4 tot 10 maart 1945: Amerikanen krijgen Rijnbrug in handen, dodelijkste bombardement uit de geschiedenis

In deze reeks geven we elke week een overzicht van de belangrijkste gebeurtenissen in het laatste jaar van de Tweede Wereldoorlog. Terwijl de geallieerden in het westen op steeds meer plaatsen de Rijn bereiken en in Remagen zelfs een brug over de rivier veroveren, loopt het Rode Leger de Oost-Duitse provincie Pommeren onder de voet.  En de Japanse hoofdstad ondergaat het meest verwoestende bombardement ooit. 

Tot ieders verrassing zijn de Amerikanen erin geslaagd een complete brug over de Rijn in handen te krijgen en meteen een bruggenhoofd op de andere (rechter)oever te vestigen.

Het gaat om de Ludendorffbrug, een 398 meter lange stalen spoorwegbrug bij het stadje Remagen, tussen Koblenz en Bonn. De brug is tijdens de Eerste Wereldoorlog aangelegd voor het militair transport en genoemd naar generaal Ludendorff, de toenmalige sterke man van het Duitse leger en latere politieke bondgenoot van Hitler. 

GI's op de ingang van de brug op de linkeroever. de schade is veroorzaakt door explosieven (Bundesarchiv).  Foto bovenaan : de Ludendorffbrug  met op de achtergrond (linkeroever) de stad Remagen.

Onder bevel van luitenant Karl Heinrich Timmermann (zelf met Duitse voorouders) bereikte een kleine voorhoede van de 7de Amerikaanse Pantserdivisie iets na de middag van 7 maart de Rijn bij Remagen. Tot hun verbazing zagen de Amerikanen de enorme brug intact over de brede stroom.

Timmerman vroeg en kreeg meteen toestemming om de brug te veroveren. Met twaalf soldaten trad hij daarop in actie. Na een half uur hadden de Duitse troepen op de linkeroever zich overgegeven, waarna drie Amerikanen de brug overstaken. De weinige Duitse soldaten aan de overkant namen meteen de vlucht.

Luitenant Timmerman en zijn troepen bestormen de brug in Remagen; poster verspreid door het Amerikaanse leger (NARA).

Tijdens de aanval liet een Duits officier springladingen onder de brug tot ontploffing brengen, maar die waren te zwak. De metalen constructie bleef na wat hevig schudden intact, hoewel er schade was.  

De schade aan de brug na de explosies.

In de namiddag was de brug in handen van de Amerikanen. 24 uur later stonden al meer dan 8000 van hen aan de overkant, waar ze een sterk bruggenhoofd vormden.  

De dag daarop zetten de Duitsers een aanval in om de brug te heroveren, maar die werd afgeslagen. Ook werden 3000 granaten op de brug afgeschoten, zonder resultaat.

De gevolgen van dit “mirakel” waren nog niet te overzien. Iedereen nam aan dat de Rijn een bijzonder moeilijke barrière zou vormen. Bij het vernemen van het nieuws gaf de geallieerde opperbevelhebber Eisenhower bevel zo veel mogelijk troepen langs Remagen over de Rijn te zetten. “Die brug is zijn gewicht in goud waard”, zou hij gezegd hebben. 

De brug kort na de verovering, gezien vanaf de ingang van de spoorwegtunnel op de rechteroever.

De verovering heeft ook een grote psychologische betekenis, want de Rijn is voor Duitsland een nationaal symbool.  Sinds de oorlogen van de Franse Revolutie was een strijdende troepenmacht er niet in geslaagd de Rijn over te steken. Het voorbije Ardennenoffensief droeg de codenaam; "Wacht am Rhein", de titel van een zeer bekend Duits patriottisch lied.

Een Amerikaanse tank steekt de brug over. Om de brug voor gewone voertuigen berijdbaar te maken,  zijn de spoorwegen overdekt met planken.

Von Rundstedt vervangen door Kesselring

Hitler ontsloeg op 9 maart generaal-veldmaarschalk Gerd von Rundstedt als Duits opperbevelhebber in het westen.

Een paar weken eerder had hij de 69-jarige veldmaarschalk nog gedecoreerd. Het ontslag kwam er na een bui van razernij toen hij vernam wat er gebeurde met de brug bij Remagen.

Hitler stelde daarbij meteen ook een “vliegend standgerecht” in. Een militaire rechtbank die zonder onderscheid van rang vliegensvlug de zwaarste straffen kon uitspreken tegen militairen die hun plicht niet deden.  De veroordeelden konden niet om genade vragen.

Voor von Rundstedt was het al de vierde keer dat hij met pensioen werd gestuurd (de eerste keer was al voor de oorlog) en de tweede keer dat hij de bons kreeg als Oberbefehlshaber West

Von Rundstedt (links op de foto) in 1934, bij het begin van het naziregime, naast de toenmalige opperbevelhebber van het leger, generaal von Fritsch (midden), en de toenmalige minister van Defensie generaal von Blomberg (rechts). De drie generaals waren bij het begin van de oorlog al met pensioen, maar alleen von Rundstedt keerde toen terug in actieve dienst. (Bundesarchiv)

Zijn opvolger was generaal-veldmaarschalk Albert Kesselring, tot dan toe opperbevelhebber in Italië. Hij was een van de weinige bekwame bevelhebbers in wie Hitler nog niet teleurgesteld was.

Kesselring wist al anderhalf jaar lang de geallieerde opmars in Italië fors af te remmen, en dat met een relatief kleine troepenmacht. Hij was ook berucht voor zijn bloedige maatregelen tegen de Italiaanse burgerbevolking als vergelding voor de acties van partizanen. 

Veldmaarschalk Kesselring (midden) -( Bundesarchiv Bild)

Geallieerde opmars naar de Rijn

Het meest westelijke deel van Duitsland, de streek tussen de Rijn en de Moesel, werd nu helemaal door de geallieerden onder de voet gelopen.

Het VIIde Amerikaanse legerkorps van gene­raal Collins was op 5 maart Keulen binnen­getrokken. Dat was meteen de grootste Duitse stad tot dan toe in geallieerde handen.

GI's trekken Keulen binnen

De Amerikaanse tanks ondervonden weinig hinder van de Duitse verdediging. Die be­stond voor een groot deel uit oude mannen en schooljongens van de Volkssturm.  De dag daarop werd de bekende Hohenzollernbrug bij het centrum opgeblazen, de laatste Rijnbrug in Keulen die nog intact was.  Daarop gaven de laatste verdedigers zich over.

Een Amerikaanse militair bekijkt een Duits luchafweerkanon in de straten van Keulen.

De voorbije jaren is Keulen getroffen door meer dan tweehonderd bombardementen die de Rijnmetropool totaal hebben verwoest. Als bij  wonder staat de enorme Keulse dom nog overeind.  De bevolking, voor zover ze in de stad is gebleven, heeft vooral in de kelders geleefd

De verwoeste Hohenzollernbrug in Keulen met in de achtergrond de kathedraal.

Kort na Keulen  is ook het naburige Bonn in Amerikaanse handen gevallen.

Amerikaanse infanteristen met een tank in een gebied ten westen van de RIjn.

Ten noorden van Keulen heeft de legergroep van veldmaarschalk Montgomery de hele linker Rijnoever bezet. Op 8 maart is daar de stad Xanten veroverd

Enkele Duitse divisies hebben nog standgehouden rond een bijna 2 km lange spoorwegbrug over de Rijn bij Wesel. Die enorme brug is op 10 maart opgeblazen. 

De nog steeds bestaande resten van de opgeblazen Rijnbrug bij de stad Wesel (Rheinbabenbrücke).

Rode Leger dringt door tot kust van Pommeren

Een nieuwe aanval van het Rode Leger heeft de overblijvende Duitse legers ten oosten van de Oder in zware moeilijkheden gebracht.

Het offensief, dat al eind februari begonnen was, zorgde vanaf 3 maart voor een echte overrompeling. Op 5 maart brak een aanvalsgroep van het 2de  Wit-Russische Front door tot de Oostzee bij Köslin (Pools: Koszalin). Deze oude Hanzestad is grotendeels afgebrand. De bevolking is op de vlucht geslagen. 

Duitse burgers op de vlucht.

Meer naar het westen zijn legers van het 1ste Wit-Russische Front doorgestoten tot bij de havenstad Kolberg (Pools: Kołobrzeg).  

Door de snelle opmars werden verscheidene Duitse eenheden, waaronder een heel SS-legerkorps, in het binnenland ingesloten. Tienduizenden Duitse militairen zijn omsingeld en worden door de Sovjets systematisch opgeruimd.

Zware JS2-tanks van het Rode Leger in Oost-Pommeren

Kolberg zelf wordt nu belegerd. Aan het beleg neemt ook het Eerste Poolse Leger deel, dat bestaat uit door de Sovjets gerekruteerde Polen.  Behalve eenheden van het leger en de lokale Vokssturm wordt de stad verdedigd door Franse en Letse vrijwilligers van de Waffen-SS.  Samen zo’n 10.000 man, veel minder dan de belegeraars en ook veel minder goed bewapend. Wel neemt de Duitse marine de belegeraars onder vuur, terwijl de burgerbevolking over zee geëvacueerd wordt. 

Het Rode Leger verovert op 5 maart de stad Köslin (Pools : Koszalin), niet ver van Kolberg.

De aanval van het Rode Leger heeft een tientallen kilometers brede bres geslagen tussen de onderdelen van de Duitse Legergroep Weichsel. Ten oosten van deze bres zijn de Duitse troepen rond Danzig (Pools: Gdansk) volledig langs landszijde afgesneden. Aan de westkant hebben de laatste Duitse troepen zich achter de Oder teruggetrokken. 

Sovjetsoldaten en Duitse krijgsgevangenen

Roemenië krijgt pro-Russische regering

In Roemenië heeft Petru Groza een nieuwe regering gevormd. Hij is een politicus afkomstig uit Transsylvanië en speelde een rol in de aanhechting van Transsylvanië bij Roemenië na de Eerste Wereldoorlog. Daarna was hij actief in organisaties die opkomen voor de boerenbelangen.

Groza is de leider van het Nationaal-Democratisch Front, een alliantie van antifascistische organisaties, die gevormd is na het einde van de dictatuur van maarschalk Antonescu in oktober 1944. De communistische partij speelt hierin een belangrijke rol, hoewel die partij tot 1944 maar weinig betekende in Roemenië.

De nieuwe regering van Groza bestaat dan ook uit ministers die de communisten gunstig gezind zijn. De communisten zelf krijgen belangrijke portefeuilles zoals Binnenlandse Zaken en Defensie.  

Premier Groza (rechts)  met o.m. de vooraanstaande Roemeense communiste Ana Pauker, die na de oorlog in de regering-Groza zou komen als de eerste vrouwelijke minister van Buitenlandse Zaken ter wereld.

De vorige regering, geleid door generaal Nicolae Rădescu, was streng opgetreden tegen pogingen van de communisten om meer macht te krijgen. Eind februari organiseerden die een grote betoging tegen de regering voor het koninklijk paleis in Boekarest.  Daarbij openden onbekenden het vuur, waarbij tien doden vielen.

Kort daarop kwam Sovjet-onderminister van Buitenlandse Zaken Andrej Visjinski naar Boekarest. Hij eiste dat Rădescu zou worden vervangen door Groza.

Koning Michael kreeg geen andere keuze. Er zijn Sovjettroepen in het land . Bovendien heeft de Sovjet-Unie Roemenië beloofd dat het alle grondgebied terugkrijgt die het onder druk van Hitler tijdens de oorlog aan Hongarije had moeten afstaan. Visjinski dreigde nu die belofte niet na te komen. 

Betoging in Boekarest van het Nationaal-Democratisch Front (FND) ten gunste van de nieuwe regering.

Japanse machtsovername in Indochina

Het Japanse leger heeft met een echte staatsgreep de macht overgenomen in Indochina, een gebied dat tot nu toe in Franse handen was.

Frans Indochina verkeerde tot nu toe in een nogal vreemde situatie. Sinds september 1940 zijn daar Japanse troepen gevestigd, die het gebied gebruiken voor hun operaties in Zuidoost-Azië. Op bevel van de vroegere Franse regering in Vichy collaboreerden het Franse koloniale bestuur en het Franse leger ter plekke met de Japanners. 

Franse troepen trekken Saigon (nu  Ho Chi Minhstad) binnen in 1941.

Intussen is de Vichy-regering verdwenen. Het Franse bestuur erkende de nieuwe Franse regering van generaal de Gaulle niet, maar onderhield er in het geheim wel contacten mee.

Er zijn nu meer dan 90.000 Japanse militairen in Indochina. Het Franse koloniale leger telt maar 60.000 man, vooral inheemse troepen.

Nu Japan in steeds moeilijkere papieren raakt, wil het voorkomen dat het koloniale leger de kant kiest van de geallieerden of dat er geallieerde troepen in Indochina landen. Tegelijk wil het de steun van de Indochinese volkeren (Vietnamezen, Laotianen en Cambodjanen) winnen door hen te verlossen van het Franse koloniale juk

Opgepakte Franse militairen in maart 1945.

In de avond van  9 maart kreeg de Franse gouverneur-generaal van Indochina, viceadmiraal Jean Decoux, twee uur de tijd om het bestuur van zijn gebied over te dragen aan het Japanse leger. Hij weigerde en werd prompt gearresteerd.

Diezelfde avond begonnen de Japanners overal met het oppakken van Franse militairen en burgers. Franse garnizoenen werden bij verrassing overvallen. In de stad Lang Son bij de Chinese grens werden de lokale Franse autoriteiten gearresteerd tijdens een diner dat de Japanse commandant hen aanbood. Twee officieren die zich verzetten, werden ter plekke gedood. 

Sommige Franse troepen proberen naar China te ontkomen.

Meestal konden de Franse troepen niets anders doen dan hun wapens inleveren. Hier en daar werd weerstand geboden, zoals in Lang Son. In de hoofdstad Hanoi bleef de citadel twintig uur vechten tegen een enorme overmacht, tot er gebrek was aan munitie. De verslagen troepen werden meestal meteen gedood, ook de Vietnamese koloniale soldaten.

Japanse troepen hadden ook de macht overgenomen in Kouang-Tchéou-Wan (Chinees: Guangzhouwan), een havenstad in het zuiden van China die ook in Franse handen was. Daar werd geen weerstand geboden. 

Amerikaans bombardement verwoest Tokio

In de nacht van 9 op 10 maart werd de Japanse hoofdstad Tokio zeer zwaar getroffen door een Amerikaans bombardement

279 Amerikaanse B-29 "Superforten" vlogen ‘s nachts van de Marianen naar Tokio en lieten er bijna 1700 ton bommen vallen. Het ging om brandbommen. Een deel daarvan bevatten napalm, een mengsel van vet en benzine dat vrijwel onblusbaar is. 

Tekening van het brandende Tokio door de toen 16-jarige Katsumi Hidesaburo (Sumida Local Culture Resource Center)

Het bombardement trof een zeer dichtbevolkt stadsdeel waar de meeste huizen van hout zijn. Daardoor ontstond een allesvernietigende vuurstorm.

De door het bombardement veroorzaakte schade was enorm. 41 vierkante kilometer van de stad werd compleet verwoest. Het aantal doden bedroeg meer dan 80.000, mogelijk 100.000. Meer dan een kwart miljoen huizen werden vernield en meer dan een miljoen mensen waren dakloos.  

De verwoestingen in Tokio na het bombardement

Die zeer zware balans toonde echter ook aan dat de Japanse luchtmacht en luchtafweer niet in staat waren het land tegen een luchtaanval te verdedigen en dat ook de civiele bescherming slecht werkte.  Sommige Duitse steden kenden zwaardere bombardementen, maar met veel minder schade en slachtoffers. 

Tot dan toe kenden de Japanse steden niet zulke zware bombardementen. De aanvallen richtten zich vooral op industriële installaties. 

Lichamen worden uit een kanaal gehaald. Veel mensen probeerden aan de vuurstorm te ontsnappen door in het water te springen.

Naschrift: dit was het meest verwoestende luchtbombardement in de geschiedenis. Zelfs bij elk van de latere aanvallen met atoombommen (Hiroshima en Nagasaki) waren het dodenaantal en de verwoeste oppervlakte minder groot. 

Slachtoffers van het bombardement

Meest gelezen