Verdachten plofkraak Zaventem ontkennen elke betrokkenheid

In Brussel is het proces van start gegaan tegen twee Nederlanders die een plofkraak zouden hebben gepleegd op een Bpost-filiaal in Zaventem. De daders maakten daarbij meer dan 360.000 euro buit. De twee verdachten werden opgepakt op basis van DNA-onderzoek, maar ontkennen elke betrokkenheid. 

Op 14 januari 2020 drongen twee tot drie daders het postkantoor aan de Leuvensesteenweg in Zaventem binnen, gewapend met een koevoet, een voorhamer en enkele gasflessen. De bankautomaat in het filiaal werd vervolgens volgepompt met gas, waarna het toestel tot ontploffing werd gebracht. Het Bpost-filiaal werd grotendeels vernield door de knal. De daders sloegen op de vlucht met verscheidene geldkoffers, waarin zowat 363.000 euro zat. Dat geld zou volgens Bpost onbruikbaar zijn, omdat alle inktpatronen zouden zijn afgegaan toen de geldkoffers verwijderd werden.

In de loop van het onderzoek werden twee Nederlandse mannen overgeleverd aan ons land. "In het kantoor vonden we een koevoet en een veiligheidsbril terug en camerabeelden uit de omgeving toonden aan dat de daders vlakbij een slagboom van een bedrijventerrein hadden geforceerd", aldus openbaar aanklager Gilles Blondeau vanmorgen op de zitting. "Op die koevoet en die slagboom vonden we telkens een gemengd DNA-profiel, met telkens één dominant profiel.”

Verdediging betwist DNA-onderzoek

Het daaropvolgende DNA-onderzoek leidde naar twee mannen die eind 2020 konden worden opgepakt in Nederland. Een van hen wordt intussen in Duitsland ook verdacht van een andere plofkraak. Het parket vordert zes jaar cel tegen beide beklaagden, maar de verdediging pleitte vanmorgen voor de vrijspraak. "Het enige bewijselement waarover het parket beschikt, is het DNA van mijn cliënt, dat zou zijn aangetroffen op die slagboom", aldus meester Anthony Mallego. "Maar er is nooit enige tegenexpertise uitgevoerd kunnen worden op dat spoor. Verder is er niets dat in de richting van mijn cliënt wijst, hij is nooit in de omgeving gesignaleerd geweest, een huiszoeking leverde niets op en de tweede verdachte kent hij niet.”

Ook de tweede beklaagde ontkende via zijn advocaat elke betrokkenheid. "Het enige dat we weten, is dat zijn DNA op die koevoet zit”, pleitte advocaat Rik Vanreusel. "Dat bewijst niet dat hij die koevoet gehanteerd heeft tijdens die plofkraak of dat hij aanwezig was bij die plofkraak. Aangezien het om een mengprofiel gaat, is het duidelijk dat ook andere mensen die koevoet hebben aangeraakt. Mijn cliënt geeft toe dat hij in Nederland deel uitmaakt van een bende inbrekers, die een gezamenlijke opslagplaats voor hun materiaal hebben. Waarschijnlijk heeft hij die koevoet daar in handen gehad.”

Het vonnis in de zaak valt op 15 februari. 

Meest gelezen