5 tot 11 februari 1945: top van de Grote Drie eindigt in optimistische sfeer

In deze reeks geven we elke week een overzicht van de belangrijkste gebeurtenissen in het laatste jaar van de Tweede Wereldoorlog. In Jalta eindigt de top van de geallieerde leiders. De Duitsers raken in Oost-Pruisen steeds meer in het nauw. En in België valt de regering-Pierlot.  

In Jalta, op de Krim, is de top tussen Stalin, Roosevelt en Churchill afgelopen.

Na een week vergaderen is er geen over­eenstemming over alle wrijvings­punten tussen de Grote Drie. Maar toch was de sfeer op het einde optimistisch. Geruchten dat de grote coalitie tegen Hitler uit­een zou vallen - waar de nazi's hardop van dromen - zijn de kop ingedrukt.

De Amerikaanse president Roosevelt is best tevre­den. De Sovjets zullen Japan aanvallen als de strijd in Europa voorbij is. Dat kan het leven van honderdduizenden Amerikaanse soldaten sparen.

Ook wordt de Sovjet-Unie lid van de Verenigde Naties, het stokpaardje van Roosevelt. Hij heeft Sovjetleider Stalin toegezegd dat de grote mogendheden in de Verenigde Naties een vetorecht krijgen voor alle belangrijke aangelegenheden. 

De Amerikaanse legerkrant 'The Stars and Stripes" geeft de portretten van (v.l.n.r.) Stalin, Churchill en Roosevelt, met de kop "'Grote  3' stippelen overwinningscampagne uit op de Zwarte Zee-conferentie". Jalta is een badstad  aan de Zwarte Zee.

Stalin heeft wel een prijs gevraagd en gekregen voor zijn deelname aan de oorlog tegen Japan. De Sovjet-Unie krijgt de gebieden terug die Rusland in 1905 aan Japan heeft moeten afstaan, met inbegrip van de vroegere Russische belangen in China. De Chinezen, die meer dan wie ook tegen Japan strijden, zijn hierover niet geraadpleegd.

Over de toekomst van de landen in Oost­- en Midden-Europa is in Jalta een ver­klaring opgesteld waarin staat dat daar vrije verkiezingen moeten komen. Maar het is de Sovjet-Unie, die deze landen nu bezet, die de verkiezingen moet organi­seren.  De Britse premier Churchill is daar niet gerust in.

Over Polen is beslist dat de aldaar door Moskou ingestelde regering zal worden “gereorganiseerd” zodat ook leden van de "oude" Poolse regering in Londen eraan kunnen deelnemen.

De oostelijke delen van het vooroorlogse Polen gaan naar de Sovjet-Unie. Polen zal schadeloos worden gesteld met stukken van Duitsland. De precieze grenzen zullen later worden afgebakend.

Een zitting van de conferentie van Jalta. Stalin zit links achter de tafel. Roosevelt tweede van rechts achter de tafel, met links van hem zijn minister van Buitenlandse Zaken Edward Stettinius. Churchill zit vooraan rechts, met sigaar. Helemaal rechts staat de Britse minister van Buitenlandse Zaken Anthony Eden. (NARA)

Wat Duitsland betreft, herhalen de Grote Drie dat het onvoorwaardelijk moet capituleren. Het zal worden gedemilitariseerd en “gedenazificeerd”. 

De Duitsers zullen schadevergoedingen moeten betalen, mogelijk in natura of door arbeid, maar het bedrag daarvan zal later worden bepaald door een commissie. Stalin heeft zeer zware schade-eisen gesteld, maar Churchill wil niet dat Duitsland economisch wordt geruïneerd.

Over de toekomst van het Duitse Rijk moet nog worden gepraat, maar voorlopig zal het worden opgedeeld in vier bezettingszones, onder toezicht van een geallieerde controleraad.

Naast de Sovjets, Britten en Amerikanen zullen ook de Fransen een zone besturen. Daardoor wordt Frankrijk als grote mogendheid erkend, iets waar Churchill op aangedrongen heeft. De Britse premier wil dat een sterk Frankrijk op het Europese vasteland een tegengewicht vormt voor de toegenomen macht van de Sovjet-Unie, nu Duitsland als mogendheid uitgeschakeld wordt.

De Franse leider generaal de Gaulle heeft openlijk zijn ongenoegen geuit dat hij niet was uitgenodigd in Jalta. Hij waarschuwde de Grote Drie dat zij hun wil niet aan Frankrijk moeten opdringen. 

Karikatuur van Bernard  Partridge : de Grote Drie als artsen van de zieke wereld.

Geallieerde aanval aan Nederlands-Duitse grens

Nabij Nijmegen is de Brits-Canadese legergroep van veldmaarschalk Montgomery een aanval in het Nederlands-Duitse grensgebied langs de Rijn begonnen.

Britse troepen in het Reichswald op 8 februari

In de vroege ochtend van 8 februari openden 1034 kanonnen het vuur in de richting van het Reichswald. Dat prachtige dennenbos is in enkele uren op veel plaatsen herleid tot een troosteloze vlakte van verkoolde stompen.

Meteen daarna begon een opmars in de richting van de stad Kleef, even over de Duitse grens. De felle regen maakt de velden tot modderpoelen. Ondanks zware tegenstand zijn de geallieerden tot in Kleef doorgedrongen, een stad die door recente bombardementen al zwaar verwoest was. 

De Gordon  Highlanders bij hun intocht in Kleef, gesteund door een Churchill-tank.

Deze Operatie Veritable, die de bedoeling heeft de Duitse troepen in het grensgebied van de linkeroever van de Rijn te verdrijven, was al veel eerder gepland. Door het Ardennen­offensief en het winterweer kon ze pas nu plaatsvinden.

Amerikaanse tegenslag aan de Roerdammen

Het Eerste Amerikaanse Leger van generaal Hodges is in de Eifel doorgedrongen tot de stuwmeren van de rivier de Roer, niet ver over de Duits-Belgische grens.

Het was een zware tocht door het dichte en besneeuwde woud voorbij Monschau. Aan de dammen wordt nog fel gevochten.

Water stroomt uit een gesaboteerde klep van de Roerdam.

De Duitsers zijn er tijdens de aanval in geslaagd de kleppen van de dammen te vernielen, zodat het water wegstroomt en de rivier buiten haar oevers treedt.

Het stuk Duitsland dat de Amerikanen al veroverd hebben, loopt tot aan de Roer. De geplande oversteek (Operatie Grenade) van de Roer, die zou samenvallen met de aanval in het noorden (Operatie Veritable), moet nu worden uitgesteld. 

Kaart van de twee geallieerde offensieven in het Reichswald (geel) en aan de Roer (groen). De Roer vormde begin februari een belangrijke barrière.

Duitsers steeds meer in het nauw in Oost-Pruisen

Het Rode Leger dringt steeds verder door in Oost-Pruisen, het meest oostelijke deel van Duitsland.

Vrijwel het hele binnenland is al in Russische handen. Enkele Duitse legerafdelingen houden stand in de kustgebieden. Hun opdracht is even simpel als uitzichtloos: standhouden tot elke prijs. 

Vooroorlogse kaart van het vroegere Oost-Pruisen. Het Frisches Haff ligt linksboven.

Het Vierde Duitse Leger verdedigt de streek ten zuiden van het Frisches Haff, de grote lagune voor de kust. Het moet ook daar wijken voor de Russische overmacht.  

De stad Frauenburg (Pools: Frombork) viel op 9 februari. De dag daarop capituleerde de ingesloten stad Elbing (Pools: Elbląg). De bevelhebber van het Vierde Leger had nog voorgesteld om via het belegerde Elbing naar het westen uit te breken, maar Hitler had dat verboden. Alle hoop op een uitbraak is nu verkeken.  

Leden van de Volkssturm met een machinegeweer in Oost-Pruisen. (Bundersarchiv)

Meer naar het oosten houdt het Derde Pantserleger - of wat daarvan over is - stand voor de Oost-Pruisische hoofdstad Koningsbergen (Königsberg, thans de Russische stad Kaliningrad).

Daarnaast verdedigt een afzonderlijk Duits legerkorps Sarmland, het schiereiland ten noorden van Koningsbergen. Het wordt vanuit zee gesteund door het vuur van Duitse oorlogsschepen.  

Vrouwelijke scherpschutters van het Rode Leger in een stadje in Oost-Pruisen. Samen zouden ze 2000 Duitsers hebben gedood.

Ondanks deze weerstand zijn de Sovjets erin geslaagde de smalle landengte naar de havenstad Pillau (nu de Russische stad Baltisk) te veroveren, zodat die van het vasteland is afgesneden.

Pillau is de enige beschikbare haven voor de bevoorrading van Koningsbergen en de evacuatie van gewonden en burgers. De haven is nu alleen over het ijs van het bevroren Frisches Haff te bereiken, hetgeen de meeste vluchtelingen dan ook doen. Meer dan een miljoen inwoners zijn op de vlucht en kunnen alleen via de zee ontsnappen. 

Vluchtelingen op de kade in Pillau. (Bundesarchiv)

Tienduizenden mensen staan voortdurend in Pillau te wachten om ingescheept te worden. 

Het weghalen van vluchtelingen is overigens geen prioriteit voor de nazi’s. Op bevel van Hitler moet de Duitse marine zich in de eerste plaats bezighouden met de bevoorrading van de op land afgesneden troepen in Oost-Pruisen en Letland. De brandstofvoorraden voor de schepen zijn immers beperkt. 

Inscheping van vluchtelingen in Pillau. (Bundesarchiv)

Een nieuwe grote catastrofe met vluchtelingen deed zich voor op 9 februari met de oceaanstomer Steuben, die propvol geladen uit Pillau was vertrokken. Kort voor middernacht werd de Steuben getroffen door twee torpedo’s en zonk in twintig minuten.

Aan boord waren er zo’n 200 bemanningsleden en 4.000 geregistreerde passagiers, waaronder 2.800 gewonde Duitse militairen. Maar men schat dat nog meer dan duizend vluchtelingen op het schip waren gestapt. Daarvan zijn er meer dan 4000 omgekomen. De grootste scheepsramp ooit sinds die met de Wilhelm Gustloff, amper elf dagen eerder.

Paraguay verklaart oorlog aan Duitsland

Het Zuid-Amerikaanse land Paraguay heeft op 8 februari de oorlog aan Duitsland verklaard. Dat betekent weinig voor het verloop van de oorlog, maar het is opmerkelijk, omdat in het land veel pro-Duitse gevoelens leven.

Een groot deel van de Paraguayaanse bevolking is van Duitse afkomst. Er wordt nog heel wat Duits gesproken en de eerste afdeling van de nazipartij in Zuid-Amerika werd er gesticht. Er is ook een invloedrijke Japanse kolonie. 

Generaal Higinio Morínigo, die sinds 1940 president is van Paraguay en een dictatoriaal bewind voert, genoot steun van rechtse groeperingen die pro-Duits en openlijk nazigezind zijn. 

Maar Morínigo kiest om begrijpelijke redenen het kamp van de overwinnaars. Paraguay onderschrijft voortaan de Verklaring van de Verenigde Naties zodat het kan deel uitmaken van de nieuwe internationale organisatie die in de maak is. 

Generaal Higinio Morínigo, dictator van Paraguay van 1940 tot 1947.

De Verenigde Staten hebben sinds eind 1941 de Latijns-Amerikaanse landen aangezet om hun kant te kiezen in de oorlog. Ze beloofden daarvoor militaire en economische hulp.

Maar alleen de kleine landen van Midden-Amerika, die erg ondergeschikt zijn aan Washington, verklaarden meteen de oorlog. De andere landen verbraken vaak wel de diplomatieke en economische relaties met Duitsland en Japan. Paraguay deed dat in 1942, hoewel er informeel banden met nazi's bleven bestaan. 

Braziliaanse militairen begroeten burgers bij de bevrijding van de Italiaanse stad  Massarosa in september 1944.

In 1942 kozen Mexico en Brazilië de kant van de geallieerden, nadat een aantal van hun schepen door Duitse onderzeeërs waren getorpedeerd. Chili, Bolivia en Colombia volgden in 1943. Zes dagen voor Paraguay verklaarde ook Ecuador de oorlog aan Duitsland.

In de zuidelijke landen van Zuid-Amerika (Argentinië, Chili, Paraguay) wonen veel Duitse immigranten, waaronder nogal wat rijke zakenlui. De Duitse invloed is er groot en er was ook een groot Duits spionagenetwerk actief, dat intussen vrijwel overal opgerold is. 

Chileense nazi's (leden van de Movimiento Nacional Socialista de Chile) worden weggevoerd nadat ze in 1938 een mislukte staatsgreep hebben gepleegd.

De deelname aan de oorlog beperkt zich voor de meeste landen tot het in beslag nemen van Duitse goederen en het patrouilleren van oorlogsschepen tegen U-boten.

Sommige landen laten hun onderdanen toe om in het VS-leger dienst te nemen. Alleen Brazilië heeft een eigen troepenmacht ingezet. Die vecht aan het Italiaanse front.

Globaal profiteert Zuid-Amerika wel van de oorlog, vanwege de sterk gestegen vraag naar grondstoffen en landbouwproducten. 

De "Azteekse Adelaars", een Mexicaans eskader dat met de Amerikaanse luchtmacht meevocht in de Stille Oceaan en deelnam aan de bevrijding van de Filipijnen.  Het was de enige  Mexicaanse militaire eenheid die ooit werd ingezet buiten Mexico.

Joden van Theresienstadt naar Zwitserland

Op 5 februari zijn 1200 Joodse gevangenen uit het getto van Theresienstadt overgebracht naar het neutrale Zwitserland.

De overwegend Duitse en Nederlandse Joden maakten de reis in comfortabele slaapwagens. De Jodensterren op hun kleren moesten ze bij hun vertrek afgeven.

Joodse organisaties hebben voor die vrijlating 5 miljoen Zwitserse frank op een speciale bankrekening overgemaakt.  

Joden die uit Theresienstadt zijn vrijgelaten krijgen een warme maaltijd in een schoolgebouw in de Zwitserse stad Sankt Gallen (USHMM).

Deze operatie werd geregeld door Jean-Marie Musy, een vooraanstaand Zwitsers politicus met pro-Duitse sympathieën, die SS-leider Himmler persoonlijk kent. Hij handelde namens een paar Zwitserse Joden. Een van hen is Recha Sternbuch, die al eerder het leven van duizenden Joden heeft gered, onder meer door ze naar Zwitserland te smokkelen. 

Jean-Marie Musy
ullstein bild - RDB

Theresienstadt (Tsjechisch: Terezín) is een Tsjechisch vestingstadje dat door de SS is ingericht als getto en doorgangskamp naar de vernietigingskampen.

In 1944 werd het getto helemaal “opgeschoond” omdat er een delegatie van het Internationaal Comité van het Rode Kruis op bezoek kwam. De bijna 40.000 gevangenen kregen toen betere huisvesting, eten en kleding, om een goede indruk te geven.

Maar 7500 anderen die te ziek of te zwak waren om getoond te worden, werden naar Auschwitz gestuurd. Na het bezoek van het Rode Kruis in juni werden er nog eens 18.000 gedeporteerd. 

De overgeblevenen zijn ondertussen aangevuld met gevangenen die uit het bevrijde Slowakije zijn weggehaald en met enkele duizenden Duitse Joden die nog vrij in Duitsland mochten blijven wonen omdat ze een "Arische" echtgeno(o)t(e) hadden, maar nu ook opgepakt zijn.  

Karikatuur van de Tsjechisch-Joodse gevangene Bedřich Fritta over de façades die werden opgetrokken bij het bezoek van het Internationale Rode Kruis om de gruwelijke werkelijkheid van Theresienstadt te verbergen.  Hij en andere tekenaars werden meteen naar Auschwitz gevoerd toen de SS enkele van dergelijke tekeningen ontdekte.

De nu vrijgelaten gevangenen in Zwitserland kunnen getuigen dat de toestanden in Theresienstadt veel erger zijn dan wat de Rode Kruis-delegatie kon rapporteren. Tienduizenden stierven er door honger en ziekten. 

Verzorging van oudere uit Theresienstadt vrijgelaten Joden in Sankt Gallen (USHMM)

Regering-Pierlot valt in een sfeer van ongenoegen

In België heeft premier Pierlot het ontslag van zijn regering bij de prins-regent aangeboden.

Nu het Ardennenoffensief en de angst voor een nieuwe Duitse invasie voorbij zijn, zijn de spanningen in de Belgische politiek weer toegenomen.

Vorige week dreigde het socialistische partijbureau met een regeringscrisis. Dat gebeurde na een teleur­stellend gesprek van een socialistische delegatie met de eerste minister.

De socialisten wilden een herschikking van het kabinet, zodat het krachtiger kon optreden om de zware economische en sociale problemen aan te pakken. De stroeve en koppige Pierlot weigerde.  

Pierlot toen hij in september 1944 in Londen op het vliegtuig stapte om naar België terug te keren.
2015 Getty Images

De crisis verloopt in een sfeer van ongenoegen over de regering, waarin "Londense" ministers als Pierlot nog steeds sleutelposten bezetten. De eerste minister heeft bovendien de reputatie traag en besluiteloos te zijn.

Het ongenoegen wordt gevoed door de slechte toestand in het land. Er heerst een tekort aan voedsel en brandstof. Veel gezinnen ontvangen niet eens het povere quotum van 250 kg kolen waar ze per maand recht op hebben, en dat met de grote winterkou van de voorbije weken. De miserie heeft al geleid tot betogingen en stakingen. 

Het Belgische Rode Kruis deelt dekens uit in Houffalize, dat verwoest werd in de Ardennenslag.

Pierlot heeft op 6 februari in de Kamer geantwoord op de kritiek. Hij schoof de schuld door naar anderen. Ook naar de geallieerden, die beslag leggen op een groot deel van de Belgische kolenproductie, terwijl er in de havens maar weinig wordt ingevoerd voor de Belgische bevolking. 

De dag daarop moest een vertrouwensstemming in de Kamer plaatsvinden. Maar Pierlot hield de eer aan zichzelf en diende net daarvoor zijn ontslag in. 

De Luxemburgse katholiek Hubert Pierlot (61) was zes jaar onafgebroken premier, waarvan vier jaar in Londen. Meteen na de bevrijding werd hem (tegen zijn zin) gevraagd opnieuw een regering van nationale eenheid te leiden. Die heeft het geen vijf maanden uitgehouden.