© IWM (Q 9531)

11-10-1918: Duits leger onder zware druk in Frankrijk

Op 11 oktober wordt nog heviger dan voorheen gevochten in Frankrijk, het nakende einde van de bezetting zorgt voor opwinding in Brussel.

Terwijl de gevechten in België nog altijd stilliggen, wordt op andere delen van het Westelijk Front zwaar gevochten.

Bijzonder hevig zijn de gevechten rond Le Cateau ten oosten van Cambrai, de stad waar vier jaar eerder, bij het begin van de oorlog, de Duitsers zware klappen toebrachten aan de terugtrekkende Britten.

Een Britse aalmoezenier schrijft brieven voor gewonde soldaten in een vooruitgeschoven verpleegpost in de omgeving van Noyelles. Beginfoto, oprukkende britten in gesprek met vluchtende Franse burgers. © IWM (Q 9518)

De Duitsers hebben daar een verdedigingslinie uitgebouwd achter de Selle, een bijrivier van de Schelde, waar ze hevig weerstand bieden. Wel is de spoorlijn Cambrai-Saint-Quentin nu op haar hele lengte vrijgemaakt, wat een groot voordeel voor de Geallieerden is.

Meer noordelijk, in het Noord-Franse mijnbekken, weten de Britten langzaam maar zeker op te rukken. Ze zijn doorgedrongen tot de buitenwijken van de stad Douai.

Britse militairen beantwoorden het vuur van Duitse scherpschutter en mitrailleurs  in de omgeving van Bohain. © IWM (Q 7104)

De Fransen voeren intussen zware aanvallen uit langs de Aisne, waar ze met de hulp van een paar Italiaanse divisies, doorgedrongen zijn tot de beruchte Chemin des Dames. Ten oosten daarvan, in Champagne, zijn de Duitsers steeds verder weggedrukt van de zo belaagde stad Reims. Nog meer naar het oosten wordt hevig gevochten in de buurt van Vouziers. Intussen blijven de Amerikanen een moeizame weg door de Argonne banen.

In de omgeving van Cambrai vinden de Britten een transformator die door de Duitsers uit een fabriek in Cambrai was weggehaald en uiteindelijk toch achtergelaten. © IWM (Q 9643)

Kranten over 11 oktober 1918

De kranten hebben vooral oog voor de militaire ontwikkelingen op 11 oktober. Le Journal zet ook de oproep van president Wilson in de verf om nu zeker niet te ontspannen, de militaire inspanningen moeten meer dan ooit worden verdergezet.

" De Duitse troepen zetten Franse steden in brand, is het zo dat jullie de vredespijp willen aansteken", vraagt president Wilson zich af (uit Le Rire, 26-10-1918, BnF Gallica).

Opgewonden sfeer in Brussel

In Brussel heerst de laatste dagen een opgewonden sfeer, want het lijkt er meer en meer op dat de dagen van de Duitse bezetting geteld zijn.

Iedereen weet van de voorwaarden van de Amerikaanse president Wilson. Dat betekent dat Duitsland België moet ontruimen. Na vier jaar lijkt het einde van de verfoeide bezetting eindelijk in zicht.

De Duitse keizer heeft zich verslikt, karikatuur uit de collectie van he Stadsarchief Brussel

De opwinding nam nog toe toen bekend raakte dat de Duitsers de kust ontruimen.  En het is een publiek geheim dat de Duitse gouverneur-generaal vergaderd heeft met de chefs van het Duits civiel bestuur. Ze kregen opdracht hun archieven te verzamelen met het oog op een evacuatie.

Op verschillende huizen is de Belgische vlag uitgehangen, hoewel dat verboden is. De Duitse politie greep snel in, maar dat belette niet dat het voorbeeld herhaald werd. Overigens is ook bij veel gewone Duitse soldaten een zekere tevredenheid te merken, met de verwachting dat ze binnenkort naar huis mogen.

Links, "Er zijn meer varkens in Duitsland dan in België". Rechts, "En dat wil over de IJzer geraken". Brusselse spotprenten, collectie KLM.

Intussen begeven steeds meer Duitse militairen zich naar Brussel die uit Vlaanderen worden teruggetrokken. Daarvoor worden hotels en privé-huizen opgeëist. Particulieren moeten Duitse militairen inkwartieren. Dat inkwartieren van soldaten is op veel plaatsen de regel, maar gouverneur-generaal von Bissing had in 1915 beloofd dat het niet voor de hoofdstad zou gelden. Nu gebeurt dat toch, ondanks protesten van het stadsbestuur.

Kroonprins Rupprecht van Beieren, bevelhebber van de naar hem genoemde legergroep, is met zijn staf in Brussel aangekomen. Hij heeft zich in een opgeëist groot herenhuis gevestigd.

Duitse militaire ambtenaren in een ministerie in Brussel ( collectie Keym, Stadsarchief Brussel)

Intussen blijft de stroom geëvacueerde burgers uit West-Vlaanderen en Noord-Frankrijk alleen maar toenemen. Volgens sommige berichten zouden er in de Brusselse agglomeratie als meer dan een miljoen zijn, maar dat is ongetwijfeld sterk overdreven. Ook in Antwerpen zitten er heel wat.

Nederland zegt bereid te zijn om 200.000 vluchtelingen op te nemen.

Vluchtelingen kruisen Franse militairen in de Aisne. Tekening uit het Franse soldatenblaadje "L'Argonnaute" (juli 1918, collectie BDIC).

Ultranationalisten in Duitsland ongerust

Bij het grote houten standbeeld van opperbevelhebber von Hindenburg in Berlijn hebben zo'n 1.000 mensen gemanifesteerd, leden van de ultranationalistische vereniging Alldeutscher Verband.

Zij maken zich zorgen over de nakende vredesonderhandelingen en waarschuwen dat Duitsland door een onrechtvaardig vredesverdrag geschaad zal worden (op de foto, het Hindenburgbeeld en het optreden van een militaire kapel ernaast, circa 1917).