10-10-1918: Duitse duikboten veroorzaken veel slachtoffers, wil Duitsland wel vrede?

Op 10 oktober 1918 brengt een Duitse duikboot een Britse mailboot tot zinken, er vallen zeker 500 doden. Enkele dagen eerder is ook een Japans schip tot zinken gebracht in de Ierse zee. Het veroorzaakt grote twijfels over de Duitse vredeswil.

In de Ierse zee is de mailboot Leinster door een Duitse onderzeeër tot zinken gebracht. De dodentol is bijzonder zwaar.

De Leinster verzorgde veerdiensten tussen Ierland en Groot-Brittannië. Hij had net de Baai van Dublin verlaten op weg naar Holyhead, toen de passagiers een torpedo zagen die het schip vlak voor de boeg miste.

Tekening van de zinkende Leinster. Het schip was beschilderd met zogenaamde "dazzle"-camouflagekleuren die het een duikboot moeilijker moesten maken om een torpedo juist te richten, tevergeefs. Beginillustratie, schilderij van de ondergang van de Leinster door Simeon Hughes, Holyhead Maritime Museum.

Kort daarop raakte een andere torpedo de boeg. De ontploffing trof de ruimte waar de post werd verwerkt. 20 postbedienden overleefden het niet. De kapitein liet toen het schip rechtsomkeer maken. Bij het draaien veroorzaakte een derde torpedo nog een ontploffing. Daarop zonk het schip snel. Slechts enkele reddingsboten konden in zee worden gelaten bij slecht weer. De opvarenden werden snel opgepikt.

De bemanning van de Leinster, foto genomen circa 1914.

Volgens de officiële gegevens waren er 77 bemanningsleden en 694 passagiers aan boord, waarvan bijna 500 militairen uit diverse delen van het Britse Rijk en uit de Verenigde Staten. Daarvan zouden 501 zijn omgekomen.

Onder de slachtoffers bevinden zich prominenten en leden van voorname families. Er zijn ook nogal wat verpleegsters bij, plus moeders met kinderen. 

Groepsfoto van overlevenden van de ramp.

Nog geen week eerder, op 4 oktober,  is het Japanse passagiersschip Hirano Maru op de Atlantische Oceaan getorpedeerd.  292 mensen, waaronder kinderen, zijn omgekomen.

Deze menselijke catastrofes doen opnieuw de verontwaardiging rijzen in de Geallieerde pers, te meer daar Duitsland net aanbiedt om over vrede te praten. Zeker in de Verenigde Staten is dit koren op de molen voor hen die niet met de Duitse “barbaren” willen onderhandelen. 

Een zuil ter herinnering aan de slachtoffers van de Hirano Maru in Angle, Pembrokeshire, Wales. Een deel van de slachtoffers van de scheepsramp spoelde aan op de kust van Wales.

Kranten over 10 oktober 1918

Volgens La Patrie uit Montréal is het doen zinken van de twee schepen een nieuw bewijs van een "wreedheid zonder naam"; de krant maakt zich ook zorgen over het oprukken van de Spaanse griep in Quebec.

De Cambria Daily Reader uit Swansea, Wales, heeft het over de zwaarste (Duitse) misdaad sinds het tot zinken brengen van de Lusitania.   

Het is nog wachten op een Duits antwoord op de vragen van de Amerikaanse president voor verduidelijkingen over hun voorstel om over vrede te onderhandelen. Volgens Nilson Harding in The Brooklyn Daily Eagle (11-10-1918) moet de nieuwe premier, prins Max von Baden, volledige klaarheid brengen.

Volgens de tekenaar van The New York Tribune (11-10-1918) heeft Duitland zelf al een antwoord gegeven, want zijn slachtoffers vroegen ook vrede, en wat heeft het land hen gegeven?

"Een rustige, geplande terugtrekking"

"Een  geplande, rustige terugtrekking", zo probeert Duitsland wat nu gebeurt voor te stellen. En deze foto-collage probeert dat te illustreren.

Van linksboven tot linksonder: een rivier wordt doorbroken om een gebied onder water te zetten, het onruimen van een voedselopslagplaats, het leegmaken van een artillerie-werkplaats en het afvoeren van een locomotief voor een smalspoor (uit Das Interessante Blatt, Wenen, 17-10-1918) .