuizen die niet gespecialiseerd zijn in bijvoorbeeld hartchirurgie, vindt dokter Benoit. Wanneer zo’n gespecialiseerd ziekenhuis plots bedden moet vrijmaken voor covidpatiënten, heeft dat immense gevolgen. Een hartoperatie uitstellen is gevaarlijker dan een heupoperatie in een ander ziekenhuis. 

Ook bij kinesisten leiden het virus en de maatregelen tot extra werkdruk, zoals te zien in deze reportage in Het journaal:

Videospeler inladen...

Daarnaast willen ziekenhuizen ervoor zorgen dat patiënten minder lang in het ziekenhuis liggen. Zo ontwikkelt het UZ Brussel bijvoorbeeld een extra samenwerkingsprogramma met de eerstelijnszorg (zoals huisartsen en thuiszorg) om patiënten pas te laten opnemen als het niet anders kan. Ook vlotter doorstromen naar woonzorgcentra en thuiszorg zou de duur van opnames verkorten. En dan is een bed sneller vrij.

Maar ook daar leeft er bezorgdheid of die andere sectoren dat wel kunnen dragen. "Het vinden van personeel is vaak zo prangend dat doemscenario’s dreigen, zoals woonzorgcentra die opnamestops moeten doorvoeren, waardoor oudere patiënten niet meer uit het ziekenhuis kunnen doorstromen", legt Margot Cloet uit.

“Geen ruimte meer om patiënten normale zorg te kunnen bieden”, zegt Laure Clinckemalle van huisartsenvereniging Jong Domus in Het journaal.

Videospeler inladen...

Alle werkgevers in de zorg vissen noodgedwongen in een vijver waar nauwelijks nog vissen op zoek zijn naar een job.

Margot Cloet, Zorgnet-Icuro

De verdelingen van bevoegdheden rond gezondheid

De bevoegdheden rond gezondheid zitten verdeeld tussen de federale en Vlaamse overheid, waardoor investeringen in personeel uit verschillende hoeken komen.

De Vlaamse overheid is onder andere bevoegd voor thuiszorg, ouderenzorg, en eerstelijnszorg. Verder regelt ze de revalidatiesector, psychiatrische verzorgingstehuizen, kinderopvang, … Ze houdt ook toezicht op ziekenhuizen, maar de federale overheid financiert de werkingskosten (en dus lonen) in ziekenhuizen.

Federale investeringen in de gezondheidszorg

Zorgpersoneelsfonds:  400 miljoen vrijgemaakt voor voornamelijk ziekenhuisverpleegkundigen.
Sociaal akkoord federale zorgsector: 600 miljoen extra, waarvan 500 miljoen voor extra loon en 100 miljoen voor werkomstandigheden.

Vlaamse investeringen in de gezondheidszorg

Meest gelezen