© IWM (Q 9248)

100 jaar geleden: Geallieerd offensief aan de Somme groot succes

In deze reeks brengen we grote en kleine gebeurtenissen 100 jaar geleden tijdens de Eerste Wereldoorlog, deze week van 8 tot 14 augustus 1918: de Geallieerden drijven het Duitse leger kilometers terug ten oosten van Amiens, top van de Duitse marine vervangen, Italiaanse dichter voert stuntvlucht uit boven Wenen, Siamese militairen komen aan in Frankrijk en opnieuw executies in bezet België.

In de ochtend van 8 augustus is een zwaar Geallieerd offensief begonnen aan de Somme, ten oosten van Amiens.

Op de hele frontlijn tussen Albert en Montdidier gingen 32 Geallieerde divisies (19 Britse, 12 Franse en 1 Amerikaanse) in de aanval. Dat gebeurde ditmaal zonder voorafgaand langdurig artilleriebombardement. Na een beschieting van amper enkele minuten werd de infanterieaanval ingezet.

Britse bevoorradingstank brengt munitie naar de frontlijn. Beginfoto, Britse soldaat bij een gecamoufleerde Mark V-tank in de omgeving van Albert op 9 augustus 1918 © IWM (Q 48200)

De Duitsers waren volkomen verrast. De aanval vond plaats op het moment dat enkele Duitse divisies werden afgelost. Dat veroorzaakte chaos.

Bij de aanvallen speelden de tanks een grote rol. De Geallieerden gebruikten er meer dan vijfhonderd. Ook vliegtuigen werden op grote schaal ingezet.

Het succes voor de Geallieerden bleef niet uit. De eerste dag werd tien tot twaalf kilometer terrein gewonnen. Een jaar geleden zou dit nog als een mirakel zijn beschouwd.

Een Britse chirug aan het werk in een openluchthospitaal nabij Le Quesnel, 11 augustus 1918. © IWM (Q 6936)

Twee dagen later bereikten de aanvallers Montdidier, de stad die meer dan vier maanden geleden tijdens het Duitse lenteoffensief was veroverd. Het is na Chäteau-Thierry en Soissons de derde Franse stad van enig belang die door de Geallieerden wordt bevrijd.

In een week tijd zijn de Duitsers verdreven uit het grootste deel van het terrein dat bij het lenteoffensief  in hun handen viel. Het Duitse saillant, dat de verbindingen met het noorden bedreigde, is grotendeels verdwenen. Bovendien is het nu duidelijk dat de Geallieerden onder maarschalk Foch het initiatief van de Duitsers hebben overgenomen.

Links, de terreinwinst tijdens de eerste vier dagen van het offensief. Rechts, een lange kolonne Duitse krijgsgevangenen en de Franse president Poincaré en generaal Mangin bekijken een buitgemaakt kanon.

De samenwerking tussen de Geallieerde legers verliep perfect. De Britten, onder generaal Rawlinson, hadden ditmaal de leiding, hoewel Foch het opperbevel blijft voeren. De Geallieerden tellen wel meer dan 40.000 doden en gewonden in hun rangen, maar zouden 50.000 Duitsers krijgsgevangen hebben gemaakt.

Onder de Duitse troepen zijn er tekenen van ontmoediging, hoewel dat niet openlijk wordt toegegeven. In het Duitse hoofdkwartier in Spa zijn vooraanstaande generaals en politieke leiders bijeen, ongetwijfeld om over de toestand te spreken.

De Duitsers laten hun munitie-depots ontploffen voor ze zich terugtrekken. Luchtfoto genomen op 12 augustus in de omgeving van Fêre-en-Tardenois (Albums Valois, BDIC)
Links, na 8 augustus blijft er geen druppel Duits overwinningselixir over. Rechts, het zwaard van Foch hakt de Duitse slang in stukken. Tekeningen van John F. Knott.
Later zal de Duitse generaal Ludendorff, hier op bezoek bij een Duits jachteskader,  8 augustus 1918 de “zwarte dag van het Duitse leger” noemen. Voor Ludendorff waren het pijnlijke momenten, want het werd duidelijk dat hij de oorlog niet zou winnen. Hij bood kort daarop zijn ontslag aan bij zijn chef Hindenburg, wat die onmiddellijk afwees.
De Britse koning George V brengt tijdens het offensief een bezoek aan het front. Hij ontmoet maarschalk Foch en zegt: “Voortaan zijn wij, Engelsen en Fransen, broeders”. Hij decoreert verscheidene militairen waaronder – voor het eerst – Amerikanen. Op de foto overhandigt hij het Victoria Cross, de hoogste Britse militaire onderscheiding, aan korporaal William Beeseley (9 augustus 1918). © IWM (Q 11129)
Net op 8 augustus organiseerde de Franse  "Fédération des Societés de préparation" een optocht naar het bos van Belleau om er een krans te leggen op de graven van de Amerikaanse soldaten die sneuvelden bij de herovering van het bos.

Duitse marinetop gewijzigd

Admiraal Reinhard Scheer is benoemd tot chef van de Duitse Admiraalstaf. Hij volgt admiraal Henning von Holtzendorff op, die de Kaiserliche Marine sinds begin 1916 leidde.

Officieel neemt von Hotzendorff (65) ontslag om gezondheidsredenen. Kort daarop is gemeld dat ook de staatssecretaris voor Marine, admiraal Eduard von Capelle, en de chef van het Marinekabinet van de keizer opstappen.

De Geallieerde pers ziet een verband met die ontslagen en de vermeende mislukking van de onderzeebootsoorlog. De legerleiding zou de marine verwijten dat ze de stroom van Amerikaanse troepen naar Europa niet kon tegenhouden en haar zo de schuld geven voor de Duitse tegenslagen aan het front.

Op deze tekening met Duitse marine-helden staat Henning von Holtzendorff onderaan als tweede van links, rechts van hem Eduard von Capelle, Franz von Hipper is de vijfde van links en Reinhard Scheer helemaal rechts.

Maar van Duitse kant is er niets dat die beweringen bevestigt. De Duitse media blijven enorme verliezen aan Geallieerde scheepsruimte door de Duitse U-boten melden.  

Admiraal Scheer heeft al laten weten dat de onderzeebootoorlog nog zal worden opgevoerd. Hij zou zijn hoofdkwartier vestigen bij de legerleiding in Spa. Van daaruit zal hij rechtstreeks het bevel voeren over de zeestrijdkrachten.

Scheer (54) voerde sinds begin 1916 het bevel over de Hochseeflotte, de grote oorlogsvloot in Wilhelmshaven. Hij wordt geroemd voor zijn overwinning (althans volgens de Duitse visie) in de Slag bij Jutland, de zwaarste zeeslag in de oorlog. Als chef van de Hochseeflotte wordt hij opgevolgd door admiraal  Franz von Hipper, die zich eveneens bij Jutland onderscheidde.

Postkaart van de Slag bij Jutland met de foto van Reinhard Scheer.

Ex-ambassadeur Lichnowsky krijgt sanctie

De Duitse diplomaat Max Karl vorst von Lichnowsky (58) is uit het Pruisische Hogerhuis gezet. De hoogadellijke vorst was erfelijk lid van dit Herrenhaus. Dit wordt nu ongedaan gemaakt.

Lichnowksy was in juli 1914 Duits ambassadeur in Londen toen de oorlog dreigde. Hij wees er zijn regering toen op dat Groot-Brittannië niet buiten het conflict zou blijven en dat Duitsland een dergelijke strijd niet zou kunnen winnen. “Als de oorlog uitbreekt, zal dat de grootste ramp worden die de wereld ooit aanschouwd heeft”, zo  waarschuwde hij. In overleg met de Britse regering deed hij verscheidene pogingen om de vrede te bewaren, maar hij kreeg geen reactie uit Berlijn.

Terug in Duitsland schreef de diep teleurgestelde diplomaat over die dramatische periode een pamflet, dat in privé-kringen circuleerde en waarin hij zeer kritisch was over zijn regering. In 1917 werd deze tekst tegen zijn wil in de Verenigde Staten uitgegeven. Hij veroorzaakte een schokgolf in de hele wereld. Voor de Geallieerden toont Lichnowsky aan dat  Duitsland de oorlog heeft gewild.

In Duitsland wordt Lichnowsky als een nestbevuiler beschouwd. Sommigen wilden hem laten vervolgen, maar zover is het niet gekomen. 

Weer Duitse luchtaas omgekomen

Op 10 augustus is de Duitse piloot Erich Löwenhardt omgekomen nabij het front aan de Somme.

Löwenhardt had net een Brits vliegtuig neergeschoten toen zijn gele Fokker DVII in  botsing kwam met die van zijn collega Alfred Wenz.

Beide piloten wisten uit hun vliegtuig te springen en hadden een parachute, maar die van Löwenhardt ging niet open en hij viel dood neer. Wenz overleefde het wel.

Löwenhardt was 31. Bij het begin van de oorlog was hij beroepsofficier bij de infanterie. Nadat hij zwaargewond was geraakt, kreeg hij eind 1915 op zijn verzoek een overplaatsing naar de vliegtroepen.  Sinds juli was hij aanvoerder van Jagdstaffel 10, een onderdeel van het befaamde “Vliegend Circus” (Jagdgeschwader 1) van wijlen baron von Richthofen.

Hij boekte in totaal 54 luchtoverwinningen, waarvan vier gedurende de laatste drie dagen van zijn leven. De hoogste score van een Duitse piloot, na Manfred von Richthofen zelf. Overigens heelf die andere Duitse “aas” Ernst Udet op diezelfde dag zijn 53ste overwinning behaald.

Van links naar rechts: Kurt Wusthoff, Willy Reinhard, Manfred von Richthofen, Erich Löwenhardt en  Lothar von Richthofen, de vijf piloten die de hoogste Duitse militaire onderscheiding, de "Pour le mérite", kregen

D’Annunzio vliegt boven Wenen

De bekende Italiaanse dichter en ultra-patriot Gabriele D’Annunzio heeft voor een grote stunt gezorgd door boven de Oostenrijkse hoofdstad Wenen te vliegen.

In de vroege ochtend van 9 augustus stegen elf Ansaldo SVA-tweedekkers op in de nabijheid van Padua, aangevoerd door D’Annunzio. Elk vliegtuig had 20 kg vlugschriften aan boord. Zeven toestellen wisten Wenen te bereiken. De anderen moesten wegens motorproblemen terugkeren of een noodlanding maken.

D' Annunzio (links) en zijn piloot Nante Palli, net voor het vertrek

Boven het hongerende Wenen werden de vlugschriften uitgeworpen. 350.000 blaadjes waren bedrukt met de Italiaanse driekleur en voorzien van een tekst van de Italiaanse propagandaleider Ugo Ojetti, in het Italiaans en het Duits. Daarnaast waren er nog 50.000 bladen met een langere tekst van D’Annunzio zelf, enkel in het Italiaans, want de propagandadiensten konden hem niet correct vertalen.

Rond de middag waren de 7 vliegtuigen heelhuids terug na een vlucht van meer dan 1000 km. Op verschillende plaatsen hadden Oostenrijks-Hongaarse jachtvliegtuigen hen willen aanvallen, maar de Italiaanse SVA’s waren te snel. Ook de luchtafweer kon hen niet treffen.

De pamfletten dwarrelen boven Wenen

De extravagante D’Annunzio is niet aan zijn proefstuk toe. Nadat hij hartstochtelijk had geijverd om Italië aan de oorlog te doen deelnemen, nam hij dienst in het vliegwezen als luchtobservator. Dat jaar nog wierp hij vlugschriften uit boven Trente en Triëst, twee Oostenrijkse steden waar Italië aanspraak op maakt. Toen al wilde hij naar Wenen vliegen, maar geen enkel vliegtuig was daartoe in staat. Drie jaar later is dat wel het geval.  

"Weners! Leer de Italianen kennen. Als we wilden, konden we bij tonnen bommen over Wenen afwerpen, maar we brengen u enkel een groet van de driekleur, de driekleur van de vrijheid.  Wij Italianen voeren geen oorlog tegen de kinderen, de ouderen, de vrouwen. Wij voeren oorlog tegen uw regering, de vijand van de nationale vrijheden, uw oude, koppige, wrede regering die u brood noch vrede kon geven en u enkel met haat en illusies voedt (...)  Volk van Wenen, denk aan wat u wacht. Word wakker! Leve de vrijheid! Leve Italië! Leve de Entente! "

Spanning stijgt tussen Russen en Geallieerden

Na de landing van Geallieerde troepen in de Russische havens Moermansk, Archangelsk en Vladivostok zijn confrontaties met de bolsjewieken niet uitgebleven. Volgens de bolsjewistische kranten is Rusland nu in oorlog met de Entente.

Recent zijn Japanse en Britse troepen geland in Vladivostok en meteen verder doorgedrongen in Siberië. In Archangelsk zouden verscheidene bolsjewieken zijn doodgeschoten.

De Russische regering had als reactie twee Britse consuls in het land, Bruce Lockhart en Oliver Wardrop, opgepakt. De Britse regering heeft meteen fel geprotesteerd en heeft meteen de officieuze bolsjewistische vertegenwoordiger in Londen, Maksim Litvinov, onder bewaking gesteld. Kort daarop zijn de consuls weer vrijgelaten.

De Russen en hun vrienden, de Britten, Fransen, Amerikanen en Japanners, in 1914 en in 1918. Karikatuur uit Lustige Blätter, 9 september 1918.

De Geallieerden blijven herhalen dat ze niet willen tussenkomen in de Russische politiek, maar wel willen beletten dat delen van Rusland door vreemde (Duitse) troepen worden bezet.

Intussen neemt de repressie in Rusland zelf steeds toe. En zouden meer dan duizend officieren van het vroegere keizerlijke leger zijn gevangen genomen. Zo zou de vroegere Russische opperbevelhebber generaal Broesilov opgepakt zijn. Broesilov wordt beschouwd als Ruslands beste generaal.

Links, de Brit heeft van zijn arts de raad gekregen het koele klimaat van Moermansk op te zoeken, maar de Rus waarschuwt hem dat het er snel te heet zal worden. Rechts, de steun van de Geallieerden voor Rusland. Uit Kladderadatsch, 385 en 395, 1918.

Twee mannen gefusilleerd in Gent

Op 12 augustus zijn in Gent Albert Vermoere en David Honoré gefusilleerd. De twee mannen, allebei Belgen, woonden in het Nederlandse Westdorpe bij Sas van Gent.  Ze hadden zich laten inlijven bij de Britse inlichtingendiensten om informatie te smokkelen over de dodendraad aan de grens tussen Nederland en België.  

Honoré was al sinds 1915 actief in het illegaal overbrengen van brieven naar Nederland, Vermoere was nog maar pas in dienst.

Albert Vermoere was afkomstig van Kuurne, zijn naam staat er op het monument ter ere van de slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog. Om hem te eren heeft Kuurne beslist om een straat zijn naam te geven.

In de nacht van 12 op 13 juni waren de twee clandestien België binnengekomen en hielden zich schuil bij een boer in Moerbeke. Toen daar op 29 juni een Duitse politieman verscheen, schoten de twee mannen op hem en vluchtten daarna weg. Ze hielden zich een tijdlang schuil in de velden.

De Duitsers namen strafmaatregelen tegen de wijk Kruisstraat in Moerbeke, waar het incident plaatsvond.

De strafmaatregelen tegen de wijk Kruisstraat

Op 18 juli werden Albert Vermoere en David Honoré aangehouden. De man die hen onderdak had hen bij de Duitsers aangegeven.  

Het proces tegen de twee mannen volgde snel in Gent. Het is zeer uitzonderlijk dat burgers in bezet België het vuur openen op de Duitsers en de afloop was voorspelbaar: de twee werden veroordeeld tot de dood met de kogel.

De aanhef van de afscheidsbrief van Albert Vermoere aan zijn moeder en familie
De bekendmaking van de terechtstelling in Gent

Siamees legerkorps aangekomen in Frankrijk

In de Franse haven van Marseille is een Siamees expeditiekorps geland. Het bestaat uit zowat 1200 man, onder bevel van luitenant-generaal Phya Pijaijarnri.

Siam (Thailand) stapte meer dan een jaar geleden in de oorlog, maar rekrutering en opleiding van de troepen vergden veel tijd. Ze zullen nu zo snel mogelijk aan het front worden ingezet. Ze gaan Franse uitrustingen gebruiken.

Siamese officieren in het kamp van het Franse Dourdan waar de Siamezen opgeleid werden.
Aanschuiven om te gaan eten in de refter van het kamp van Dourdan.

Brandnetels als alternatief voor katoen

In de Duitse deelstaat Pruisen krijgen de schoolkinderen bus- en treintickets aan halve prijs als ze brandnetels gaan plukken. Brandnetelvezels worden in Duitsland massaal gebruikt voor het herstellen van textiel. Intussen is de prijs van het brood in Duitsland in één klap met 25 % verhoogd.

Duitse en Oostenrijkse posters uit 1918 die oproepen om brandnetels te plukken.