INBO

Vlaamse wetenschappers brengen tot nog toe onbekende migratieroutes van ernstig bedreigde palingen in kaart

Vlaamse wetenschappers hebben de tot nog toe onbekende migratieroutes van palingen in kaart gebracht. De paling is een ernstig bedreigde soort, maar over hun migratieroutes weten we niet zoveel. Hoe beter we die in kaart kunnen brengen, hoe beter de soort kan worden beschermd. 

Palingen zijn een ernstig bedreigde diersoort. Toch weten we relatief weinig over hun migratie. De palingen leven dan wel in onze rivieren. Ze planten zich uitsluitend voort ergens in de Atlantische Oceaan en leggen daar duizenden kilometers voor af. Het nieuwe onderzoek van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO), de UGent en het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ), dat in het tijdschrift Scientific Reports is verschenen, licht een tipje van de sluier.

De trek van een paling kan een jaar duren. "Gedurende die tijd eet de vis niets. Ze teren volledig op hun reserves", zegt visbioloog Pieterjan Verhelst van het INBO aan VRT NWS. Je zou dus verwachten dat de vissen de meest efficiënte en dus kortste weg naar hun paaigronden volgen. Toch hebben de onderzoekers ontdekt dat er twee verschillende routes zijn.

Sommige palingen leggen een langere route af. Waarom maken ze die omweg?

"Als je een paling loslaat in Nieuwpoort, is de meest logische weg naar links via het Kanaal tussen Frankrijk en Engeland naar de Atlantische Oceaan", zegt Verhelst. De meeste palingen zwemmen ook effectief via die "logische" route naar de paaigebieden.

Toch zijn er ook heel wat die via Engeland en Schotland naar de oceaan trekken. "Die palingen leggen een langere route af en moeten dus meer energie verbruiken", zegt de onderzoeker. "Komen die wel aan op de paaigronden? Waarom maken ze die omweg? Dat is nog voer voor extra onderzoek."

In het rood de migratiestromen die in kaart zijn gebracht:

INBO

Een tweede vaststelling is dat er meer palingen worden opgepeuzeld onderweg dan tot nog toe werd gedacht. "Bij sommige palingen die we gevolgd hebben, merken we dat ze door grienden of haringhaaien zijn opgegeten", legt Verhelst uit. "Je kunt het wellicht vergelijken met de great migrations in Afrika. De zebra’s en gnoes die migreren en de roofdieren die daar van afhankelijk zijn. Voor palingen is dat mogelijk ook zo."

Het gaat niet goed met de paling en dat kan dus ook gevolgen hebben voor de roofdieren. "De laatste 40 jaar is het aantal palingen met 90 procent gedaald", zegt de visbioloog. "Als er minder palingen door de zee trekken, dan heeft dat wellicht ook een impact op de voedselketen op zee, maar ook dat moeten we nog meer onderzoeken."

Temperatuur en diepte meten

Hoe hebben ze die routes nu in kaart gebracht? De onderzoekers hebben kleine toestelletjes bevestigd aan de rug van enkele honderden palingen. "Het is een soort doorgedreven USB-stick met een thermometer en een dieptemeter", legt Verhelst uit. "De paling wordt losgelaten. Na een bepaalde tijd komt de datalogger los, die drijft naar het wateroppervlak en spoelt ergens aan. Een wandelaar of visser vindt die terug en bezorgt die aan ons."

Deze palingen kregen een datalogger:

INBO

Alles samen zijn 96 uitgezette loggers teruggevonden. Zowat 30 procent van het totaal dat werd gebruikt. "Aan de hand van de temperatuur en de diepte, kunnen we dan het traject berekenen", legt hij uit. Als een paling wordt opgepeuzeld kunnen ze dat zien aan de hand van een plotse temperatuurstijging.

"Een griend of een walvis, is een zoogdier en heeft een lichaamstemperatuur van 36 graden", zegt de bioloog. "Dan zie je de temperatuur van 10 graden -de temperatuur van het water- stijgen naar 36 graden. Dan weet je dat die in de walvis zit."

Dezelfde truc wordt toegepast voor andere zeeroofdieren. Zo is de gemiddelde lichaamstemperatuur van een haringhaai ongeveer 10 graden warmer dan de temperatuur van het water. Zo kunnen ze achterhalen welke paling door welk soort roofdier werd verorberd.

Op deze locaties zijn de dataloggers teruggevonden:

INBO

Wat is nu het praktische nut van het in kaart brengen van de migratiestromen van palingen? "De paling is ernstig bedreigd, maar van het grootste deel van hun migratie weten we bijna niets", legt de onderzoeker uit.

Ons onderzoek moet de eerste puzzelstukjes leggen voor de mogelijke impact van de mens op zee

"Als daar een probleem is waardoor ze bijvoorbeeld hun weg niet meer terugvinden, dan weten we daar niets van en kunnen we daar dus ook niets aan doen", gaat hij voort. "Ons onderzoek moet de eerste puzzelstukjes leggen voor de mogelijke impact van de mens op zee."

Dat kan heel concreet zijn. Stel dat de palingen bijvoorbeeld verdwalen doordat ze afgeleid worden door de magnetische velden van elektriciteitskabels op de zeebodem. Dan weten we dat die kabels in de toekomst beter moeten worden geïsoleerd.

Visbioloog Pieterjan Verhelst
Radio 2

Meest gelezen