Taal

Het taalgebruik verschilt per medium, net, genre en programma en volgens de rol van de spreker.

“Het volledige aanbod van de VRT moet worden gekenmerkt door kwaliteit, zowel naar inhoud, naar vorm als naar taalgebruik.” Zo staat het in de Beheersovereenkomst. De taal van de omroep is in de regel Standaardnederlands, maar andere taalvariëteiten kunnen soms ook. Het taalbeleid van de omroep staat in het Taalcharter, een leidraad voor alle VRT-medewerkers. Het beschrijft de rol van de VRT als uitdrager van verzorgd, helder en efficiënt taalgebruik en legt de eisen vast waaraan het taalgebruik moet voldoen.

Het VRT-Taalcharter stelt dat de VRT de norm voor de standaardtaal in Vlaanderen mee wil bepalen. De omroep heeft een stem in het taaldebat, maar hij is niet de enige normbepaler. De VRT houdt bijvoorbeeld rekening met de adviezen van de Taaltelefoon en Taaladvies.net, allebei adviseringsinitiatieven van de overheid.

Van alle VRT-medewerkers wordt verwacht dat zij in hun publieke uitingen en contacten aantrekkelijk, helder en correct de Nederlandse standaardtaal gebruiken. Onder ‘standaardtaal’ verstaat de VRT de taalvariëteit die taalbewuste sprekers in het publieke domein gebruiken wanneer zij bewust hun taal verzorgen.

Het taalgebruik verschilt per medium, net, genre en programma en volgens de rol van de spreker. Op Klara wordt anders gesproken dan op Ketnet, een journalist spreekt anders dan een dj. In de regel gelden voor informatieve content de strengste taaleisen.

De VRT werkt ook samen met externe experts (bv. als cocommentator) en programmamakers met een bijzondere competentie. Hun taalgebruik is een belangrijk kwaliteitscriterium, maar niet het enige: hun domeinexpertise gaat voor.

Fictie en humor zijn een aparte categorie. Daarin zijn, behalve op Ketnet, alle variëteiten van het Nederlands toegestaan, ook informele omgangstaal (‘tussentaal’) en dialect.

Gerelateerd