Dit exemplaar van het Duitse Wigalois-ridderepos is rijkelijk geïllustreerd.

Literatuurwetenschappers slaan aan het rekenen: meer dan de helft van alle Middelnederlandse ridderverhalen is verloren gegaan

Meer dan 30 procent van alle middeleeuwse verhalen zijn verloren gegaan. Van de verhalen die in het Nederlands werden geschreven, is dat zelfs meer dan de helft. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van de Universiteit Antwerpen dat gepubliceerd is in het toonaangevende wetenschappelijke tijdschrift Science. De onderzoekers pasten daarvoor een formule toe uit een heel ander vakgebied, de ecologie.

Een van de laatste grote mysteries van de mediëvistiek, zo noemt professor Mike Kestemont (Computationele Geesteswetenschappen, UA) het: hoeveel middeleeuwse literatuur er verloren is gegaan. 

“Wetenschappers breken zich er al eeuwen het hoofd over”, vertelt hij. Lang was Kestemont ervan overtuigd dat de vraag nooit beantwoord zou worden. Tot die ene vrijdagavond tijdens een van de lockdowns, met een drankje en een videoverbinding met de onderzoeker Folgert Karsdorp. “Volgens mij kan dat wel, zei hij”, herinnert Kestemont zich. Hij deed een opmerkelijk voorstel. “Ik geloofde eerst niet dat het kon werken, maar uiteindelijk is gebleken dat hij gelijk had."

Het voorstel van Karsdorp? Een rekenmodel uit de ecologie toepassen op de middeleeuwse literatuurwetenschap. Het zogenaamde ongeziene-soortenmodel, dat ontwikkeld werd door de Taiwanese biostatisticus Anne Chao, helpt wetenschappers om in te schatten hoeveel dier- en plantensoorten ze binnen een onderzocht gebied niet te zien krijgen, omdat ze te klein zijn of, zoals de sneeuwpanter, te schuw. Kestemont en Karsdorp besloten dat je het geheel van de middeleeuwse literatuur als zo’n biotoop kan zien. De verhalen in dat “biotoop” vervullen dan de rol van planten- en diersoorten. Ze turfden het aantal bekende manuscripten en berekenden op basis daarvan hoeveel manuscripten we niet kennen. 

Professor Mike Kestemont legt uit hoe ze het ongeziene-soortenmodel toepasten:

Videospeler inladen...

Ze onderzochten zes literatuurgebieden: het Nederlandse en daarnaast ook het Ierse, het IJslandse, het Duitse, het Franse en het Engelse.

Doosjes, meetlinten en mijters

Hun onderzoek wordt vandaag gepubliceerd in het prestigieuze wetenschapstijdschrift Science. De eerste resultaten bevestigden wat boekhistorici (weer een ander vakgebied) al vermoedden op basis van schattingen: dat slechts 9 procent van alle middeleeuwse handschriften het jaar 2022 gehaald hebben

Ze zijn verloren gegaan in bibliotheekbranden zoals die in Leuven tijdens de Eerste Wereldoorlog. Of prozaïscher, het robuuste perkament is gerecycleerd tot doosjes of meetlinten. In een Kopenhagense collectie zit zelfs een mijter die verstevigd werd met een manuscript van de Oudnoorse Strengleikar-riddersagen. 

Maar die handschriften zijn dragers van verhalen. Net zoals een muzieknummer niet verloren gaat als je een vinylplaat bekrast, zo is één verhaal vaak ook bewaard op verschillende manuscripten. Pas wanneer alle manuscripten verloren zijn gegaan, wordt een verhaal als verloren beschouwd.

Deze mijter werd verstevigd met een manuscript van de Oudnoorse Strengleikar-riddersagen.

Van die middeleeuwse verhalen, vaak ridder- en heldenepossen zoals die over de bekende koning Arthur, blijkt ongeveer een derde verloren gegaan. 68 procent kennen we vandaag de dag nog steeds. 

Op eilanden overleven verhalen gemakkelijker

Dat die berekeningen in de lijn liggen van eerdere ruwe schattingen, sterkte de onderzoekers. Het bevestigde volgens hen hun aanname dat het rekenmodel uit de ecologie kon toegepast worden op de middeleeuwse literatuur. Al werden ze ook verrast door enkele bevindingen die minder voor de hand liggen.

Anders dan wat je misschien zou denken, waren de grote talen niet noodzakelijk beter bestand tegen verlies. Integendeel zelfs. Ja, 80 procent van de Duitse middeleeuwse verhalen haalde het jaar 2022, maar het Engels en het Frans doen het veel slechter. 

Verhalen die op dit moment verdwenen zijn, hoeven dat niet voor eeuwig te zijn. Af en toe duikt er een middeleeuws manuscript op

Dat komt waarschijnlijk doordat grote talen veel meer verschillende verhalen kennen, vermoeden de onderzoekers. Enkele zeer populaire verhalen werden veel gekopieerd en breed verspreid. Maar een grote restgroep bestond uit veel zeldzamere verhalen met slechts enkele kopieën. Dan zijn er maar enkele branden, hongerige insecten of creatieve kledingmakers nodig om een verhaal voor altijd te doen verdwijnen.

Ook de Middelnederlandse literatuur doet het op dat vlak minder goed dan tot nu toe werd aangenomen. Minder dan de helft van de ridderverhalen kennen we vandaag de dag nog - tot nu toe werd aangenomen dat 80 procent van die verhalen de tand des tijds overleefden. Een van die verloren gegane verhalen is het voor literatuurhistorici mythische Madoc dat de auteur van Van den vos Reynaerde schreef. Dat Madoc wordt vermeld in Van den vos Reynaerde, dus weten we dat het ooit bestaan heeft, maar het valt vandaag nergens meer te lezen.

Er is waarschijnlijk minder Middelnederlandse literatuur overgenomen dan we tot nu toe dachten, legt Kestemont uit:

Videospeler inladen...

Eilanden zoals IJsland (77 procent overgeleverde verhalen) en Ierland (81 procent) zijn dan weer beter bestand tegen verlies dan grote talen, blijkt uit het onderzoek. Hoewel ze relatief gezien minder verhalen kennen, zijn die verhalen wel breder verspreid, en dus moeilijker uit te wissen.

Gezocht: Indiana Jones (m/v/x)

Het lijkt misschien deprimerend onderzoek, al die verdwenen verhalen. Toch is het dat niet, vindt Kestemont. Verhalen die op dit moment verdwenen zijn, hoeven dat immers niet voor eeuwig te blijven. Af en toe duikt er een middeleeuws manuscript op van een voorheen onbekend verhaal, bijvoorbeeld in bibliotheken of bij opgravingen. Sinds de komst van de sociale media is dat proces zelfs nog versneld.

“Dit onderzoek schenkt een soort van voorafblik op alle vondsten die we nog kunnen doen. Dat zou ons hoopvol moeten stemmen”, zegt Kestemont. 

En dat mythische Madoc? Vinden we dat ooit terug? “Dat durf ik niet te zeggen. Ik sluit het niet uit, maar dan moeten we beter zoeken. Misschien moeten we daarvoor een professionele Indiana Jones inhuren die er voltijds naar op zoek kan gaan (glimlacht).” 

Meest gelezen