Archieffoto
BELGA/WARNAND

Smeltende sneeuw tijdens de ochtendspits: zo hou je het veilig op de weg

Het is geen aprilgrap: deze ochtend sneeuwt het. En die (smeltende) sneeuw kan gladde wegen veroorzaken. Wie verplaatsingen kan uitstellen, doet dat beter. Moet je toch de weg op? Volg dan deze tips om veilig op je bestemming te geraken. 

Vanochtend trekt een sneeuwzone over ons land. De meeste sneeuwval wordt verwacht in het noorden van het land (in het noorden van de provincies Oost- en West-Vlaanderen (niet aan zee) en Antwerpen). Op verschillende plaatsen kan er zo tegen vanmiddag tot 5 centimeter sneeuw liggen. 

Hoe komt dat?

"Ons weer wordt vaak bepaald door de windrichting. Zeker in de lente kan dat grote verschillen met zich meebrengen", legt weerman Bram Verbruggen uit. "De voorbije twee weken hadden we een zuidelijke wind. Dat betekent zacht weer, zonnig ook. Nu is die windrichting omgedraaid, waardoor we ijskoude lucht krijgen die rechtstreeks van de Noordpool komt. En dat brengt niet alleen koude temperaturen, maar ook winterse toestanden mee."

Vannacht schommelden de temperaturen rond het vriespunt, maar in de nacht van vrijdag op zaterdag en van zaterdag op zondag verwachten we negatieve temperaturen. Het KMI geeft code geel voor gladheid in heel het land, behalve aan de kust. 

En dat betekent: opletten op de weg. Wie zijn auto of fiets niet moet gebruiken, doet dat beter. Wie toch ergens naartoe moet, kan volgende tips volgen.

Voor automobilisten

Op voorhand

  • Zet je wagen binnen als je een garage hebt, of zet de snuit uit de wind en bedek de motor met een deken
  • De voorruit van de wagen kan je beschermen tegen aanvriezen door een karton of een scherm tussen de ruit en ruitenwissers te steken. 
  • Om te voorkomen dat je sloten vastvriezen, kan je preventief een vuilafstotende smering spuiten en je sleutel een aantal keer in het slot steken.
  • Als je een manuele versnellingsbak en handrem hebt, parkeer je best in versnelling in plaats van met de handrem, zodat die niet vastvriest.
  • Rijd je elektrisch of hybride? Controleer dan de batterij: vrieskou kan de autonomie van de batterij verminderen.

"Ook met winterbanden moet je je rijgedrag aanpassen. Dat betekent snelheid verlagen en meer afstand houden", zegt Maarten Matienko van VAB in "Het journaal":

Videospeler inladen...

Winterbanden

Volgens automobilistenvereniging VAB heeft naar schatting zo'n 10 procent van de autobestuurders die winterbanden liet opleggen, deze al laten vervangen door zomerbanden. Ben jij daarbij? Wees dan extra voorzichtig.

Bij vertrek

  • Gebruik een plastic krabber als je ruiten zijn aangevroren. Metalen krabbers kunnen krassen geven.
  • Met een haardroger of heet water kan je vastgevroren sloten ontdooien.
  • De gps, verwarming en andere onnodige stroomverbruikers schakel je best uit bij het starten. Wacht ook even met je lichten.
  • Zorg ook dat je ruitenwissers niet afgaan, zodat ze niet beschadigd geraken.

Verloopt het starten moeilijk?

  • Probeer de motor dan enkele keren kort op te starten, in plaats van één lange poging te ondernemen.
  • Gebruik eventueel een batterijlader.
  • Vermijd startkabels als je een moderne wagen hebt. Bij fout gebruik kan je er schade mee veroorzaken.

Op de weg

  • Rijd langzaam.
  • Houd extra afstand.
  • Trek geleidelijk op.
  • Rem op de motor in een bocht of als je een obstakel nadert.

Slip je toch? 

  • Blijf rustig.
  • Kijk naar de plaats waar je naartoe wil en niet naar alle mogelijke obstakels.
  • Rem licht pompend.

Voor fietsers

Op voorhand

  • Controleer je voor- en achterlicht zodat je goed zichtbaar bent en draag zo nodig fluorescerende kleding.  
  • Smeer je fietsslot in met olie, anders dreigt het vast te vriezen.
  • Pomp je banden niet te hard op. Op een gladde of besneeuwde weg is het beter wat minder lucht in je banden te hebben, dat geeft meer grip.
  • Heb je een elektrische fiets? Kijk dan of je batterij voldoende opgeladen is want bij koud weer kan hij sneller leeglopen.
  • Zet je zadel iets lager. Zo ligt het zwaartepunt lager en verhoog je de stabiliteit van je fiets.

Op de weg

  • Fiets niet te snel.
  • Hou afstand.
  • Kijk goed voor je zodat je niet te vaak moet remmen.
  • Remmen doe je best met beide remmen tegelijk.
  • Zet je versnelling niet te hoog of te laag, zodat je niet wegglipt door te snel of te hard te moeten trappen.
  • Mijd wegmarkeringen, ze kunnen verraderlijk glad zijn.
Maak achteraf je fiets schoon en smeer hem in:
 
  • Voor de ketting gebruik je best ontvetter en een hard borsteltje, zoals een oude tandenborstel. Spoel de ketting vervolgens met wat water, droog die met een vod en smeer die daarna met kettingolie of -was.
  • Lauw water en afwasmiddel zijn goed om je frame schoon te maken. Droog je fiets ook goed af.
  • Controleer of alle boutjes en moeren nog goed vastzitten. Smeer ze in, bijvoorbeeld met vaseline. 

Meest gelezen