1 tot 7 januari 1945: Duitsers zetten nieuwe jaar in met grote luchtaanval

In deze reeks geven we elke week een overzicht van de belangrijkste gebeurtenissen in het laatste jaar van de Tweede Wereldoorlog. De Duitse luchtmacht valt op nieuwjaar massaal vliegvelden aan. En terwijl de geallieerden in de Ardennen in de tegenaanval gaan, begint Hitler een nieuw offensief, ditmaal in de Elzas.

Totaal onverwacht zijn de Duitsers het jaar met een grote luchtaanval begonnen.

Deze Operatie Bodenplatte was perfect voorbereid. Bijna de hele beschikbare luchtvloot, meer dan duizend Focke Wulfs 190 en Messerschmitts 109, verscheen boven België, Nederland en Frankrijk. Ze vielen militaire vliegvelden aan, met de bedoeling zoveel mogelijk vijandelijke vliegtuigen te vernietigen. 

Een brandende DC-3 op het vliegveld van Melsbroek

Daarmee wilden de Duitsers iets doen tegen de enorme inzet van geallieerde vliegtuigen in de Slag om de Ardennen.

De Duitsers profiteerden van het feit dat veel geallieerde piloten de nacht doorgefeest hebben en dus niet al te fris zijn.

Brandende en niet-brandende Spitfires op het vliegveld van Sint-Denijs-Westrem.

Toch verliep hun aanval niet volledig zoals gepland. Op het vliegveld van Sint-Denijs-Westrem bij Gent waren drie eskaders Poolse gevechtsvliegtuigen al vroeg vertrokken voor een opdracht. Wanneer ze terugkeerden, verrasten ze de zestig Focke-Wulfs die het vliegveld bombarderen. Hoewel ze weinig geslapen hadden, toonden de Poolse piloten zich bijzonder strijdvaardig. Twee van hen kwamen om, maar ze schoten minstens twintig vliegtuigen neer. 

Een Poolse vliegenier bij het wrak van een door hem neergeschoten Focke Wulf in Sint-Denijs-Westrem.

Volgens Duitse meldingen zijn er 127 geallieer­de vliegtuigen vernietigd en 133 andere beschadigd, vooral jachtvliegtuigen. Maar zelf hebben de Duitsers 277 vliegtuigen verloren. Een deel van die verliezen is te wijten aan het eigen Duitse luchtafweergeschut. De operatie werd zodanig geheimgehouden dat de luchtafweer niet op de hoogte was.   

Voor de Luftwaffe komt de aanval neer op zelfmoord. De Duitsers kunnen het verlies aan toestellen niet meer goedmaken, terwijl de geallieerden over vrijwel onbeperkte reserves beschikken. 

Monument voor de op 1 januari 1945 omgekomen Polen op de Poolse Winglaan in Sint-Denijs-Westrem (Gent).

Nooit eerder in de oorlog zouden zoveel vliegtuigen op één dag verloren gaan. 

Duits offensief in de Elzas zorgt voor spanning in geallieerde kamp

Totaal onverwachts zijn de Duitsers met het nieuwe jaar een nieuw offensief begonnen en wel in het noorden van de Elzas, aan de uiterste noordoostgrens van Frankrijk. 

Het 7e Amerikaanse leger van generaal Patch, dat hier staat opgesteld, heeft onlangs troepen en materiaal moeten afstaan voor de slag in de Ardennen. Hitler wil van deze verzwakking profiteren om daar aan te vallen. 

Kaart van wat het (echte) laatste Duitse offensief zou worden.

De Duitse Legergroep G onder generaal Blaskowitz wist de grens van de Elzas te overschrijden en de grensstad Wissembourg te heroveren.

Tegelijk wist Legergroep Oberrhein (onder bevel van SS-leider Himmler) de Rijn over te steken een dertigtal kilometers ten noorden van de belangrijke stad Straatsburg.  Daar staat het 7e Franse leger van generaal de Lattre de Tassigny.

Duitse infanteristen op een Sturmgeschutz (gemechaniseerd kanon).

De situatie werd zo bedreigend dat de Amerikaanse generaal Jacob Devers, die in deze regio het hoogste bevel voert, in de namiddag van 1 januari opdracht gaf aan Patch om een terugtrekking achter de Vogezen voor te bereiden. Dat zou betekenen dat Straatsburg zou worden opgegeven.   

Daar kwam meteen protest tegen van generaal de Gaulle, de leider van de Franse regering. Straatsburg heeft voor de Fransen een grote symbolische waarde en de Gaulle vreest ook voor represailles tegen de burgerbevolking. De meeste Elzassers - onder de Duitse bezetting als Duitsers beschouwd - hebben de geallieerden als bevrijders verwelkomd, waardoor ze in de nazipropaganda nu als verraders worden bestempeld.

Gecamoufleerde Duitse infanteristen in de Elzas

De twist liep hoog op toen de Gaulle aan generaal de Lattre verbood Straatsburg op te geven, ook al zou hij daartoe bevel krijgen van de geallieerde opperbevelhebber Eisenhower.

Op 3 januari is in Parijs overleg gpleegd tussen de Gaulle en Eisenhower, waarbij de Britse premier Churchill bemiddelde. Uiteindelijk heeft de Gaulle het pleit gewonnen. Devers krijgt de opdracht zijn terugtrekking te staken. 

Duitse Panther-tanks in het bos van Haguenau.

Intussen is de Duitse opmars vanuit het noorden gedeeltelijk afgeremd, maar zijn ook ten zuiden van Straatsburg Duitse troepen over de Rijn gestoken. Ze sluiten aan bij het Duitse leger dat nog altijd standhoudt bij Colmar in het zuiden van de Elzas. 

Geallieerd tegenoffensief in de Ardennen

Sinds 3 januari voeren de geallieerden een aanval op de noordflank van de Duitse wig (“bulge”) in de Ardennen.

De hoofdaanval komt van het VIIde Amerikaanse Legerkorps van generaal Collins. Dat rukt langs de Ourthe op in zuidwestelijke richting. Doel is Houffalize te heroveren. De aanval wordt in de flanken gesteund door een Brits en een Amerikaans leger­korps. Enkele zwaargehavende SS-pantserdivisies bieden weerstand. 

Amerikaanse infanteristen in Amonines, een dorp bij Hotton op 4 januari.. Er was net verse sneeuw gevallen.

Maar ook het weer zorgt voor veel hinder. Tanks blijven steken. Er moet eerst sneeuw worden geruimd alvorens het terrein kan worden ontmijnd. Op sommige plaatsen ligt er al een meter sneeuw, wat zelfs voor de Ardennen uitzonderlijk is.

Omdat de Amerikanen veel minder ervaring hebben met operaties in de sneeuw dan veel Duitse eenheden die in Rusland hebben gevochten, vormen de sneeuwvlagen en de ijzige wind een groter nadeel aan geallieerde kant. 

Amerikanen passeren een achtergelaten Duitse Panther-tank bij het dorpje Menil in de buurt van Vielsalm.

Intussen lijkt de strijd om Bastenaken over zijn hoogtepunt te zijn. Op 3 januari begint een nieuwe Duitse aanval op het stadje, maar die lijkt meer op een wanhoopsdaad. Na twee dagen zijn een paar Duitse divisies bij Bastenaken weggehaald om elders de geallieerde druk te weerstaan. De gevechten rond Bastenaken blijven wel voortduren. 

Amerikaanse sluipschutters in Beffe nabij Hotton.

Het optimisme aan Duitse kant is intussen helemaal verdwenen.

Hitler heeft op de radio een nieuwjaarstoespraak gehouden. Daarin kondigde hij niets aan dat de Duitsers enige hoop kon geven, zelfs geen vage illusie over “wonderwapens”. Hij herhaalde alleen dat er geen sprake kan zijn van een Duitse overgave zoals in november 1918 en haalde voor de zoveelste keer uit naar de “joods-internationale wereldvijand”.  

Voor de Duitsers is er helemaal geen goed nieuws voor 1945.  

Duitse troepen in de Hoge Venen op 6 januari.

Nieuw systeem sociale zekerheid van kracht

Op 1 januari is in België de besluitwet op de sociale zekerheid van kracht geworden.

Voortaan bestaat er voor alle werknemers een verplichte verzekering tegen ziekte en invaliditeit, plus gegarandeerd pensioen, kindergeld en vakantiegeld.

Achille Van Acker als premier kort na de oorlog.

Het stelsel geldt voor iedereen en vervangt de aparte systemen die vroeger voor diverse sectoren en beroepen golden. Een nieuwe Rijksdienst voor Maatschappelij­ke Zekerheid centraliseert de financiering van de voorzieningen.

De besluitwet verschijnt op 28 december in het Belgisch Staatsblad. Maar de grote lijnen zijn al vastgelegd in een akkoord dat vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers tijdens de bezetting sluiten. 

Er is wel wat kritiek op de autoritaire manier waarop de hervorming gebeurd is. Het gehele systeem wordt ingevoerd door de regering alleen, die op voorhand volmachten van het parlement heeft gekregen. 

Admiraal Ramsay verongelukt

De Britse admiraal Ramsay is om het leven gekomen. Zijn vliegtuig stortte neer toen hij op weg was naar een vergadering van geallieerde militaire leiders in Brussel.

Sir Bertram Ramsay (61) voerde de geallieerde invasievloot aan die op 6 juni 1944 voor de kust van Normandië verscheen (Operatie Overlord).

Admiraal Ramsay bij het vertrek van de invasievloot  voor D-day. © IWM (A 23839)

Eerder, in 1940, was hij het brein achter Operatie Dynamo: de geslaagde evacua­tie van meer dan 300.000 Britse en Franse soldaten op het strand van Duinkerke. 

De  evacuatie van Duinkerke in 1940,  de bekendste prestatie van admiraal Ramsay. © IWM (HU 2108)

Zijn schitterend organisatietalent had hij ook bij de geallieerde landing op Walcheren getoond. Daardoor kwam de zeeweg naar Antwerpen weer vrij.

Ramsay (midden) op een Mulberry, een ponton waarmee de kunstmatige haven van Arromanches werd aangelegd. © IWM (A 24855)

Comité van Lublin wordt Poolse regering

De Sovjetunie heeft als eerste staat de “Voorlopige Regering van de Republiek Polen” erkend. Die is op het jaareinde gevormd in de stad Lublin in het oosten van Polen en vervangt het Pools Comité van Nationale Bevrijding (het “Comité van Lublin”) dat in juli 1944 was opgericht. 

Affiche waarin de oprichting van het Comité van Lublin wordt aangekondigd.

De nieuwe regering krijgt de controle over de Poolse gebieden die door het Rode Leger op de Duitsers zijn veroverd of nog te veroveren zijn. De regering wordt geleid door de socialist Edward Osóbka-Morawski, die al voorzitter van het Comité van Lublin was. Enkele sleutelposten in de regering, zoals Defensie en Staatsveiligheid, zijn in handen van communisten. 

Edward Osóbka-Morawski (midden). Hij zou in 1947 als premier moeten opstappen en onder het communistische regime in Polen weinig opvallende functies bekleden.

Daarnaast is er de Poolse regering in ballingschap, die sinds 1940 in Londen zit en die door de meeste geallieerde landen als de wettige regering wordt erkend. Die regering leidt de eigen Poolse strijdkrachten die vechten in de bevrijding van West-Europa.

Maar Moskou verbrak al in 1943 de relaties met de regering in Londen. De Sovjet-Unie heeft haar dan ook niet betrokken in de bevrijding van Polen. Over enkele weken zou een nieuwe top van de geallieerde leiders beginnen. Sovjetleider Stalin wil blijkbaar duidelijk maken wie het in Polen voor het zeggen heeft.  

De Britse en Amerikaanse regeringen hebben formeel geprotesteerd tegen dit maneuver, maar doen verder niets.

Met de zware strijd in de Ardennen is het voor de Britten en Amerikanen ook moeilijk om ruzie te maken met Moskou. De Britse premier Churchill – die altijd een verdediger van de Poolse zaak was - heeft zopas Stalin gevraagd om zo snel mogelijk een aanval op het Oostfront te beginnen, om de Duitsers in de Ardennen in moeilijkheden te brengen. Stalin heeft daarop welwillend gereageerd. Een Sovjetoffensief dat tegen 20 januari was voorzien, zal worden vervroegd. 

De communist Władysław Gomułka had als vicepremier in de nieuwe regering grote invloed. Later (1956-1970) zou hij de sterke man van Polen worden.

Degrelle vestigt zich even in België

In het kielzog van de Duitse invasie van de Ardennen heeft de Waalse collaborateur Léon Degrelle zich opnieuw in België geïnstalleerd, ditmaal met het doel er een echt bestuur uit te oefenen.

Degrelle had gehoopt zich snel in Brussel te vestigen met als doel daar een (Waalse of Belgische?) “regering” uit te roepen,  maar door de stopzetting van het Duitse offensief moet hij genoegen nemen met Gouvy, een dorp tussen Houffalize en Sankt Vith. Daar heeft hij het kasteel van Steinbach opgeëist. Enkele dagen later is hij uitgeweken naar het naburige kasteel van Limerlé.

Het kasteel van Steinbach in Gouvy. Degrelle eiste dit voor zich op maar moest al na enkele dagen plaatsmaken  voor gewonde Duitse militairen.

Als Volksführer der Wallonen heeft hij volmachten “voor burgerlijke, politieke en militaire aangelegenheden in de door de Duitse troepen bezette gebieden”. Hij wordt omringd door een staf van Waalse SS’ers en fanatieke medestanders. 

In de praktijk doet die staf weinig meer dan wat inlichtingen verzamelen over de situatie in “het door de Amerikanen bezette” België en propaganda maken voor de zaak van Degrelle. De echte macht ter plaatse wordt door het Duitse leger uitgeoefend.

Van vergelding of terreur is niet echt sprake. Degrelle zou op zijn hoede zijn voor excessen als het bloedbad van Courcelles in 1944, die de reputatie van de rexisten geen goed hebben gedaan.

Wel hebben een paar officieren van zijn staf de burgemeester van La Roche gearresteerd, baron Jean Orban de Xivry. Deze wordt verantwoordelijk gesteld voor het oppakken van een rexistisch parlementslid door het verzet bij de bevrijding in september. 

Degrelle (midden vooraan) schouwt rekruten van zijn SS-Sturmbrigade Wallonien in 1943.

Naschrift: Degrelle zal al op 10 januari naar Duitsland terugkeren. Baron Orban de Xivry zal worden vernederd (haar en baard afgeschoren) en naar Duitsland gevoerd, maar hij wordt verder goed behandeld en brengt het er levend van af.