Koningin Elisabeth, die haar naam gaf aan de prestigieuze muziekwedstrijd, is vandaag 150 jaar geleden geboren. Wie was deze eigenzinnige en bruisende vrouw die in 1937 aan de wieg stond van deze prestigieuze wedstrijd? Van tjilpende vogels tot klassiek, waar begon haar passie voor muziek?
Koningin Elisabeth werd 150 jaar geleden geboren: hoe haar ontembare passie leidde tot een prestigieuze wedstrijd
Elisabeth Gabriëlle Valerie Marie Wittelsbach wordt op 25 juli 1876 geboren, niet ver van München (Duitsland), als dochter van Karel-Theodoor en Marie-José van Bragança.
Vader is hertog in Beieren, moeder stamt af van de Portugese koninklijke familie.
Elisabeth groeit op met 2 zussen, 2 broers en 1 halfzus, in kastelen omgeven door natuur. Haar doopmeter is Elisabeth van Oostenrijk, beter bekend als de legendarische keizerin Sissi.
Vader Karel-Theodoor is naast wetenschapper (hij was oogarts) en filosoof ook een cultuurmens in hart en nieren.
Hij speelt zelf piano, organiseert in zijn gemeente kamermuziekconcerten en reist om contacten te leggen, onder meer met de bekende componist Johannes Brahms. De deuren van zijn kastelen staan altijd open voor kunstenaars.
Hij legt de lat hoog voor zijn gezin, zoals dat gaat in de 19e eeuw in de adel: er moet discipline zijn en er moet gestudeerd worden. De kinderen leren thuis meerdere talen en muziekinstrumenten bespelen.
Elisabeth wordt omschreven als een 'kwajongen' die fratsen durft uit te halen. Tenger, maar actief, levenslustig en stoutmoedig, klinkt het.
Ze houdt van paardrijden, kanovaren en klimmen. Op school zijn haar prestaties eerder "voldoende" tot "goed". Ze is een middenmoter.
Albert van België
In 1897 verliest Karel-Theodoor zijn zus Sophie in de brand van de Grand Bazar in Parijs. Op de begrafenis zijn Elisabeth en een zekere Albert van België aanwezig. Ze spot hem en is verkocht.
In een tijd waarin veel huwelijken worden gearrangeerd, is er hier sprake van liefde op het eerste gezicht, maar die komt voorlopig van 1 kant.
De jonge hertogin merkte de mooie jongeman op: ze vertelde aan haar vriendinnen dat ze met niemand anders dan met hem zou trouwen
Dochter Marie-José in de biografie van haar ouders (1971)
Albert is kroonprins en heeft eerst zijn zinnen gezet op een Franse prinses, Isabella van Orléans. Koning Leopold II vindt haar echter om politieke redenen en een vete geen geschikte kandidate.
Albert voelt de druk om te trouwen. Zijn zus regelt een ontmoeting met de zussen Wittelsbach. Marie-Gabriëlle bekoort, maar is al verloofd.
Na een 3e afspraakje wordt het Elisabeth, die Albert "in elk opzicht charmant" noemt. Alberts ouders zijn minder enthousiast: de familie uit Beieren behoort niet tot de rijke topadel en is best excentriek.
De prins houdt voet bij stuk en trouwt met Elisabeth in 1900. Uit het huwelijk volgen snel 3 kinderen: Leopold, Karel en Marie-José.
Muziek in donkere tijden
De regeerperiode van Albert en Elisabeth wordt gekenmerkt door de Eerste Wereldoorlog. Het koninklijke paar blijft in villa Maskens in De Panne tijdens de Duitse bezetting.
Elisabeth toont haar organisatietalent: ze reorganiseert het Rode Kruis en slaagt erin noodhospitalen op te zetten op slechts enkele kilometers van het front.
Eentje zelfs op wandelafstand van villa Maskens: het voormalige hotel L'Océan dat omgebouwd wordt tot een complex van 46 gebouwen.
Dat de koningin zich inzette als verpleegster, verwijst haar kleindochter Marie-Esmeralda graag naar het land der fabeltjes. De koningin bezoekt wel ontelbare keren gewonde soldaten, waarbij ze op hun bed zit en hen troost.
Troost is niet genoeg. Ze wil hen afleiding bezorgen en richt culturele activiteiten in. Of zoals haar goede vriend Albert Einstein het formuleert: "Alleen met muziek kunnen we donkere tijden overleven."
Het gaat om tientallen benefietconcerten met het orkest toepasselijk genaamd 'Symphonie Royale', in de hospitalen van De Panne, Beveren en Vinkem en in de Royal Albert Hall in Londen.
Tot het transport van de instrumenten toe regelt de koningin. Ze nodigt regelmatig topmuzikanten uit, onder wie de in Luik geboren Eugène Ysaÿe en de Brit Lionel Tertis.
We speelden 3 à 4 optredens in open lucht, in bouwvallige barakken of in tenten
De Engelse altviolist Lionel Tertis
Voor hun rol in de oorlog krijgen Elisabeth en Albert, als opperbevelhebber van het Belgische leger, in binnen- en buitenland een soort heldenstatus aangemeten.
Het opent - bovenop hun koninklijk prestige - nog meer deuren. Deuren die Elisabeth niet zal schuwen.
De voorloper: de Ysaÿe-wedstrijd
Na de oorlog, met de heropening van de zaal van het Brusselse conservatorium, is Elisabeth opnieuw sterk aanwezig in het concertleven.
Ze ontvangt voortdurend beroemde componisten en solisten bij haar thuis – eerst in De Panne en later op Stuyvenberg in Laken – om bij te praten én samen muziek te maken. Ze zijn vriend aan huis.
Violist Ysaÿe is een tijdje haar persoonlijke vioolleraar, maar geeft het strijkstokje door, omdat de koningin "verrukkelijk slecht" speelt.
In 1937 voert ze de droom van haar dan overleden vriend uit en roept, met gulle steun van Belgische industriëlen, de Internationale Wedstrijd Eugène Ysaÿe voor viool en piano uit.
Ysaÿe en Elisabeth deelden dezelfde ideeën: Belgische klassieke muziek verspreiden en het liefst naar een hoger niveau tillen.
Naar de editie van 1937 en 1938 zakken musici met wereldfaam af. Het is een daverend succes.
Alleen... de Russen overtreffen telkens hun collega's en zeker de Belgische virtuozen. Het stemt tot nadenken en de Muziekkapel Koningin Elisabeth wordt geboren. Doel: met een nieuwe aanpak het grootste talent van eigen bodem 'perfectioneren'.
Een loodzware opleiding, maar zonder zorgen over geld of andere beslommeringen in een afgeschermde omgeving, te midden van 3 hectare prachtig groen in Waterloo.
In 1951 verandert de naam van de Ysaÿewedstrijd in de Koningin Elisabethwedstrijd, als eerbetoon aan de voorzitster en initiatiefneemster.
Elisabeth zal tot op hoge leeftijd in een rolstoel het concours bijwonen. Telkens neemt ze uitgebreid de tijd voor kandidaten en juryleden.
De laatste keer is in 1964, een jaar voor haar dood. Pianist Jean-Claude Vanden Eynden is 16 en wint de 3e prijs. De Brusselaar wordt ontvangen voor een diner met zijn leraar Eduardo Del Pueyo op Stuyvenberg.
"Ze was fier op mijn 3e plaats", herinnert hij zich tot op de dag van vandaag. "En ze wilde een sigaretje na het diner", vertrouwt hij onze redactie toe.
Vanden Eynden noemt de koningin een visionair. "Ze had in 1964 een jurylid uitgenodigd dat later directeur werd van het conservatorium van Shanghai."
De vogels van Laken
In 1938 waagt de koningin zich aan een ander muzikaal experiment. Al jaren wandelt ze rond in de tuinen van Laken en hoort ze de vogels fluiten. Ze verdiept zich in hun gezang.
Elisabeth besluit het gezang op te nemen om soorten te ontdekken en te onderscheiden.
Ze schakelt het team van de Duitse geluidstechnicus Ludwig Koch in, dat wekenlang vooral 's nachts bezig is met opnames. De koningin wijkt niet van hun zijde.
Ze hield van vogels. Ze luisterde naar de wereld en het levende met dezelfde scherpte als de musici
Grégor Chapelle, CEO van de Muziekkapel
En ze helpt actief mee. Als een nachtegaal stopt met zingen, imiteert de koningin het diertje, zodat de vogel zijn fluitconcert voortzet. Het uiteindelijke resultaat: meer dan 200 grammofoonplaten.
Het eeuwige vuur
De liefde voor muziek wordt 1 keer onderbroken. Als koning Albert sterft, na een val van de rotsen van Marche-les-Dames, raakt Elisabeth haar viool niet meer aan.
Het jaar daarop slaat het noodlot opnieuw toe en verongelukt haar schoondochter, de immens populaire koningin Astrid.
Elisabeth begint opnieuw te spelen voor haar kleinkinderen Josephine-Charlotte, Boudewijn en Albert, die jong zonder moeder vallen.
Nadien is de herwonnen liefde ontembaar. De laatste 15 jaar voor haar dood woont ze constant repetities en concerten bij. Ze blijft zich bijscholen: ze trekt enkele keren per jaar naar Parijs om een week les te volgen bij meesterviolist Yvonne Astruc.
Reizen doet ze trouw naar Puerto Rico, naar de muziekwedstrijd van haar boezemvriend en cellist Pablo Casals. Elk jaar probeert ze ook Albert Schweitzer in het buitenland te bezoeken, een bekende Bachvertolker en organist.
Volgens kleindochter prinses Marie-Gabriëlle is het misschien die nieuwsgierigheid die Elisabeth op de been houdt.
Op 4 november 1965 wordt de koningin (89) getroffen door een hartaanval. Ze overlijdt later die maand. Naast haar sterfbed ligt op een tafeltje in Stuyvenberg, hoe kan het ook anders, haar geliefde Stradivarius.
Enkele geraadpleegde bronnen:
Koningin Elisabeth. Over pacifisme, pantheïsme en de passie voor muziek (Willem Erauw)
Albert & Elisabeth (Esmeralda van België en Christophe Vachaudez)
Elisabeth van België. Een ongewone koningin (Evrard Raskin)
De Muziekkapel Koningin Elisabeth (Michel Stockhem)
Dit artikel is al eens eerder verschenen in mei tijdens de Koningin Elisabethwedstrijd. Voor de 150e verjaardag van koningin Elisabeth bieden we het artikel opnieuw aan.


