Na de laatste aflevering van “Meneer Vanneste”: drie denkfouten over het lerarentekort

De humaninterestreeks "Meneer Vanneste" op Eén leert ook iets over de werkelijkheid in de klas.  Hoe kunnen we het lerarentekort aanpakken?

Meer leraren voor de klas klinkt even goed als meer blauw op straat of meer handen aan de ziekenhuisbedden. Alleen, niemand wil bekeurd worden door een agent die het verkeersreglement niet kent, gewassen worden door een verzorger die het niet te nauw neemt met de hygiëne, … of les krijgen van iemand die de leerinhoud niet beheerst of ze niet kan aanbrengen. We zoeken oplossingen die niet alleen het kwantitatieve probleem oplossen: ze moeten ook bijdragen tot de kwaliteit van het onderwijs op lange termijn.   

Overzien wat er fout kan gaan bij alle maatregelen die de laatste jaren voorgesteld zijn kunnen we niet in een kort opiniestuk. Wel kunnen we waarschuwen voor drie vaker voorkomende denkfouten.

1. Elke nieuwe leraar verkleint het probleem

Dat het leerlingenaantal blijft stijgen en dat relatief meer leraren op pensioen gaan zijn demografische factoren die voorspelbaar de vraag naar leraren doen toenemen en het aanbod afnemen. Dat een gediplomeerde leraar niet start met een baan in het onderwijs of al na enkele jaren uitstroomt, verergert het lerarentekort aanzienlijk. Er valt aanbod weg en het hypothekeert mogelijk het toekomstige aanbod omdat dit de slechtst denkbare reclame voor het beroep is, zeker wanneer de redenen van niet-starten of vroegtijdig uitstromen negatief en jobgebonden zijn. 

Voorkomen dat een leraar uitstapt is dus nog belangrijker dan een nieuwe vinden. De reden weten om welke reden ze niet starten of vroegtijdig stoppen is daar een onderdeel van.

Voorkomen dat een leraar uitstapt is belangrijker dan een nieuwe vinden.

Toch is er op macrovlak zeer weinig gedaan om de gaten in de lerarenemmer te dichten. Zelfs de belangrijkste maatregelen van de ministers Crevits (CD&V) (het lerarenplatform) en Weyts (N-VA) (een versnelde benoeming) de voorbije en huidige legislaturen hebben twee hoofdoorzaken van de uitval onaangeroerd gelaten, namelijk dat veel leraren in de praktijk vaak deeltijdse, lastige en/of versnipperde opdrachten krijgen die niet altijd aansluiten bij hun bevoegdheden, en dat de voorziene aanvangsbegeleiding beperkt is, hoe goed deze collega’s dit ook opnemen.

De CAO-akkoorden reflecteerden vooral de toenmalige lezing van het probleem en de prioriteiten van eerst de onderwijsverstrekkers - zorg dat directeurs tijdelijke vervangers kunnen inzetten - en vervolgens van de onderwijsbonden – versnel de benoeming en faciliteer de vakbondswerking. Daarmee lap je die emmer niet op. 

© VRT

2. Een extra loonprikkel

Het is ongetwijfeld zo dat de verloning met amper een voordelenpakket een aantal interessante profielen twee keer doet nadenken alvorens de sprong naar het onderwijs te wagen. Tegelijkertijd zijn net die potentiële zijinstromers in staat om de relativiteit van dat nadeel in te zien. Hun intrinsieke motivatie voor het lesgeven zelf, de sociale dimensie van de job en de grote zin die ze als leraren hopen te ervaren door met kinderen en jongeren te werken zijn betere motivatoren dan een extra economische prikkel bovenop het pensioenvoordeel waarvan ze kunnen genieten.

Nieuwsberichten over het lerarentekort en hogere lonen bereiken natuurlijk niet alleen de beoogde doelgroep. Bij minder sterke profielen en vooral meer extrinsiek gemotiveerde kandidaten komen deze zelfs sterker binnen. Trouwens, ook leraren in functie kunnen het wel eens flink vervelend vinden dat nieuwe mensen die jaren meer verdiend hebben dan zij en niet dezelfde beroepsbekwaamheid hebben meteen op hun niveau betaald worden. De studenten in de reguliere lerarenopleiding, die vooralsnog veel talrijker zijn dan het aantal zijinstromers, kunnen zich afvragen of ze zelf ook niet eerst een beter betaalde job zouden uitvoeren om dan later als leraar te starten.

3. De juiste mensen om de juiste redenen

Wanneer ben je een leraar: als je de job doet of als je er een geschikt diploma voor hebt? Vroeger had nagenoeg elke leraar de juiste kwalificaties. Dat te veel mensen met een lerarendiploma ook buiten het onderwijs tewerkgesteld zijn noemden we hogerop al een mogelijk probleem. Daar komt nu bij dat steeds meer mensen het beroep uitoefenen zonder het geschikte diploma. Dat laatste is om verschillende redenen problematisch.

Leraren die niet startbekwaam zijn, zijn in het beste geval mensen met een groot potentieel en een dito leerbereidheid. Het is in ieders belang dat ze snel die beroepsbekwaamheid behalen. Leerlingen, ouders en toekomstige werkgevers hebben recht op kwaliteit, net als de collega’s die met hen samenwerken. Als nieuwelingen voor de klas die kwaliteit nog niet kunnen bieden, geven ze er mogelijk gedesillusioneerd de brui aan, waardoor de aantrekkelijkheid van de job weer verder verlaagt.

© VRT

Startende leraren hebben recht op aanvangsbegeleiding. Elk lid van het schoolteam kan hieraan bijdragen door ’bv. materiaal en expertise te delen, nieuwe collega’s aan te moedigen om zich verder te professionaliseren en hun kwaliteiten en meerwaarde voor het schoolteam te (h)erkennen. De directie kan streven naar een haalbaar lessenpakket en een waarderende en betrokken schoolcultuur voorleven. 

Na alle vicieuze cirkels is dit een ‘virtueuze’. Een goede begeleiding verhoogt zowel de kwaliteit van het onderwijs als ieders goesting om onderwijs te volgen. Het zal zelfs meer geknipte leerlingen van een job als leraar doen dromen.

Denkfouten gebeuren het meest bij een eenzijdige benadering van problemen, te weinig stilstaan bij diverse perspectieven en het focussen op korte termijn. Denkfouten en ad hoc beleid gaan hand in hand. Het lerarentekort doordacht aanpakken vraagt net het omgekeerde: coherentie, brede cocreatie en een langetermijnperspectief, voorbij mogelijke denkfouten.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.

Meest gelezen