Er zijn meer fietsers, maar dat is "ondanks het beleid" en niet "dankzij het beleid"

Er zijn meer fietsers in Vlaanderen en Brussel. Maar als de Fietsersbond de analyse maakt voor Vlaanderen en Brussel, dan meent de organisatie dat dat eerder "ondanks het beleid" is in plaats van "dankzij het beleid". Van een echt fietsklimaat is er hier geen sprake, klinkt het. De Fietsersbond doet dan ook enkele voorstellen om alsnog tot dat fietsklimaat te komen.

opinie
copyright © Mikaël Falke Photography
Wies Callens
Wies Callens is beleidsmedewerker en woordvoerder van de Fietsersbond

Ondanks het snel groeiend aantal fietsers groeien de investeringen van de overheid lang niet mee. Volgens de Fietsersbond is het nochtans noodzakelijk om meer mensen voor de fiets te doen kiezen: want hoe meer fietsers, hoe meer de autodruk verlaagt, de leefbaarheid en verkeersveiligheid verhogen én het klimaat verbetert.

De Fietsersbond heeft alvast drie concrete voorstellen aan de beleidsmakers om dit te realiseren: trek het investeringsbudget voor fietsinfrastructuur in Vlaanderen op van 138 naar 500 miljoen euro per jaar, geef alle fietsers veilig groen en realiseer een echt fietsroutenetwerk. Minimale ingrepen, als de overheid wil gaan voor een echt fietsklimaat.

Een echt fietsklimaat in Vlaanderen en Brussel? Nog niet echt

De koers is van ons, daarover zijn we het allemaal eens en in de komende weken zal dat alleen nog maar meer duidelijk worden. Het openingsweekend zit erop, de heilige koersweek komt eraan, Vlaanderen fietst over de kasseien en de nijdige hellingen.

Deze zomer start het grootste wielerfeest van het jaar bovendien in Brussel. Le Grand Départ op 6 juli is een reden om het fietsklimaat van Brussel in de komende maanden extra in de verf te zetten. Het gaat dus goed in Vlaanderen en Brussel met de fiets, toch?

De cijfers tonen het aan: het aantal fietsers groeit. En dan spreken we vooral over de functionele fietsers. In Brussel is het aantal fietsers in vijf jaar tijd verdubbeld. In Vlaanderen stijgt het aandeel van de fiets in de woon-werkverplaatsingen en ook opnieuw het aantal woon-schoolverplaatsingen. Dat deze groei ook een grote nood aan goede en meer fietsinfrastructuur betekent, lijkt evident.

De jubelende boodschap die door de minister(s) graag en veelvuldig verspreid wordt, luidt dan ook: “Nooit eerder werden er zoveel middelen geïnvesteerd in fietsinfrastructuur.” Het netwerk van de fietssnelwegen in Vlaanderen ligt vast. Overal worden nieuwe stukken fietsostrade opgeleverd. In Brussel wordt eindelijk werk gemaakt van de realisatie van het Fiets-GEN. Meer investeringen, meer afgescheiden fietspaden - en dus meer fietsers. Het principe “build it and they will come”, perfect toegepast?

Meer fietsers dankzij of ondanks het gevoerde beleid?

Hoe komt het dan toch dat heel wat fietsers nog steeds af te rekenen hebben met onveilige situaties? Waarom blijft het aantal letselongevallen bij fietsers de laatste jaren stabiel en daalt het niet? Is het toeval dat “moordstrookje” verkozen werd tot woord van het jaar 2018?

Zeker, er zijn meer fietsers. De overheid heeft belangrijke investeringen gedaan en zet stappen vooruit. Maar als we de analyse maken voor Vlaanderen en Brussel, dan moeten we eerlijk zijn en zeggen dat het eerder ondanks het beleid is, dan dankzij het beleid. Van een echt fietsklimaat is er noch in Vlaanderen, noch in Brussel echt sprake.

Is het beter fietsen in Brussel dan 6 jaar geleden?

Je kan er niet naast kijken, overal (of toch bijna overal) langs de kleine ring verschijnen afgescheiden fietspaden. Eindelijk veilig fietsen. Behalve op die verdomde kruispunten (Sainctelette, iemand?) en monsterlijke ronde punten (Montgomery, iemand?). Er is een netwerk van Gewestelijke Fiets Routes (GFR), maar echt afgerond raakt dat hele netwerk nog lang niet. Fietsroutes lopen nog niet altijd veilig van A naar Z. 

En daar knelt het schoentje. De autodruk blijft in het Brusselse Gewest bijzonder hoog. Als fietser is je dagelijkse route vaak eerder een hindernissenparcours. Je fietst in Brussel slalommend tussen geparkeerde wagens op je fietspad en te snel rijdende chauffeurs die je toch maar net de pas afsnijden om die vijf seconden sneller op de bestemming te raken. 

We zagen gisteren in de "Pano"-reportage heel wat bekende fenomenen. Situaties die voor fietsende Brusselaars niet nieuw zijn, maar jammer genoeg dagelijkse realiteit.

Dat burgers zich groeperen om de verkeersveiligheid te stimuleren is niet nieuw. Al meer dan 20 jaar engageren heel wat vrijwilligers van de Fietsersbond zich om samen te ijveren voor een fietsvriendelijke gemeente. In Brussel, maar ook in Vlaanderen.

Is het beter fietsen in Vlaanderen dan 6 jaar geleden?

Er zijn twee factoren die een grote impact hebben op de mobiliteit in Vlaanderen: onze ruimtelijke ordening (of liever verrommeling) en het gulle gebruik van salariswagens (en vooral de bijhorende tankkaart). Er zijn steeds meer auto’s, waarmee we met zijn allen steeds langer en steeds vaker in de file staan. Voor velen is dat een reden om op zoek te gaan naar alternatieven. En dan is de fiets, zeker met de opkomst van de elektrische variant (en de snellere versie, de speedpedelec) een waardig alternatief.

De ruimtelijke ordening en het gebruik van salariswagens: twee factoren die grote impact hebben op de mobiliteit in Vlaanderen

Meer fietsers dus, alleen moeten die jammer genoeg op een fietspaden­netwerk dat niet afgewerkt is, omdat de fietssnelwegen vaak enkel nog op papier blijken te bestaan. Boven alles hebben onze fietspaden niet genoeg capaciteit om alle verschillende soorten fietsen en snelheden op een veilige manier te laten fietsen. Er is wel een fietspadennetwerk, maar het is vaak niet op elkaar aangesloten noch gericht op echte routes tussen gemeente, gewest en provincie.

Het klopt natuurlijk dat infrastructuurprojecten veel tijd en geld kosten. En toegegeven: de Vlaamse minister heeft zijn best gedaan om meer middelen vrij te maken. De vraag is wel hoe historisch die 138 miljoen euro aan fietsinfrastructuur die vastgelegd is in 2018 echt is. Want als we naar de lijst van investeringen kijken, is het niet altijd even duidelijk of al die projecten nu echt wel fietsinfrastructuur zijn. Volgens de Fietsersbond wordt het aandeel fiets nogal arbitrair en te hoog ingeschat: leg ons eens uit hoe 30 procent van een bodemsanering een "investering in fietsinfrastructuur" is? Of een onteigening zelfs 100 procent en een archeologisch onderzoek 30 procent?

Niettemin gaf de minister zelf al aan dat er nog meer middelen nodig zijn. Dat kan de Fietsersbond alleen maar beamen.

In de ban van de Ring(en)

“De schup gaat in de grond!” - nog een geliefde quote van onze Vlaamse minister. En dat is ook duidelijk te merken. We lijken het nog niet helemaal echt te beseffen: de komende jaren zullen we geconfronteerd worden met heel wat ingrijpende infrastructuurwerken rond Antwerpen en Brussel. 

De aanpassingen lijken nodig, maar een “modal shift” is nog belangrijker: mensen verleiden om de auto vaker te laten staan en de fiets of het openbaar vervoer te nemen. Maar dan moet het alternatief ook aantrekkelijk zijn. Waarom zou je je auto laten staan als je in de plaats geen veilige en comfortabele fietsinfrastructuur kan gebruiken?

Nog te vaak is de doorstroming van de auto belangrijker dan die van de fiets

Dat is het Vlaamse beleid: te veel "en-en", nog te veel gericht op de auto. Het roer moet om. Nog te vaak is de doorstroming van de auto belangrijker dan die van de fiets en -onbegrijpelijk en met tragische gevolgen vandien- soms belangrijker dan de verkeersveiligheid voor fietsers en voetgangers. Dat getuigen de na vele jaren nog niet aangepaste "zwarte kruispunten" en "moordstrookjes" op onze wegen die voor veilig fietspad moeten doorgaan.

Voorstellen voor een echt fietsklimaat

De conclusie: zowel in het Brussels Gewest als in Vlaanderen is er deze legislatuur verbetering merkbaar voor fietsers, maar we kunnen lang nog niet spreken van een geïntegreerd fietsbeleid. Laat staan van een echt fietsklimaat -wat nodig is als we de autodruk willen verlagen, de leefbaarheid en verkeersveiligheid verhogen én het klimaat verbeteren. En dat wil iedereen, toch?

De Fietsersbond heeft daarom een uitgebreid voorstellenpakket uitgewerkt met zeer concrete speerpunten voor de komende legislatuur en voor elk beleidsniveau, om tot een echt fietsklimaat te komen, zoals bijvoorbeeld:

  • Trek het investeringsbudget voor fietsinfrastructuur in Vlaanderen op tot 500 miljoen euro per jaar.
  • Geef fietsers veilig groen. Maak het onmogelijk dat groen voor de fietser nog een conflict kan opleveren met rechts afdraaiende wagens en vrachtwagens.
  • Veralgemeen de zone 30 in de bebouwde kom, 50 km per uur kan op grote assen als uitzondering, maar de regel moet de 30 km per uur worden. En dwing het ook af door de inrichting van de straten en door doorgedreven snelheidscontroles.
  • Realiseer een echt fietsroutenetwerk, zodat woon-werk- en woon-schoolverkeer met de fiets voor zoveel mogelijk mensen de vanzelfsprekende keuze wordt.
Video player inladen...

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.