De uilen in onze streek hebben dit jaar voor minder nakomelingen gezorgd dan andere jaren volgens de Uilenwerkgroep Vlaams-Brabant en Limburg. Door de hevige regenval zijn de nesten kleiner dan normaal.
Uilen in Vlaams-Brabant kregen minder jongen dan andere jaren: “Hevige regenval is de oorzaak”
Het jaarlijkse uilen en torenvalken ringen zit er weer bijna op. Naar jaarlijkse gewoonte gaan verschillende uilenwerkgroepen dan uilen ringen. De Uilenwerkgroep Vlaams-Brabant en Limburg is gespecialiseerd in de bosuil, steenuil, kerkuil en torenvalk.
Dit jaar viel het de Uilenwerkgroep Vlaams-Brabant en Brussel op dat de nesten overal eerder klein waren. “Een nest met normaal zo’n 7 of 8 jongen had er nu gemiddeld maar tussen de 2 en 4”, zegt André Vanmarsenille, ringer in Landen en Limburg.
De oorzaak daarvoor is de hevige regenval dit jaar. Door de regen zijn er weinig verrotte noten, waardoor er ook weinig knaagdieren zijn. Dat betekent dus dat er minder voedsel is voor de roofvogels. Daarnaast worden velden en percelen door het regenweer niet gemaaid, waardoor de grassen hoog komen te staan. Dat maakt het moeilijker voor de roofvogels om te jagen.
Nu worden de jongen dan vooral gevoed met insecten, zoals wormen en kevers, maar normaal eet een jong tussen de 3 tot 8 muizen per nacht. Om minder jongen te moeten voeden, zorgen de uilen er dus voor dat ze minder nakomelingen krijgen. “Maar het kan zijn dat als het weer wat mee wil, de kerkuil tegen de late zomer nog een 2e keer zal broeden”, besluit André.
Regionaal nieuws uit Brussel en Vlaams-Brabant

